Betekenis van kind | Babel Free
kɪntDefinities
Voorbeelden
“Hij heeft als kind leren schaatsen.”
He learned how to ice-skate as a child.
“Mijn kinderen zijn intussen allemaal volwassen.”
My children are all adults by now.
“Deze kunstwerken zijn een kind van de moderne kunstbeweging.”
These artworks are a product of the modern art movement.
“Van lieverlede werd hij echter beschouwd als de 'vriend der kinderen'. In Nederland leest men over het St. Nicolaasfeest voor het eerst in het jaar 1360. De koorknaapjes in Dordrecht kregen er vrij voor. In optocht trokken zij door de stad en bedelden, met een smekend gebaar, hun bisschopsgeld bij elkaar. Maar in de zeventiende eeuw werd dit verboden!”
“Franse kinderen schreeuwen niet Terwijl Nederlandse moeders over het strand schallen: 'Kevin, hiieeerrr kooomeeen…’, praten Franse moeders alleen op gedempte toon met hun kinderen. Sterker nog; ik heb een heel gezin naast ons een hele dag lang alleen op fluistertoon met elkaar horen praten. Niemand viel uit zijn of haar rol. Heerlijk rustig. Waarom moeten wij eigenlijk altijd zo tetteren?”
“Zij laat haar kind bij de oppas achter.”
“Toen ook de kinderen mijn rare plan accepteerden stonden alle lichten ineens op groen.”
“Sommige mensen zijn een stelletje kinderen wanneer ze niet krijgen wat ze willen.”
ERK-niveau
A1
Beginner
Dit woord behoort tot de ERK A1-woordenschat — niveau beginner.
Dit woord behoort tot de ERK A1-woordenschat — niveau beginner.
Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free