HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← Dutch Dictionary
CEFR Level
C2

Dutch — Proficiency Vocabulary

2,000 words

Can understand with ease virtually everything heard or read.

# Word Type IPA Definition
1 compromis Zelfstandig naamwoord /ˌkɔm.proːˈmi/ overeenkomst waarbij de betrokken partijen concessies doen om tot een voor allen aanvaardbare oplossing te komen.
2 boekhouder Zelfstandig naamwoord /ˈbuk.ɦɑu̯.dər/ iemand die de inkomsten en uitgaven van een organisatie bijhoudt.
3 snacks Zelfstandig naamwoord /snɛks/ meervoud van het zelfstandig naamwoord snack.
4 daaronder Zelfstandig naamwoord, Bijwoord /ˌdaːrˈɔn.dər/ (Zelfstandig naamwoord).
5 gelieve Werkwoord /ɣəˈlivə/ aanvoegende wijs van gelieven.
6 galerie Zelfstandig naamwoord een ruimte waar kunstwerken, veelal schilderijen, uitgestald worden en te koop worden aangeboden.
7 brede Bijvoeglijk naamwoord /ˈbreː.də/ verbogen vorm van de stellende trap van breed.
8 kindertijd Zelfstandig naamwoord /ˈkɪn.dərˌtɛi̯t/ periode waarin men de leeftijd van een kind heeft.
9 karate Zelfstandig naamwoord /ˌkaːˈraː.tə/ Japanse gevechtsport.
10 aanbidden Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /aːmˈbɪdə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
11 elektronische Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van elektronisch.
12 antwoordapparaat Zelfstandig naamwoord /ˈɑnt.ʋoːrt.ɑ.paːˌraːt/ toestel dat automatisch een telefoongesprek opneemt en de beller de gelegenheid geeft een bericht achter te laten.
13 marina Zelfstandig naamwoord /ˌmaːˈri.naː/ een beetje ordinair meisje.
14 pin Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /pɪn/ een betalingssysteem waarbij er met een pinpas en pincode betaald wordt.
15 zwemt Werkwoord /zʋɛmt/ tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zwemmen.
16 transactie Zelfstandig naamwoord afdoening van een strafbaar feit van de lichte soort op voorstel van het Openbaar Ministerie, meestal via een door de ve…
17 tijgers Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord tijger.
18 verdronk Werkwoord enkelvoud verleden tijd van verdrinken.
19 vuurgevecht Zelfstandig naamwoord /ˈvyːr.ɣəˌvɛxt/ een strijd waarbij partijen elkaar beschieten met vuurwapens.
20 koninklijk Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord /ˈkoː.nɪŋ.klək/ betrekking hebbend op een koning, koningin, aan of bij hem, haar behorend, van hem, haar uitgaand.
21 flippen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈflɪpə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord flip.
22 minderjarige Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌmɪn.dərˈjaː.rə.ɣə/ iemand die jonger is dan een bepaalde leeftijd, en daardoor andere rechten en plichten heeft dan een volwassene.
23 lava Zelfstandig naamwoord /ˈlaː.vaː/ vloeibaar gesteente dat uit een vulkaan tevoorschijn komt.
24 klaarstaan Werkwoord /klaːrstaːn/ voor iemand ~: altijd bereid zijn iemand te helpen.
25 krankzinnige Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van krankzinnig.
26 doolhof Zelfstandig naamwoord /ˈdoːlɦɔf/ stelsel van paden of dwaalwegen, zodanig aangelegd dat men daarin moeilijk de weg kan vinden.
27 pass Zelfstandig naamwoord, Werkwoord schot naar een speler van hetzelfde elftal.
28 reservaat Zelfstandig naamwoord /ˌreː.sɛrˈvaːt/ grondgebied dat door een overheid aan een bevolkingsgroep (bijv. indianen) is toegewezen als verblijfplaats.
29 vlinders Zelfstandig naamwoord /ˈvlɪndərs/ een orde Lepidoptera van gevleugelde insecten. De orde van de vlinders is na de orden van de vliesvleugeligen, de tweevl…
30 ace Zelfstandig naamwoord /es/ bij tennis de opslag die de tegenpartij mist.
31 landde Werkwoord enkelvoud verleden tijd van landen.
32 eroverheen Bijwoord /ə.roː.vərˈɦeːn/ vervangt *over het heen, *over ze heen.
33 uitkleden Werkwoord /ˈœytkledə(n)/ overdrachtelijk iemand financieel zwaar benadelen.
34 prostituees Zelfstandig naamwoord /ˌprɔstityˈwes/ verouderde spelling of vorm van prostituees tot 1996.
35 cowboys Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord cowboy.
36 noteer Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van noteren.
37 deprimerend Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /depriˈmerənt/ onvoltooid deelwoord van deprimeren.
38 rotzooien Werkwoord /ˈrɔtsojə(n)/ ongepast beoefenen van het liefdesspel.
39 kikkers Zelfstandig naamwoord /ˈkɪkərs/ een orde Anura van een van de drie groepen van amfibieën, naast de salamanders (Caudata) en de wormsalamanders (Gymnophi…
40 rechtvaardigen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord (Zelfstandig naamwoord).
41 suggesties Zelfstandig naamwoord /sʏˈxɛstis/ meervoud van het zelfstandig naamwoord suggestie.
42 beschamend Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /bəˈsxaː.mənt/ (Zelfstandig naamwoord).
43 beroemdheden Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord beroemdheid.
44 kosmische Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van kosmisch.
45 sprongen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord sprong.
46 aangericht Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈaŋɣəˌrɪxt/ voltooid deelwoord van aanrichten.
47 bluft Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bluffen.
48 tegenslag Zelfstandig naamwoord /ˈteɣə(n)ˌslɑx/ het gebeuren van ongeluk.
49 perfectie Zelfstandig naamwoord /pɛrˈfɛk.si/ de staat van het perfect zijn.
50 schoften Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord schoft.
51 dreigement Zelfstandig naamwoord /ˈdrɛi̯.ɣəˌmɛnt/ woorden waarmee je iemand bang probeert te maken om een gewenst doel te bereiken.
52 ongelegen Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈɔŋɣəˌleɣə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
53 verbazend Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /vərˈbazənt/ onvoltooid deelwoord van verbazen.
54 tradities Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord traditie.
55 rijen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈrɛi̯.ə(n)/ in een rij plaatsen.
56 ongewoons Bijvoeglijk naamwoord partitief van de stellende trap van ongewoon.
57 motivatie Zelfstandig naamwoord /moː.tiˈvaː.(t)si/ enthousiasme voor een taak.
58 stick Zelfstandig naamwoord /stɪk/ een wietstick of joint (meestal stickie genoemd).
59 hemels Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord hemel.
60 vertrouwelijke Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van vertrouwelijk.
61 tasje Zelfstandig naamwoord /ˈtɑʃə/ verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord tas.
62 geschut Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ɣəˈsxʏt/ oorlogsmateriaal waarmee projectielen kan worden geschoten.
63 fictie Zelfstandig naamwoord /ˈfɪk.si/ niet op werkelijkheid berustende voorstelling die men als uitgangspunt aanneemt.
64 gelijkenis Zelfstandig naamwoord een verhaal dat een bepaalde relgieuze les presenteert door het met een bepaalde gebeurtenis te vergelijken.
65 beklimmen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /bəˈklɪmə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
66 dinosaurussen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord dinosaurus.
67 uitgehaald Werkwoord voltooid deelwoord van uithalen.
68 from Bijvoeglijk naamwoord
69 voogd Zelfstandig naamwoord /[voːxt]/ een door de ouder of de rechter benoemde persoon die zorgt voor de belangen van een minderjarige of een verlengd minderj…
70 overgegeven Werkwoord voltooid deelwoord van overgeven.
71 keurig Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord /ˈkørəx/ (Zelfstandig naamwoord).
72 procedures Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord procedure.
73 aannemer Zelfstandig naamwoord /ˈaːˌneːmər/ iemand die als beroep bouwopdrachten uitvoert entrepreneur/-euse mannelijk-vrouwelijk (de construction) (ɑ~tʀəpʀənɶʀ/-øz…
74 vervanging Zelfstandig naamwoord de plaatsinname van het andere.
75 kalf Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /kɑlf/ horizontale dorpel of regel tussen deur en bovenlicht.
76 jegens Zelfstandig naamwoord, Bijwoord, Voorzetsel /ˈjeɣəns/ tegenover envers à l'endroit de wantrouwen jegens je rivaal voelen éprouver de la méfiance envers son rival.
77 hallucinaties Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord hallucinatie.
78 Turk Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /tʏrk/ een inwoner van Turkije, of iemand afkomstig uit Turkije.
79 mina Zelfstandig naamwoord /ˈmina/ gewicht in de ordegrootte van een pond, een halve kilogram zoals in de oudheid gebruikt in Griekenland en het Midden-Oos…
80 afkoelen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɑfkulə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
81 hockey Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɦɔ.ki/ balspel waarbij twee elftallen de bal met een hockeystick in elkaars doel proberen te slaan.
82 wake Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈʋaː.kə/ een bijeenkomst om een overledene te herdenken.
83 shilling Zelfstandig naamwoord /ˈʃɪlɪŋ/ benaming voor de verschillende munteenheden gebruikt in Kenia, Oeganda, Somalië en Tanzania; Afrikaanse landen die vroeg…
84 waarnaar Bijwoord betrekkelijk: naar+wat naar+hetwelk:.
85 pauzeren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord (Zelfstandig naamwoord).
86 klonen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈkloː.nə(n)/ een identieke kopie van een levend wezen maken.
87 eiste Werkwoord enkelvoud verleden tijd van eisen.
88 meeslepen Werkwoord iets slepend met zich meenemen.
89 toepassing Zelfstandig naamwoord /ˈtuˌpɑ.sɪŋ/ een manier waarop iets gebruikt wordt.
90 aardbeien Zelfstandig naamwoord /ˈardbɛijə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord aardbei.
91 desnoods Zelfstandig naamwoord, Bijwoord /dɛsˈnoːts/ (Zelfstandig naamwoord).
92 penthouse Zelfstandig naamwoord /ˈpɛnthɑus/ appartement op de bovenste verdieping van een gebouw.
93 yankee Zelfstandig naamwoord /ˈjɛŋki/ Amerikaan uit het noordelijke deel van de Verenigde Staten.
94 geks Bijvoeglijk naamwoord partitief van de stellende trap van gek.
95 categorie Zelfstandig naamwoord /ˌkɑ.tə.ɣoːˈri/ een pagina met een overzicht van artikelen en/of andere pagina's, waarbij de pagina automatisch door het systeem samenge…
96 limousine Zelfstandig naamwoord /ˌli.muˈzi.nə/ verlengde luxueuze auto waarin meestal meer dan vier personen vervoerd kunnen worden.
97 bewaring Zelfstandig naamwoord /bəˈʋaː.rɪŋ/ opsluiting van verdachten.
98 nadeel Zelfstandig naamwoord /ˈnaː.deːl/ ongunstige eigenschap.
99 lade Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈlaː.də/ platte uitschuifbare bak in een meubelstuk, bedoeld als bergplaats van losse voorwerpen.
100 middelpunt Zelfstandig naamwoord /ˈmɪdəlˌpʏnt/ het punt dat tot alle punten op de omtrek dezelfde afstand heeft.
101 aanmerking Zelfstandig naamwoord /ˈaː(n)ˌmɛr.kɪŋ/ een afkeurende opmerking.
102 minderheid Zelfstandig naamwoord een groep die binnen een groter geheel in aantal minder dan de helft uitmaakt.
103 wegliep Werkwoord enkelvoud verleden tijd van weglopen.
104 judas Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈjy.dɑs/ Judas Makkabeüs, leider van de Joodse opstand tegen de Seleuciden in de 2e eeuw v.Chr. (1 Makk. en 2 Makk., bijv. 1 Makk…
105 afblazen Werkwoord /ˈɑvˌblaːzə(n)/ het teken geven dat iets niet doorgaat.
106 versla Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verslaan.
107 naaste Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈnaːs.tə/ fellow human, someone close to oneself (such as a neighbour, relative etc.).
108 opgeknapt Werkwoord /ˈɔpxəˌknɑpt/ voltooid deelwoord van opknappen.
109 saboteren Werkwoord /saːboːˈteːrə(n)/ belemmeren (uit protest).
110 toegeeft Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van toegeven.
111 gereageerd Werkwoord voltooid deelwoord van reageren.
112 zaden Zelfstandig naamwoord /ˈzadə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord zaad.
113 selectie Zelfstandig naamwoord /səˈlɛk.si/ het mechanisme waardoor bepaalde individuen of groepen slagen, waar anderen, in dezelfde situatie verkerend, falen, (->…
114 geschoren Werkwoord voltooid deelwoord van scheren.
115 amateurs Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord amateur.
116 laagste Bijvoeglijk naamwoord /ˈlaːxstə/ verbogen vorm van de overtreffende trap van laag.
117 venster Zelfstandig naamwoord /ˈvɛn.stər/ rechthoekig deel van een scherm waarin de werking van een bepaald programma te zien is (bij computers waarop een gebruik…
118 ingeslagen Werkwoord voltooid deelwoord van inslaan.
119 belandde Werkwoord enkelvoud verleden tijd van belanden.
120 aanbevolen Werkwoord /ˈambəvolə(n)/ voltooid deelwoord van aanbevelen.
121 verdoemd Werkwoord voltooid deelwoord van verdoemen.
122 chocolademelk Zelfstandig naamwoord /ʃoːkoːˈlaːdəmɛlk/ drank gemaakt van cacao, suiker en melk.
123 glijden Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɣlɛi̯.də(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
124 dorpje Zelfstandig naamwoord /'dɔrpjə/ verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord dorp.
125 creatieve Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van creatief.
126 claim Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /klem/ eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van claimen.
127 verdedigd Werkwoord voltooid deelwoord van verdedigen.
128 lachten Werkwoord meervoud verleden tijd van lachen.
129 vin Zelfstandig naamwoord /vɪn/ een zwemvin, gebruikt bij het snorkelen en duiken, onderdeel van een snorkeluitrusting en duikuitrusting.
130 adjudant Zelfstandig naamwoord /ˌɑ.djyˈdɑnt/ onderofficiersrang boven die van sergeant [1] en sergeant-majoor.
131 opgestaan Werkwoord /ˈɔpxəˌstan/ voltooid deelwoord van opstaan.
132 ingeschakeld Werkwoord voltooid deelwoord van inschakelen.
133 verlagen Werkwoord /vərˈlaː.ɣə(n)/ meervoud verleden tijd van verliggen.
134 medaillon Zelfstandig naamwoord een ovaal sieraad waarin meestal een afbeelding van een geliefd persoon zit.
135 beklaagde Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /bəˈklaxdə/ verbogen vorm van beklaagd, voltooid deelwoord van beklagen.
136 ontbrekende Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van ontbrekend, het onvoltooid deelwoord van ontbreken.
137 bont Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /bɔnt/ dierenhuid met vacht, pelswerk, dat als kleding dient.
138 exploderen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˌɛk.sploːˈdeː.rə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
139 cliché Zelfstandig naamwoord /kliˈʃeː/ beschrijving, uitdrukking of stijlfiguur, die te veel of fout gebruikt is, zodat het aan betekenis verloren heeft.
140 walg Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van walgen.
141 nederig Bijvoeglijk naamwoord /ˈneː.də.rəx/ een onderdanige houding aannemend.
142 huurt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van huren.
143 onderdrukken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˌɔn.dərˈdrʏ.kə(n)/ een wens, verlangen, uiting of ontwikkeling eventueel met geweld tegengaan.
144 posters Zelfstandig naamwoord /ˈpɔs.tərs/ meervoud van het zelfstandig naamwoord poster.
145 afgevallen Werkwoord voltooid deelwoord van afvallen.
146 camp Bijvoeglijk naamwoord /kɛmp/ hip doordat het eigenlijk lelijk of ouderwets is.
147 geachte Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van geacht.
148 gelach Zelfstandig naamwoord /ɣəˈlɑx/ het lachen; uiting van een vrolijke stemming.
149 voorschijn Zelfstandig naamwoord /ˈvorsxɛin/ toestand waarin iets naar buiten toe duidelijk wordt, situatie waarin duidelijk wordt dat iets aanwezig is.
150 q Zelfstandig naamwoord /ky/ hoofdletter van de q, de zeventiende letter van het alfabet.
151 tienduizend Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈtindœyzənt/ het getal 10000.
152 opgraven Werkwoord /ˈɔpˌxraːvə(n)/ een voorwerp uit de bodem naar boven halen.
153 handjes Zelfstandig naamwoord verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord hand.
154 ontwikkelingen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord ontwikkeling.
155 bestolen Werkwoord voltooid deelwoord van bestelen.
156 keizerlijke Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van keizerlijk.
157 suggereren Werkwoord /ˌsʏɣəˈreːrə(n)/ voorstellen; een suggestie doen; een tip of alternatieve methode geven.
158 zaag Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /zaːx/ een stuk gereedschap met een scherp getand metalen blad om voorwerpen in stukken te verdelen.
159 brigade Zelfstandig naamwoord /ˌbriˈɣaː.də/ legereenheid van 3000 tot 4000 man, verdeeld in een aantal bataljons met aan het hoofd een brigadegeneraal.
160 rib Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /rɪp/ elk van de platte, boogvormige beenderen die de borstkas omsluiten.
161 voldoening Zelfstandig naamwoord /vɔlˈdunɪŋ/ tevredenheid.
162 sterling Zelfstandig naamwoord aanduiding dat het gaat om de volle som (pond sterling).
163 heengaat Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van heengaan.
164 straalt Werkwoord /stralt/ tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van stralen.
165 essentie Zelfstandig naamwoord /ˌɛˈsɛn.si/ de manier van zijn in het algemeen, dat wat een entiteit wezenlijk is.
166 zen Zelfstandig naamwoord vorm van boeddhisme die sterk de nadruk legt op concentratie-meditatie.
167 levendig Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord /ˈleːvəndəx/ (Zelfstandig naamwoord).
168 gesnapt Werkwoord voltooid deelwoord van snappen.
169 toelaat Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van toelaten.
170 kas Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /'kɑs/ een doorzichtige en meest glazen constructie die het cultiveren mogelijk maakt van planten die een ander klimaat vergen…
171 bezeerd Werkwoord /bə.ˈzeːrt/ voltooid deelwoord van bezeren.
172 gelanceerd Werkwoord /ɣəlɑnˈsert/ voltooid deelwoord van lanceren.
173 opvangen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɔpfɑŋə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord opvang.
174 doms Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord dom.
175 ombrengen Werkwoord /ˈɔmbrɛŋə(n)/ doden, om het leven brengen.
176 politiewerk Zelfstandig naamwoord werkzaamheden die de taak van een politieagent vormen.
177 farm Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈfɑːrᵊm/
178 rellen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈrɛ.lə(n)/ snel en druk praten.
179 schoorsteen Zelfstandig naamwoord /ˈsxoːr.steːn/ rookkanaal boven een stookplaats.
180 uitbarsting Zelfstandig naamwoord /ˈœy̯tˌbɑr.stɪŋ/ het uitstoten van gassen, rook en lava door een vulkaan.
181 pal Zelfstandig naamwoord, Bijwoord /pɑl/ een onderdeel van een mechanisme om terugdraaien te beletten, stuitpin.
182 beperkingen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord beperking.
183 eersten Zelfstandig naamwoord /ˈeːr.stə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord eerste.
184 voorspel Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈvorspɛl/ voorbereidende inleiding op een geschiedenis, verhaal, toneel- of muziekstuk.
185 dwang Zelfstandig naamwoord /dʋɑŋ/ wat je doet om iemand iets te laten doen wat hij of zij niet wil contrainte (kɔ~tʀɛ~t) vrouwelijk dwangarbeid des travau…
186 rijkste Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de overtreffende trap van rijk.
187 stallen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈstɑlə(n)/ een rijdier of voertuig na gebruik onderbrengen in een beschutte ruimte (stal, garage, remise).
188 trucje Zelfstandig naamwoord verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord truc.
189 scalpel Zelfstandig naamwoord /ˈskɑlpəl/ een bijzonder scherp, na gebruik weg te gooien mesje dat o.a. gebruikt wordt bij medische operaties.
190 bowl Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /bol/ een feestelijk mengsel van vers fruit en wijn of andere alcoholische drank.
191 bussen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈbʏsə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord bus.
192 bevechten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /bəˈvɛxtə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
193 klif Zelfstandig naamwoord /klɪf/ steile hoge rots.
194 optrekken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɔpˌtrɛ.kə(n)/ vloeistof vanuit een voorraadglas of -pot in een injectiespuit of pipet brengen.
195 visser Zelfstandig naamwoord /ˈvɪ.sər/ een dier dat zich voedt met vissen.
196 roofdier Zelfstandig naamwoord /ˈroːf.diːr/ min of meer menselijk dier dat in zijn streven naar macht over lijken gaat.
197 dringende Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van dringend.
198 uien Zelfstandig naamwoord /œy̯.jən/ meervoud van het zelfstandig naamwoord ui.
199 aandringen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈaːnˌdrɪŋə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
200 lekkerder Bijvoeglijk naamwoord onverbogen vorm van de vergrotende trap van lekker.
201 gehoorzaam Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɣəˈɦoːrˌzaːm/ (Zelfstandig naamwoord).
202 slaapkamers Zelfstandig naamwoord /ˈslapkamərs/ meervoud van het zelfstandig naamwoord slaapkamer.
203 ooggetuige Zelfstandig naamwoord /ˈoː.xə.tœy̯.ɣə/ iemand die een getuigenis aflegt van iets wat hij/zij gezien heeft.
204 opgaan Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɔpxaːn/ (Zelfstandig naamwoord).
205 uitslagen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord uitslag.
206 onderbroken Werkwoord voltooid deelwoord van onderbreken.
207 isoleren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /i.zoːˈleː.rə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
208 spijker Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈspɛi̯kər/ metalen pin waarmee twee voorwerpen door doorboring vast verbonden kunnen worden.
209 morgenmiddag Bijwoord /ˌmɔr.ɣənˈmɪ.dɑx/ de middag van de volgende dag.
210 lichaamsdelen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord lichaamsdeel.
211 manuscript Zelfstandig naamwoord /ˌmaː.nyˈskrɪpt/ de geschreven of getypte tekst voordat het wordt gedrukt.
212 ertussen Bijwoord /ərˈtʏ.sə(n)/ vervangt *tussen het, *tussen ze.
213 trance Zelfstandig naamwoord /trɑ̃s/ een dissociatief verschijnsel waarbij iemand een ander bewustzijnsniveau heeft en waarbij het persoonlijke identiteitsge…
214 bloedde Werkwoord enkelvoud verleden tijd van bloeden.
215 dragon Zelfstandig naamwoord /draːˈɣɔn/ bepaald soort vaste plant Artemisia dracunculus uit de composietenfamilie (Asteraceae).
216 pokeren Werkwoord /ˈpoː.kə.rə(n)/ een bepaald spel spelen waarin op een hand kaarten gewed wordt.
217 telefoongegevens Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord telefoongegeven.
218 deelden Werkwoord meervoud verleden tijd van delen.
219 fluiten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈflœy̯tə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord fluit.
220 mededeling Zelfstandig naamwoord /ˈmeː.də.deː.lɪŋ/ informatie die bekend wordt gemaakt.
221 grietje Zelfstandig naamwoord /ˈɣricə/ verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord griet.
222 aangestoken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈaŋɣəˌstokə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
223 opgemaakt Werkwoord /ˈɔpxəˌmakt/ voltooid deelwoord van opmaken.
224 hertogin Zelfstandig naamwoord /ˌɦɛr.toːˈɣɪn/ adellijke titel, vrouw van een hertog.
225 gekraakt Werkwoord voltooid deelwoord van kraken.
226 zelfstandig Bijvoeglijk naamwoord /ˌzɛlfˈstɑn.dəx/ onafhankelijk van de zorg van anderen.
227 statistieken Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord statistiek.
228 aanwijzen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈaːnˌʋɛi̯zə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
229 knokken Werkwoord /ˈknɔ.kə(n)/ to brawl, to fight (physically).
230 opinie Zelfstandig naamwoord /oːˈpi.ni/ een mening of oordeel.
231 geile Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van geil.
232 samengewerkt Werkwoord voltooid deelwoord van samenwerken.
233 scooter Zelfstandig naamwoord /ˈsku.tər/ motorrijtuig met twee kleine, brede wielen en een lage treeplank.
234 zwaait Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zwaaien.
235 doktoren Zelfstandig naamwoord /dɔkˈtorə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord dokter.
236 intentie Zelfstandig naamwoord het doel wat men voor ogen heeft.
237 verven Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈvɛr.və(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord verf.
238 verbintenis Zelfstandig naamwoord vermogensrechtelijke rechtsbetrekking tussen twee personen, krachtens welke de presteerder (schuldenaar) een bepaalde pr…
239 bevoegd Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /bəˈvuxt/ (Zelfstandig naamwoord).
240 gehaast Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɣəˈhast/ voltooid deelwoord van haasten.
241 cabine Zelfstandig naamwoord /ˌkaːˈbi.nə/ de ruimte waarin zich de filmprojector van een bioscoop bevindt.
242 westelijke Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van westelijk.
243 timer Zelfstandig naamwoord klok (in computers en andere electronische apparatuur).
244 krokodil Zelfstandig naamwoord /ˌkroː.koːˈdɪl/ een groot, in het water levend reptiel dat behoort tot de familie der Crocodylidae.
245 verbouwen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /vərˈbɑuwə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
246 veranderden Werkwoord meervoud verleden tijd van veranderen.
247 dikzak Zelfstandig naamwoord /ˈdɪk.sɑk/ iemand die zwaarlijvig is.
248 allereerste Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van allereerst.
249 terreur Zelfstandig naamwoord /tɛˈrøːr/ georganiseerde geweldpleging om politieke of andere doelen te bereiken.
250 paddy Zelfstandig naamwoord spotnaam voor de Ieren.
251 flits Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /flɪts/ een korte uitbarsting van licht of een ander elektromagnetisch verschijnsel.
252 kweken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈkʋeː.kə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
253 ontwaken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˌɔntˈʋaːkə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
254 ingreep Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɪŋɣrep/ een handeling die erger moet voorkomen.
255 spiegels Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord spiegel.
256 professionals Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord professional.
257 bezighouden Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈbeːzəxɦɑu̯də(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
258 meesterwerk Zelfstandig naamwoord /ˈmestərˌwɛrᵊk/ voornaamste werk van een kunstenaar of geleerde.
259 nota Zelfstandig naamwoord /ˈnoː.taː/ officieel geschrift met een mededeling of waarin een standpunt wordt uiteengezet.
260 komedie Zelfstandig naamwoord /koˈmedi/ toneelstuk met een komische plot.
261 spugen Werkwoord /ˈspy.ɣə(n)/ maaginhoud via de mond weer naar buiten werken.
262 onafhankelijkheid Zelfstandig naamwoord /ˌɔn.ɑfˈɦɑŋ.kə.lək.ɦɛi̯t/ Met onafhankelijk wordt bedoeld, dat een land of staat volledig soeverein heerst over zijn grondgebied, zelfstandig kan…
263 kapotmaken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /kaːˈpɔtˌmaːkə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
264 islam Zelfstandig naamwoord /ɪsˈlaːm/ monotheïstische godsdienst die na alle profeten uit het jodendom en Christus, Mohammed als laatste profeet ziet.
265 oplost Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van oplossen.
266 begraaf Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van begraven.
267 bijpraten Werkwoord /ˈbɛi̯ˌpraː.tə(n)/ zorgen dat je weer alles van elkaar weet nadat je elkaar een tijd niet gezien hebt.
268 afwijzen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɑfʋɛi̯zə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
269 taliban Zelfstandig naamwoord /ˈtaliˌbɑn/ islamitische guerrillabeweging in Afghanistan en het westen van Pakistan.
270 downloaden Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈdɑu̯nloːdə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
271 boulevard Zelfstandig naamwoord /ˌbu.ləˈvaːr/ lange, brede, gewoonlijk met rijen bomen beplante straat in een stad.
272 lokaliseren Werkwoord /ˌloː.kaː.liˈzeː.rə(n)/ de plaats vaststellen van.
273 safe Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /sef/ kast of ruimte met dikke stalen wanden en veilig slot om waardevolle zaken in te bewaren.
274 verman Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vermannen.
275 gewed Werkwoord voltooid deelwoord van wedden.
276 veer Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /veːr/ boot of schip toegewijd aan het onderhouden van een regelmatige verbinding over een rivier of een ander water.
277 kroop Werkwoord enkelvoud verleden tijd van kruipen.
278 beul Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /bøːl/ iemand die een vonnis uitvoert door de veroordeelde te doden of te martelen bourreau (buʀo) mannelijk zeer brutaal effro…
279 vuurwapens Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord vuurwapen.
280 buitengesloten Werkwoord voltooid deelwoord van buitensluiten.
281 beschikbare Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van beschikbaar.
282 handtekeningen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord handtekening.
283 regenboog Zelfstandig naamwoord /ˈreːɣə(n)ˌboːx/ een natuurfenomeen dat na regen als een verschijnende veelkleurige boog te zien is.
284 conversatie Zelfstandig naamwoord /ˌkɔn.vɛrˈzaː.(t)si/ gesprek als onderdeel van de sociale omgang.
285 brandde Werkwoord enkelvoud verleden tijd van branden.
286 hulpje Zelfstandig naamwoord verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord hulp.
287 badkuip Zelfstandig naamwoord /ˈbɑtˌkœy̯p/ een waterreservoir (kuip) waarin één of enkele personen zich kunnen wassen en baden.
288 intieme Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van intiem.
289 opbrengst Zelfstandig naamwoord /ˈɔ(p).brɛŋst/ dat wat opgebracht wordt, de baat die men heeft van zijn activiteiten.
290 monniken Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord monnik.
291 doorsnee Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈdoːr.sneː/ iets of iemand waarvan de eigenschappen dicht bij het gemiddelde liggen.
292 beheren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /bəˈɦeːrə(n)/ de zorg en verantwoordelijkheid hebben voor iets gérer (ʒeʀe) een website beheren être responsable d'un site.
293 onderschept Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van onderscheppen.
294 ongemak Zelfstandig naamwoord /ˈɔŋɣəˌmɑk/ onaangename verstoring.
295 tevens Bijwoord /ˈtevə(n)s/ daarbij, ook.
296 zwakker Bijvoeglijk naamwoord onverbogen vorm van de vergrotende trap van zwak.
297 deals Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord deal.
298 relaxen Werkwoord /riˈlɛk.sə(n)/ de tijd nemen zich te ontspannen.
299 achterop Bijwoord, Voorzetsel /ˌɑx.təˈrɔp/ bijwoordelijk deel van een scheidbaar werkwoord.
300 orgasme Zelfstandig naamwoord /ɔrˈɣɑsmə/ lustgevoelens bij seksuele opwinding (klaarkomen).
301 onstabiel Bijvoeglijk naamwoord geneigd of gedoemd om uiteen of om te vallen.
302 nadenk Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van nadenken.
303 baken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈbaːkə(n)/ een markering, meer in het bijzonder gebruikt in de lucht- en scheepvaart voor herkenningstekens.
304 hotdogs Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord hotdog.
305 republikeinen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord republikein.
306 nederige Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van nederig.
307 hip Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɦɪp/ fashionable (characteristic of or influenced by a current popular trend or style).
308 zelfverzekerd Bijvoeglijk naamwoord /ˌzɛl.fərˈzeː.kərt/ vol zelfvertrouwen.
309 telescoop Zelfstandig naamwoord /ˌteː.ləˈskoːp/ sterrenbeeld zuidelijk van de dierenriem (tussen rechte klimming 18ᵘ06ᵐ en 20ᵘ26ᵐ en tussen declinatie −57° en −45°).
310 bekken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈbɛkə(n)/ een slaginstrument bestaande uit een metalen schaalvormige voorwerp.
311 losgelaten Werkwoord voltooid deelwoord van loslaten.
312 passend Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈpɑsənt/ geschikt voor iets of iemand.
313 ontmaskeren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ɔntˈmɑs.kə.rə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
314 sessies Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord sessie.
315 vorst Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /vɔrst/ gemeente in het zuidwesten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
316 afwas Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɑf.ʋɑs/ het afwassen, het af te wassene.
317 schatjes Zelfstandig naamwoord verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord schat.
318 gesteente Zelfstandig naamwoord /ɣəˈstentə/ het materiaal waaruit de aardkorst bestaat, bestaande uit mineralen.
319 frustrerend Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord onvoltooid deelwoord van frustreren.
320 sprookjes Zelfstandig naamwoord verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord sprookje.
321 hierom Bijwoord aanwijzend (dichtbij) om+dit, om+deze: met deze reden.
322 verpestte Werkwoord enkelvoud verleden tijd van verpesten.
323 wereldwijde Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van wereldwijd.
324 naties Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord natie.
325 aanbevelen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈaːm.bəˌveː.lə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
326 vochtig Bijvoeglijk naamwoord /ˈvɔx.təx/ doordrenkt met een zekere hoeveelheid water of waterdamp.
327 schoonzoon Zelfstandig naamwoord /ˈsxoːn.zoːn/ de man van een dochter of zoon.
328 opvallend Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɔpˈfɑlənt/ wat de aandacht trekt en wat iedereen dus direct ziet.
329 betalingen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord betaling.
330 mn Voornaamwoord nonstandard form of m'n.
331 behandelingen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord behandeling.
332 smeerlappen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord smeerlap.
333 peper Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈpeː.pər/ rode, Spaanse ~: een vrucht van een plant uit het geslacht Capsicum met een hete smaak.
334 ingrediënten Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord ingrediënt.
335 voorover Bijwoord bijwoordelijk deel van een scheidbaar werkwoord in voorwaartse richting hellend of vallend.
336 gestoten Werkwoord voltooid deelwoord van stoten.
337 geheimzinnig Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɣə.ˈɦɛɪ̯m.ˌzɪ.nəx/ (Zelfstandig naamwoord).
338 terugvinden Werkwoord /t(ə)ˈrʏxfɪndə(n)/ iets dat verloren was opnieuw vinden.
339 bedroefd Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /bəˈdruft/ (Zelfstandig naamwoord).
340 collier Zelfstandig naamwoord /kɔlˈjeː/ halsketting, halsband, halssnoer.
341 gokker Zelfstandig naamwoord iemand die gokt (bijv. een kansspel speelt).
342 ex-vriendin Zelfstandig naamwoord /ˈɛks.frinˌdɪn/ vrouw waarmee je vroeger een (heel) vriendschappelijke relatie had, maar nu niet meer.
343 thuisgekomen Werkwoord voltooid deelwoord van thuiskomen.
344 discretie Zelfstandig naamwoord /dɪsˈkreː.(t)si/ bescheidenheid of kiesheid.
345 ontkenning Zelfstandig naamwoord /ˈɔntˌkɛ.nɪŋ/ handeling of uiting waarmee iemand kan laten weten dat hij denkt dat iets niet waar is.
346 nerds Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord nerd.
347 decennia Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord decennium.
348 bovennatuurlijke Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van bovennatuurlijk.
349 eventueel Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord /ˌeː.və(n).tyˈeːl/ (Zelfstandig naamwoord).
350 lichamelijke Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van lichamelijk.
351 geiten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɣɛi̯tə(n)/ Capra een geslacht van evenhoevige zoogdieren uit de familie van de holhoornigen (Bovidae). De wetenschappelijke naam va…
352 hufters Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord hufter.
353 huurlingen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord huurling.
354 verminkt Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verminken.
355 assisteren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ɑsiˈsteːrə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
356 binnenste Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord het geestelijk leven van een persoon.
357 liefhebbende Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van liefhebbend.
358 onopgeloste Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van onopgelost.
359 bewondering Zelfstandig naamwoord /bəˈʋɔn.də.rɪŋ/ het bekijken met enig ontzag.
360 dierbaar Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈdiːrbaːr/ (Zelfstandig naamwoord).
361 dealen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈdiːlə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
362 pittig Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈpɪ.təx/ (Zelfstandig naamwoord).
363 onthoofd Werkwoord /ɔntˈɦoːft/ eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van onthoofden.
364 nummerplaat Zelfstandig naamwoord /ˈnʏ.mərˌplaːt/ metalen of kunststoffen plaat aangbracht op een voertuig met het kenteken ervan.
365 pasje Zelfstandig naamwoord /ˈpɑʃə/ verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord pas.
366 gewijd Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord (Zelfstandig naamwoord).
367 voorlopige Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van voorlopig.
368 afsnijden Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɑfˌsnɛi̯.də(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
369 theoretisch Bijvoeglijk naamwoord /ˌteɔːˈretis/ wat niet perse in de werkelijkheid voorkomt, m.b.t. feiten en wetten berustende wetenschappelijke kennis die niet proefo…
370 technieken Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord techniek.
371 terugnemen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /təˈrʏxˌneːmə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
372 instantie Zelfstandig naamwoord /ˌɪnˈstɑn.si/ een object van een bepaalde klasse (elke van een reeks acties).
373 bezielt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bezielen.
374 geklets Zelfstandig naamwoord gepraat, gezwets, ook wel roddel.
375 gezonken Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɣəzɔŋkə(n)/ voltooid deelwoord van zinken.
376 slagader Zelfstandig naamwoord een bloedvat waarin het bloed van het hart af stroomt.
377 verliep Werkwoord enkelvoud verleden tijd van verlopen.
378 records Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord record.
379 verbieden Werkwoord /vərˈbi.də(n)/ een bepaalde handeling strafbaar stellen.
380 skiën Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈski.jə(n)/ A town and municipality in Telemark county, Norway.
381 imbeciel Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɪm.bəˈsil/ zwakzinnige.
382 zend Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zenden.
383 inwendige Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɪɱˈwɛndəɣə/ verbogen vorm van de stellende trap van inwendig.
384 echtgenoten Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord echtgenoot.
385 indrukwekkende Bijvoeglijk naamwoord /ˌɪn.drʏkˈʋɛ.kən.də/ verbogen vorm van de stellende trap van indrukwekkend.
386 bosjes Zelfstandig naamwoord /ˈbɔʃəs/ verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord bos.
387 hits Zelfstandig naamwoord, Werkwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord hit.
388 bestaande Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van bestaand, het onvoltooid deelwoord van bestaan.
389 bedorven Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord voltooid deelwoord van bederven.
390 gebogen Werkwoord /ɣəˈboːɣə(n)/ voltooid deelwoord van buigen.
391 piramide Zelfstandig naamwoord /ˌpi.raːˈmi.də/ iets wat zo in elkaar zit dat een brede basis geleidelijk versmalt tot een kleine top aantallenpiramide, bevolkingspiram…
392 noodlot Zelfstandig naamwoord iets vervelends wat een mens overkomt, waar geen oorzaak voor is en waar niets aan te doen is.
393 herberg Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɦɛr.bɛrx/ eet- en overnachtingsgelegenheid die kleiner, goedkoper en eenvoudiger is dan een hotel.
394 getraceerd Werkwoord voltooid deelwoord van traceren.
395 inleveren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɪnlevərə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
396 zijnde Werkwoord /zɛɪndə/ verbogen vorm van zijnd, het onvoltooid deelwoord van zijn.
397 fondsen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord fonds.
398 orkest Zelfstandig naamwoord /ɔrˈkɛst/ een groep musici.
399 geldig Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈɣɛl.dəx/ (Zelfstandig naamwoord).
400 overbrengen Werkwoord van de ene locatie naar de andere brengen, transporteren, vervoeren, verleggen, verplaatsen.
401 knoeien Werkwoord /ˈknui̯ə(n)/ onjuist of onwettig omgaan met gelden of de boekhouding ervan.
402 uil Zelfstandig naamwoord /œy̯l/ benaming voor vogels uit de orde Strigiformes, roofvogels die vooral 's nachts jagen; onderverdeeld in twee families: St…
403 laars Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /laːrs/ een schoen met een hoge schacht die een deel van het been bedekt.
404 cookie Zelfstandig naamwoord /ˈkuki/ een stukje software op een website dat gegevens van bezoekers verzamelt.
405 driehoek Zelfstandig naamwoord /ˈdri.ɦuk/ overlegorgaan in Nederland, bestaande uit vertegenwoordigers van politie, het Openbaar Ministerie en een lokale overheid.
406 jatten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈjɑ.tə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord jat.
407 wachtkamer Zelfstandig naamwoord /ˈʋɑxtˌkaː.mər/ ruimte of vertrek voor wachtenden, bijvoorbeeld bij een arts of op een station.
408 aanranding Zelfstandig naamwoord /ˈaːnˌrɑndɪŋ/ Hij die door geweld of een andere feitelijkheid of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid iemand dwingt tot h…
409 nature Zelfstandig naamwoord, Werkwoord datief vrouwelijk van natuur.
410 verdoezelen Werkwoord /vərˈdu.zə.lə(n)/ trachten aan de aandacht te onttrekken.
411 chemisch Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈxeːmis/ (Zelfstandig naamwoord).
412 tussenpersoon Zelfstandig naamwoord bemiddelaar in zaken of onderhandelingen, persoon die bemiddelt tussen een producent en een consument bij een transactie…
413 som Zelfstandig naamwoord /sɔm/ rekenkundige opgave (vooral in het basisonderwijs).
414 steroïden Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord steroïde.
415 trucks Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord truck.
416 franco Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord /ˈfrɑŋko/ notably refers to Francisco Franco, the long-ruling right-wing 20th century Spanish caudillo since the Spanish Civil War…
417 sensatie Zelfstandig naamwoord sterke beroering door een verrassend voorval of bericht.
418 hydra Zelfstandig naamwoord /ˈhidra/ hydroïdpoliep uit het geslacht Hydra uit de familie van de Hydridae.
419 sleepte Werkwoord enkelvoud verleden tijd van slepen.
420 eenmalig Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌeːnˈmaː.ləx/ (Zelfstandig naamwoord).
421 zwoer Werkwoord enkelvoud verleden tijd van zweren.
422 riskeer Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van riskeren.
423 oneindige Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van oneindig.
424 marathon Zelfstandig naamwoord /ˈmaː.raː.tɔn/ overdrachtelijk iets dat bijzonder lang volgehouden wordt.
425 astronauten Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord astronaut.
426 blije Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van blij.
427 bewijsstuk Zelfstandig naamwoord /bəˈʋɛi̯(s)ˌstʏk/ iets dat men kan gebruiken om aan te tonen dat een bewering juist is.
428 mysteries Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord mysterie.
429 grotendeels Zelfstandig naamwoord, Bijwoord /ˈɣroː.tə(n)ˌdeːls/ (Zelfstandig naamwoord).
430 financieren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /finɑnˈsiːrə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
431 weggenomen Werkwoord voltooid deelwoord van wegnemen.
432 marcheren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord (Zelfstandig naamwoord).
433 zintuigen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord zintuig.
434 vergissen Werkwoord /vərˈɣɪsə(n)/ zich ~: tot een foutieve conclusie komen, meestal te goeder trouw.
435 aandenken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈaːn.dɛŋ.kə(n)/ wat je aan iets of iemand herinnert souvenir (suv(ə)niʀ) mannelijk een mooie steen als aandenken aan je bergvakantie un…
436 gesloopt Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord voltooid deelwoord van slopen.
437 gilde Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɣɪl.də/ een middeleeuwse beroepsorganisatie, meest op monopolie en handhaven van bepaalde standaarden gericht.
438 evenmin Zelfstandig naamwoord, Bijwoord /ˌeː.və(n)ˈmɪn/ (Zelfstandig naamwoord).
439 brandstichting Zelfstandig naamwoord /ˈbrɑntˌstɪx.tɪŋ/ opzettelijk vernielen van allerlei zaken door middel van een brand.
440 profetie Zelfstandig naamwoord een uitspraak uit naam van een godheid die de toekomst voorspelt.
441 amuseren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /aːmyˈzeːrə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
442 materialen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord materiaal.
443 fotograferen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /foːtoːɣraːˈfeːrə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
444 eigenaars Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord eigenaar.
445 eergisteren Zelfstandig naamwoord, Bijwoord /ˈeːrˌɣɪs.tə.rə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
446 roddelen Werkwoord /ˈrɔdələ(n)/ op een vervelende manier over anderen praten.
447 gebit Zelfstandig naamwoord /ɣəˈbɪt/ alle tanden en kiezen van een dier of mens.
448 omgeven Werkwoord /ɔm.ˈɣeː.və(n)/ voorzien van iets dat omgeeft (met, door)# voltooid deelwoord van omgeven.
449 vrijgezellenfeest Zelfstandig naamwoord /vrɛi̯.ɣəˈzɛ.lə(n)ˌfeːst/ feest voor iemand in het huwelijk treedt waarop hij of zij met vrienden, maar zonder de aanstaande partner uitgaat waarb…
450 inschrijven Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɪnsxrɛivə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
451 oostkust Zelfstandig naamwoord de oostelijke zeeoever/kustgebied, de kust die in het oosten gelegen is.
452 brancard Zelfstandig naamwoord /brɑŋˈkaːr/ een draagbaar bedoeld om patiënten te vervoeren die niet ambulant zijn.
453 rotzakken Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord rotzak.
454 blijk Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /blɛi̯k/ een teken waaruit iets blijkt, bijvoorbeeld deelname.
455 beledigt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van beledigen.
456 angels Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord angel.
457 leidingen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord leiding.
458 chirurgen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord chirurg.
459 aanschouw Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈaːn.sxɑu̯/ in ~ nemen onder ogen nemen, in de beschouwing betrekken.
460 uitje Zelfstandig naamwoord /ˈœy̯tjə/ bol van Allium cepa gebruikt om voedsel op smaak te brengen.
461 blikje Zelfstandig naamwoord /ˈblɪkjə/ verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord blik.
462 gekeerd Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord voltooid deelwoord van keren.
463 inbraken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord inbraak.
464 dwazen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord dwaas.
465 besta Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bestaan.
466 schort Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /sxɔrt/ een lap stof die voorgebonden wordt gewoonlijk rond de middel om de kleding te beschermen bij huishoudelijke taken zoals…
467 presenteer Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van presenteren.
468 verassing Zelfstandig naamwoord /vərˈɑ.sɪŋ/ de verbranding van een lijk.
469 ingesloten Werkwoord voltooid deelwoord van insluiten.
470 aannam Werkwoord /ˈanɑm/ enkelvoud verleden tijd van aannemen.
471 belonen Werkwoord /bəˈloːnə(n)/ een prestatie of goede daad met geld of op een andere manier erkennen.
472 kringen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord kring.
473 draaiende Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van draaiend, het onvoltooid deelwoord van draaien.
474 wast Werkwoord /ʋɑst/ tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van wassen.
475 inslaan Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɪn.slaːn/ (Zelfstandig naamwoord).
476 monument Zelfstandig naamwoord /ˌmoːnyˈmɛnt/ een groot gedenkteken.
477 aantrekkingskracht Zelfstandig naamwoord /ˈaːn.trɛ.kɪŋsˌkrɑxt/ een kracht waarmee alle stoffelijke lichamen elkaar proberen te naderen.
478 botsen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈbɔtsə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord bots.
479 lekkerste Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de overtreffende trap van lekker.
480 arresteerde Werkwoord enkelvoud verleden tijd van arresteren.
481 simulatie Zelfstandig naamwoord het verrichten van schijnhandelingen.
482 voornaamste Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de overtreffende trap van voornaam.
483 ontevreden Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɔntəˈvredə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
484 kring Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /krɪŋ/ groep personen die met elkaar omgaan omdat ze bepaalde belangen of opvattingen delen.
485 fenomeen Zelfstandig naamwoord /feː.noːˈmeːn/ uniek verschijnsel, zeldzaam verschijnsel.
486 ruit Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /rœy̯t/ geslacht Thalictrum van overblijvende planten uit de ranonkelfamilie (Ranunculaceae), wereldwijd verspreid over alle gem…
487 buitenaf Zelfstandig naamwoord, Bijwoord /ˌbœy̯.tə(n)ˈɑf/ (Zelfstandig naamwoord).
488 eervol Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord /ˈeːr.vɔl/ (Zelfstandig naamwoord).
489 eetkamer Zelfstandig naamwoord /ˈeːtˌkaː.mər/ een kamer waar maaltijden worden genuttigd.
490 geallieerde Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɣəˌʔɑliˈjerdə/ land uit de coalitie van onder meer Verenigde Staten, Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en de Sovjet-Unie die Duitsland en…
491 bevindingen Zelfstandig naamwoord /bəˈvɪndɪŋə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord bevinding.
492 veroverd Werkwoord voltooid deelwoord van veroveren.
493 nachtelijke Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van nachtelijk.
494 omging Werkwoord enkelvoud verleden tijd van omgaan.
495 verdubbelen Werkwoord /vərˈdʏ.bə.lə(n)/ tweemaal zo groot maken, vermenigvuldigen met twee.
496 handelaar Zelfstandig naamwoord /ˈɦɑn.də.laːr/ iemand die handel drijft.
497 smoes Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /smus/ praatje, uitvlucht, verzinsel als uitvlucht, voorwendsel.
498 jackpot Zelfstandig naamwoord een grote prijs bij een loterij die steeds groter wordt als er geen winnaar is.
499 schuim Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /sxœy̯m/ groep personen van laag maatschappelijk allooi.
500 amendement Zelfstandig naamwoord /ˌaː.mɑn.dəˈmɛnt/ voorstel om een vast te stellen tekst te veranderen.
501 religieus Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌreliˈɣjøs/ iemand die lid is van een godsdienstige woongemeenschap na een plechtige belofte haar leefregels te volgen.
502 vuurwapen Zelfstandig naamwoord /ˈvyːrˈʋaː.pə(n)/ een wapen dat een kogel schiet met behulp van een chemische ontploffing.
503 onverwachts Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord (Zelfstandig naamwoord).
504 staven Zelfstandig naamwoord, Werkwoord aantonen, bevestigen, ondersteunen.
505 1e Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈerstə/ (Zelfstandig naamwoord).
506 kraag Zelfstandig naamwoord /kraːx/ de naam van voorwerpen die op een kraag lijken, zoals een opstaande rand.
507 aanspreken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈaːnˌspreːkə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
508 tijdmachine Zelfstandig naamwoord /ˈtɛi̯t.maːˌʃi.nə/ een onbestaande machine waarmee men zich door de tijd en vaak ook door de ruimte kan verplaatsen.
509 etenstijd Zelfstandig naamwoord /ˈeː.təns.tɛi̯t/ het moment waarop er (gebruikelijkerwijs) gegeten wordt.
510 longontsteking Zelfstandig naamwoord /ˈlɔŋ.ɔn(t)ˌsteː.kɪŋ/ een ontsteking in de longen.
511 18e Bijvoeglijk naamwoord /ˈɑxtində/ nummer 18 in een rij.
512 samenkomen Werkwoord /ˈsaː.mə(n)ˌkoː.mə(n)/ bij elkaar komen, bij elkaar horen.
513 dilemma Zelfstandig naamwoord /ˌdiˈlɛ.maː/ moeilijke keuze waarbij iedere keus die je kunt maken voordelen én nadelen heeft.
514 vervoerd Werkwoord voltooid deelwoord van vervoeren.
515 line Zelfstandig naamwoord
516 vondst Zelfstandig naamwoord /vɔn(t)st/ iets dat vaak door goed geluk gevonden wordt, vaak op een archeologische site.
517 opgejaagd Werkwoord voltooid deelwoord van opjagen.
518 onrustig Bijvoeglijk naamwoord niet rustig zijnde.
519 buffet Zelfstandig naamwoord /ˈbyfɛt/ tafel met daarop allerlei etenswaar waaruit men zelf kan uitkiezen en pakken (lopend buffet, wandelbuffet).
520 hectare Zelfstandig naamwoord /ˌɦɛkˈtaː.rə/ een oppervlaktemaat ter grootte van 100 m × 100 meter, gelijk aan 10.000 m², gelijk aan één vierkante hectometer, gelijk…
521 manen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈmaː.nə(n)/ gebieden iets te doen.
522 zond Zelfstandig naamwoord, Werkwoord a long narrow inlet, or a strait between the mainland and an island; a sound.
523 solide Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /soːˈli.də/ Bien établi et fondé dans son état.
524 overdragen Werkwoord in handen van een andere partij geven.
525 onthuld Werkwoord voltooid deelwoord van onthullen.
526 veracht Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord enkelvoud tegenwoordige tijd van verachten.
527 meega Werkwoord /ˈmeɣa/ eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van meegaan.
528 buitenlanders Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord buitenlander.
529 veiligheidsdienst Zelfstandig naamwoord /ˈvɛi̯.ləxˌɦɛi̯tsˌdinst/ dienst (bet. 3) om de veiligheid van een land, een gebouw enz. te verzekeren.
530 steunde Werkwoord enkelvoud verleden tijd van steunen.
531 noodsituatie Zelfstandig naamwoord /ˈnoːt.sityˌaː(t)si/ een situatie waarin groot gevaar dreigt.
532 spier Zelfstandig naamwoord /spir/ een orgaan dat door elektrische signalen gestuurd kan samentrekken.
533 neutraal Bijvoeglijk naamwoord /nøːˈtraːl/ geen partij kiezend in een conflict, afzijdig, onpartijdig.
534 begaat Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van begaan.
535 geleerde Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɣəˈleːr.də/ iemand die onderricht en bekwaam is in een bepaalde tak van de wetenschap.
536 wars Bijvoeglijk naamwoord ~ van: afkerig.
537 patriot Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌpaː.triˈɔt/ aanhanger van de Patriotten, een Nederlandse politieke republikeinse beweging uit het eind van de 18e eeuw geïnspireerd…
538 gen Zelfstandig naamwoord /ɣɛn/ drager van informatie van de erfelijke eigenschappen.
539 nieuweling Zelfstandig naamwoord /ˈniu̯əˌlɪŋ/ iemand die ergens nieuw is.
540 vreesde Werkwoord enkelvoud verleden tijd van vrezen.
541 beschadigde Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van beschadigd, voltooid deelwoord van beschadigen.
542 hoest Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɦust/ reflexmatige explosieve uitademing.
543 protesteren Werkwoord /ˌproː.tɛsˈteː.rə(n)/ bezwaren uiten.
544 verwonden Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /vərˈwɔndə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
545 tree Zelfstandig naamwoord /treː/ opstapje dat deel uitmaakt van een ladder.
546 advocate Zelfstandig naamwoord /ɑdvoːˈkaːtə/ vrouwelijke vorm van advocaat.
547 waterdicht Bijvoeglijk naamwoord /ˌʋaː.tərˈdɪxt/ sluitende overeenkomst die geen mogelijkheid biedt voor ongewenste of onvoorziene interpretaties.
548 subs Zelfstandig naamwoord /sʏps/ meervoud van het zelfstandig naamwoord sub.
549 tankstation Zelfstandig naamwoord /ˈtɛŋkstaˌ(t)ʃɔn/ plaats waar men benzine of diesel kan tanken.
550 beau Zelfstandig naamwoord /bo/ man waarmee een liefdesrelatie bestaat.
551 haan Zelfstandig naamwoord /ɦaːn/ mannelijk dier bij de hoenderachtige vogels; vaak wordt het mannetje van het huishoen (Gallus gallus) bedoeld.
552 seal Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van sealen.
553 rade Zelfstandig naamwoord, Werkwoord aanvoegende wijs van raden.
554 lap Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Tussenwerpsel /lɑp/ bewoner van Lapland, Laplander. (De naam 'Lap' wordt door de bevolking zelf als beledigend ervaren. Die geeft de voorkeu…
555 overtuig Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van overtuigen.
556 introduceren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˌɪntrodyˈserə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
557 dope Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /[doːpə]/ aanvoegende wijs van dopen.
558 cockpit Zelfstandig naamwoord /'kɔkpɪt/ ruimte voor de bestuurder in vliegtuig, boot of raceauto.
559 uurtjes Zelfstandig naamwoord verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord uur.
560 tweetjes Zelfstandig naamwoord verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord tweet.
561 klei Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /klɛi̯/ een zeer fijne, klastisch sedimentaire grondsoort, die voor meer dan 25% bestaat uit lutum (gronddeeltjes kleiner dan 2…
562 lichtjes Zelfstandig naamwoord verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord licht.
563 omgedraaid Werkwoord voltooid deelwoord van omdraaien.
564 uitlachen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈœytlɑxə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
565 debiel Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /dəˈbil/ bespottelijk iemand, halve gare, idioot zn.
566 worsteling Zelfstandig naamwoord /ˈwɔrstəˌlɪŋ/ over een moreel dilemma lang over moeten nadenken.
567 versleten Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /vərˈsletə(n)/ door veelvuldig gebruik niet meer in goede conditie.
568 gestort Werkwoord voltooid deelwoord van storten.
569 afgebrand Werkwoord /ˈɑfxɛˌbrɑnt/ voltooid deelwoord van afbranden.
570 spectaculair Bijvoeglijk naamwoord /spɛkˈtaː.kyˌlɛr/ opzienbarend, sensationeel.
571 verklappen Werkwoord een geheim (per ongeluk) verder vertellen.
572 beloften Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord belofte.
573 verheugd Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord voltooid deelwoord van verheugen.
574 fluitje Zelfstandig naamwoord /ˈflœycə/ verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord fluit.
575 scotch Zelfstandig naamwoord /skɔtʃ/ soort beschrijfbaar plakband, dat op de rol mat is, maar eenmaal aangebracht doorschijnend is.
576 stranden Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈstrɑndə(n)/ niet meer verder kunnen.
577 puntje Zelfstandig naamwoord /ˈpʏnˌtjə/ verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord punt.
578 taarten Zelfstandig naamwoord /ˈtartə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord taart.
579 bam Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Tussenwerpsel /bɑm/ om te benadrukken dat er plotseling iets opvallends gebeurt.
580 voilà Tussenwerpsel /vʋɑˈlaː/ voilà, there it is.
581 uitgedrukt Werkwoord /ˈœy̯txəˌdrʏkt/ voltooid deelwoord van uitdrukken.
582 manning Zelfstandig naamwoord bemanning, manschap.
583 heerser Zelfstandig naamwoord iemand die de macht uitoefent.
584 uitgaande Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈœy̯t.xaːn.də/ verbogen vorm van uitgaand, het onvoltooid deelwoord van uitgaan.
585 ontvanger Zelfstandig naamwoord /ɔntˈfɑŋər/ een persoon, dier of machine die signalen ontvangt en deze vervolgens verwerkt of interpreteert.
586 tweehonderd Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈtʋeːˌɦɔn.dərt/ dat wat in een (rang)ordening met 200 is aangeduid.
587 proeftijd Zelfstandig naamwoord een periode waarin men bij het plegen van een strafbaar feit de voorwaardelijke straf alsnog krijg opgelegd.
588 bemachtigen Werkwoord /bəˈmɑxtəɣə(n)/ met moeite in handen krijgen.
589 nutteloze Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van nutteloos.
590 gefocust Werkwoord /ɣəˈfoː.kʏst/ voltooid deelwoord van focussen.
591 knoflook Zelfstandig naamwoord /ˈknɔf.loːk/ bepaald overblijvend bolgewas, Allium sativum uit de lookonderfamilie met samengevouwen bol en roze tot violette tweesla…
592 plaatsgevonden Werkwoord voltooid deelwoord van plaatsvinden.
593 krachtveld Zelfstandig naamwoord /ˈkrɑxt.fɛlt/ deel van de ruimte waar een zekere kracht werkzaam is. Zo'n kracht kan van elektrische, magnetische of andere aard zijn.
594 verstaat Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verstaan.
595 weinigen Bijvoeglijk naamwoord zelfstandig gebruikt onbepaald hoofdtelwoord voor personen.
596 gescoord Werkwoord /ɣəˈskɔrt/ voltooid deelwoord van scoren.
597 hef Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ɦɛf/ eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van heffen.
598 grip Zelfstandig naamwoord /ɣrɪp/ een functie uit de filmwereld waar diverse taken mee zijn gemoeid, zoals opbouw, transport, opbouw camera en het duwen v…
599 uitverkoop Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈœy̯t.fər.ˌkoː.p/ een gelegenheid waarbij tegen gereduceerde prijzen de oude voorraad aan de man gebracht wordt.
600 voetafdrukken Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord voetafdruk.
601 heffen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɦɛ.fə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord hef.
602 berekenen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /bəˈreː.kə.nə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
603 chemie Zelfstandig naamwoord /xeːˈmi/ psychologie mentale verbondenheid (tussen personen) complicité (kɔ~plisite) vrouwelijk een wedstrijd winnen door een goe…
604 beveelt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bevelen.
605 zozeer Bijwoord /zoːˈzeːr/ in zo'n hoge mate (met als gevolg dat).
606 overweldigend Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌovərˈwɛldəɣənt/ onvoltooid deelwoord van overweldigen.
607 schreven Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈsxrevə(n)/ meervoud verleden tijd van schrijven.
608 centen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord cent.
609 slee Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /sleː/ voorwerp dat gelijkenis hiermee vertoont en kan glijden bijv. een braadslee of een zaagslee.
610 bereikte Werkwoord verbogen vorm van bereikt, voltooid deelwoord van bereiken.
611 wreedheid Zelfstandig naamwoord nietsontziendheid in het aandoen van leed aan anderen.
612 logeerkamer Zelfstandig naamwoord /loˈʒerkamər/ De gastenkamer, de kamer waar een logé kan slapen.
613 uitverkocht Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈœy̯tfərˌkɔxt/ enkelvoud verleden tijd van uitverkopen.
614 cc Werkwoord, Uitdrukking carbon copy, een kopie van een bericht (e-mail).
615 parasiet Zelfstandig naamwoord /ˌpaː.raːˈsit/ persoon met een geestelijke functie die de priesters ondersteunden in de tempel, met name in Athene en het omliggende ge…
616 aansteken Werkwoord /ˈaːnsteːkə(n)/ het herstellen van een gebroken of beschadigde staart- of vleugelpen met behulp van een aansteeknaald.
617 binnengaan Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈbɪnə(n)ɣaːn/ (Zelfstandig naamwoord).
618 opslagruimte Zelfstandig naamwoord een fysieke of virtuele plaats waar men iets kan bewaren.
619 gedoemd Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɣəˈdumt/ voltooid deelwoord van doemen.
620 naait Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van naaien.
621 wijken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈʋɛi̯kə(n)/ niet langer een bedreiging zijn.
622 zeeën Zelfstandig naamwoord /ˈzeːə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord zee.
623 tapes Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord tape.
624 uitoefenen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord (Zelfstandig naamwoord).
625 schopt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van schoppen.
626 cloud Zelfstandig naamwoord /klɔut/ computernetwerk waarbij allerlei gegevens op aanvraag beschikbaar worden gesteld (meestal via internet), terwijl de eind…
627 ciao Zelfstandig naamwoord, Tussenwerpsel /tʃɑu/ A greeting or farewell using the word "ciao".
628 opmerkelijke Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van opmerkelijk.
629 onderdrukt Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌɔndərˈdrʏkt/ op een onterechte wijze geknecht en in de vrijheid beknot.
630 opgegraven Werkwoord voltooid deelwoord van opgraven.
631 luider Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord onverbogen vorm van de vergrotende trap van luid.
632 zuinig Bijvoeglijk naamwoord /ˈzœy̯.nəx/ voorzichtig met het uitgeven van geld of andere kostbare zaken.
633 soepel Bijvoeglijk naamwoord /'supəł/ gemakkelijk buigend en zich aanpassend.
634 immigratie Zelfstandig naamwoord /ˌɪ.miˈɣraː.(t)si/ het zich metterwoon vestigen van allochtonen in een land.
635 gecodeerd Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord voltooid deelwoord van coderen.
636 première Zelfstandig naamwoord /prəˈmjɛː.rə/ de eerste vaak feestelijke vertoning van een film, toneelstuk of een andere vorm van entertainment.
637 lastiger Bijvoeglijk naamwoord onverbogen vorm van de vergrotende trap van lastig.
638 invallen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɪɱvɑlə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord inval.
639 homoseksueel Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌɦoː.moː.sɛk.syˈeːl/ man met seksuele voorkeur voor mannen of vrouw met seksuele voorkeur voor vrouwen.
640 klikken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈklɪ.kə(n)/ met een muis of anderszins een keuze kenbaar maken door op een vlak op het scherm te drukken; clicken.
641 meegegaan Werkwoord /ˈmeɣɛˌɣan/ voltooid deelwoord van meegaan.
642 google Werkwoord
643 eigendommen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord eigendom.
644 kleuterschool Zelfstandig naamwoord /ˈkløː.tərˌsxoːl/ een school voor de leeftijdsgroep 4-6 jaar.
645 vastleggen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈvɑstˌlɛ.ɣə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
646 goochelaar Zelfstandig naamwoord /ˈɣoː.xəˌlaːr/ iemand die een publiek verbaast met schijnbaar onmogelijke handelingen.
647 bewakingscamera Zelfstandig naamwoord /bə'wakɪŋskaməra/ een videocamera die in gebruik is om zaken of personen onder toezicht te houden.
648 wijsneus Zelfstandig naamwoord /ˈwɛisnøs/ iemand die meent dat hij veel weet.
649 buitenstaander Zelfstandig naamwoord /ˈbœy̯.tə(n)ˌstaːn.dər/ iemand die niet bij de groep hoort.
650 nietsnut Zelfstandig naamwoord /ˈnitsnʏt/ iemand die niets nuttigs doet.
651 uitgebreide Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van uitgebreid.
652 kronen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈkroːnə(n)/ iemand tot koning of koningin maken door hem of haar in een ceremonie een kroon op het hoofd te zetten.
653 logo Zelfstandig naamwoord /ˈloː.ɣoː/ verkorting van "logogram", een abstract symbool van een gemeente, bedrijf, stichting e.d. of een herkenningsteken waarin…
654 port Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /pɔrt/ : een zoetige wijn, oorspronkelijk uit de streek rond Porto.
655 bof Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /bɔf/ infectieziekte waarbij men een dik hoofd krijgt.
656 verpletterd Werkwoord voltooid deelwoord van verpletteren.
657 bruidsmeisje Zelfstandig naamwoord /ˈbrœytsmɛiʃə/ een vrouwelijk persoon (meestal een ongetrouwd familielid) die het bruidspaar op de trouwdag terzijde staat.
658 kerker Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈkɛrkər/ een ondergrondse ruimte die bestemd is voor het opsluiten van gevangenen.
659 knettergek Bijvoeglijk naamwoord /ˈknɛ.tərˌɣɛk/ ontzettend gek.
660 zusjes Zelfstandig naamwoord verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord zus.
661 onenigheid Zelfstandig naamwoord het niet met elkaar eens zijn; een verschillende mening hebben.
662 paranormale Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van paranormaal.
663 drogen Werkwoord /ˈdroːɣə(n)/ vocht laten of doen verdampen.
664 vermoedt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vermoeden.
665 huiselijk Bijvoeglijk naamwoord /ˈɦœy̯.sə.lək/ wat thuis in de privésfeer gebeurt.
666 stroming Zelfstandig naamwoord /'stromɪŋ/ het zich in een bepaalde richting voortbewegen van een vloeistof.
667 dagvaarding Zelfstandig naamwoord /ˈdɑxˌfaːr.dɪŋ/ een schriftelijke oproep om voor een rechtbank te verschijnen.
668 favorieten Zelfstandig naamwoord /faː.voːˈri.tə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord favoriet.
669 jassen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈjɑ.sə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord jas.
670 opladen Werkwoord /ˈɔpladə(n)/ een elektrische lading op iets aanbrengen.
671 lekke Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord aanvoegende wijs van lekken.
672 vacht Zelfstandig naamwoord /vɑxt/ dichte lichaamsbeharing bij dieren.
673 percentage Zelfstandig naamwoord /ˌpɛr.sɛnˈtaː.ʒə/ een percentsgewijze berekend bedrag of hoeveelheid.
674 intern Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɪnˈtɛrn/ Elections that produce to the interior of a political party or association.
675 hypothetisch Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord (Zelfstandig naamwoord).
676 kennismaken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord (Zelfstandig naamwoord).
677 verbrandde Werkwoord enkelvoud verleden tijd van verbranden.
678 druiven Zelfstandig naamwoord /ˈdrœy̯və(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord druif.
679 lil Werkwoord /lɪl/ eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van lillen.
680 dansvloer Zelfstandig naamwoord /ˈdɑns.vlur/ gedeelte van de vloer waarop men danst.
681 paranoia Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌpaː.raːˈnoː.jaː/ achtervolgingswaanzin.
682 wandel Zelfstandig naamwoord, Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van wandelen.
683 opgescheept Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord stuck, burdened, inflicted.
684 aantrekt Werkwoord /ˈantrɛkt/ tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aantrekken.
685 jurylid Zelfstandig naamwoord /ˈʒyː.riˌlɪt/ persoon die deel uitmaakt van een jury.
686 aantallen Zelfstandig naamwoord /ˈantɑlə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord aantal.
687 afkicken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɑfˌkɪ.kə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
688 vasteland Zelfstandig naamwoord /ˌvɑs.təˈlɑnt/ land dat in verbinding staat met een continentale landmassa.
689 appartementen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord appartement.
690 ontnomen Werkwoord voltooid deelwoord van ontnemen.
691 procureur Zelfstandig naamwoord iemand die de gedingvoerende partijen in een civiel rechtsgeding vertegenwoordigt zonder als raadsman op te treden.
692 werkelijke Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van werkelijk.
693 kunstwerk Zelfstandig naamwoord /ˈkʏnst.ʋɛrk/ toestel om tijdens een voorstelling bepaalde natuurverschijnselen of andere veranderingen te suggereren.
694 spionage Zelfstandig naamwoord /spi.oːˈnaː.ʒə/ de handeling van het spioneren.
695 baden Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈbaːdə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord bad.
696 doop Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /doːp/ plechtige besprenkeling of onderdompeling waarmee iemand tot een kerk gaat behoren en zonden afgewassen worden.
697 YouTube Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈjutuːp/ site waar men kosteloos zelfgemaakt videomateriaal kan neerzetten en bekijken, tevens de grootste videosite ter wereld.
698 afstuderen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɑfstydeːrə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
699 zwelling Zelfstandig naamwoord /ˈzwɛlɪŋ/ gezwollen plek.
700 visuele Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van visueel.
701 kakkerlakken Zelfstandig naamwoord /ˈkɑkərˌlɑkə(n)/ een orde Blattodea van insecten, die oppervlakkig enigszins lijken op kevers, maar hiervan toch sterk verschillen, onder…
702 feestdag Zelfstandig naamwoord /ˈfeːs.dɑx/ jaarlijks terugkerende erkende gedenkdag die gevierd wordt.
703 voorgeschreven Werkwoord voltooid deelwoord van voorschrijven.
704 schrikt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van schrikken.
705 toeren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈtu.rə(n)/ uitgebreid rondreizen.
706 pasen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈpaːsə(n)/ to give, to pass.
707 overweegt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van overwegen.
708 wachter Zelfstandig naamwoord /ˈʋɑx.tər/ iemand die staat te wachten.
709 hartje Zelfstandig naamwoord /ˈhɑrcə/ verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord hart.
710 vloeibare Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van vloeibaar.
711 kinderbescherming Zelfstandig naamwoord het geheel van instanties belast met de kinderbescherming.
712 getikt Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /[ɣə.ˈtɪkt]/ (Zelfstandig naamwoord).
713 avondklok Zelfstandig naamwoord /ˈaː.vɔntˌklɔk/ klok, met een eigen, herkenbare klank die in kloosters of steden werd geluid bij het vallen van de avond en die het tijd…
714 gelovig Bijvoeglijk naamwoord /ɣəˈloː.vəx/ vast en innig gelovend in een god of goden.
715 tachtig Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈtɑx.təx/ "80", het getal tussen negenenzeventig en eenentachtig, acht maal tien.
716 tegenkwam Werkwoord enkelvoud verleden tijd van tegenkomen.
717 alimentatie Zelfstandig naamwoord /ˌaː.li.mɛnˈtaː.(t)si/ toelage voor levensonderhoud na echtscheiding aan ex-partner en/of kind(eren).
718 referenties Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord referentie.
719 typen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈtipə(n)/ door middel van een toetsenbord gegevens invoeren.
720 rammel Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈrɑməl/ voorwerp met loszittende delen dat aan een handvat is bevestigd, zodat het bij zwaaien een onregelmatig geluid voortbren…
721 panda Zelfstandig naamwoord /ˈpɑn.daː/ beerachtig dier uit het Himalayagebied.
722 vonk Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /vɔŋk/ een vurige elektrische ontlading die de lucht ioniseert.
723 kloon Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /kloːn/ een levend wezen dat een exacte genetische kopie is van een ander wezen.
724 strop Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /strɔp/ lus van stevig touw, bedoeld om iemand mee op te hangen of om bij het stropen dieren te vangen.
725 uitdagingen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord uitdaging.
726 lynch Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van lynchen.
727 streken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord streek.
728 haarzelf Zelfstandig naamwoord, Voornaamwoord <woord om nadrukkelijk over een vrouw te praten> elle-même Je gelooft het niet, maar ik heb het haarzelf zien doen…
729 smoel Zelfstandig naamwoord /smul/ kop [3], bek [3].
730 ingewikkelde Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van ingewikkeld.
731 directie Zelfstandig naamwoord /diˈrɛksi/ de leiding van een bedrijf, de directeur en de topmanagers.
732 afgaat Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afgaan.
733 voetballen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈvutbɑlə(n)/ een balspel waarbij de bal alleen met de voet en het hoofd, maar niet met de hand gespeeld mag worden.
734 wegloopt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van weglopen.
735 tij Zelfstandig naamwoord /tɛi̯/ de periodieke wisseling van de waterstand met eb en vloed.
736 bedreig Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bedreigen.
737 lette Werkwoord enkelvoud verleden tijd van letten.
738 scheikunde Zelfstandig naamwoord /ˈsxɛi̯.kʏn.də/ wetenschap die zich bezig houdt met de studie van de samenstelling en de bouw van de stoffen, de chemische veranderingen…
739 controlekamer Zelfstandig naamwoord een ruimte van waaruit machines bestuurd worden.
740 alzheimer Zelfstandig naamwoord een degeneratieve aandoening van de hersenen waarbij de patiënt soms in snel tempo dementeert.
741 samenwerkt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van samenwerken.
742 voetstappen Zelfstandig naamwoord /ˈvutstɑpə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord voetstap.
743 opgewekt Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /'ɔpxəʋɛkt/ (Zelfstandig naamwoord).
744 joker Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈjoːkər/ een kaart met een afbeelding van een nar, die niet tot de vier speelkleuren behoort en daardoor op allerlei manieren inz…
745 welles Tussenwerpsel /ˈʋɛləs/ een algemene ontkenning van een ontkenning.
746 martelaar Zelfstandig naamwoord /ˈmɑrtəˌlar/ iemand die voor een goede zaak lijdt of sterft en daarmee tot symbool wordt gezien van de strijd voor die zaak, iemand d…
747 bloedgroep Zelfstandig naamwoord /ˈblut.xrup/ een classificatie van bloed bepaald door het al dan niet aanwezig zijn van bepaalde moleculen ('antigenen') op de buiten…
748 a.u.b. Zelfstandig naamwoord, Bijwoord, Tussenwerpsel /aː.yˈbeː/ (Zelfstandig naamwoord).
749 opsplitsen Werkwoord open maken van een touw zodat men iets tussen de strengen van het touw kan steken.
750 verschijning Zelfstandig naamwoord /vərˈsxɛi̯.nɪŋ/ dat wat verschijnt (in de vorm bijv. van een persoon).
751 primitieve Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van primitief.
752 afslaan Werkwoord /ˈɑfslaːn/ door een slaande beweging iets omlaag doen bewegen.
753 goddelijk Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord (Zelfstandig naamwoord).
754 verloop Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /vərˈloːp/ de manier waarop een proces zich voltrekt.
755 comfort Zelfstandig naamwoord /kɔmˈfɔːr/ een toestand waarin men zonder onrust, vrees of verlegenheid is.
756 laffe Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van laf.
757 culturen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord cultuur.
758 erkenning Zelfstandig naamwoord /ɛrˈkɛ.nɪŋ/ een bevestiging van de juistheid of geldigheid van iets.
759 eropaf Bijwoord /ɛrɔˈpɑf/ actief naar iets toegaan.
760 infanterie Zelfstandig naamwoord /ˌɪn.fɑn.təˈri/ de soldaten die te voet vechten.
761 herzien Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /hɛrˈzin/ (Zelfstandig naamwoord).
762 ontwaakt Werkwoord /ɔntˈwakt/ tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van ontwaken.
763 fat Zelfstandig naamwoord /fɑt/ modegek, iemand die buitensporige aandacht aan zijn uiterlijk besteedt.
764 knapper Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord onverbogen vorm van de vergrotende trap van knap.
765 berekend Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /bəˈrekənt/ voltooid deelwoord van berekenen.
766 geïnstalleerd Werkwoord /ɣəˌʔɪnstɑˈlert/ voltooid deelwoord van installeren.
767 explosies Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord explosie.
768 astma Zelfstandig naamwoord /ˈɑs(t)maː/ een ziekte die, door vernauwing van de luchtwegen, benauwdheid en hoestbuien veroorzaakt.
769 matrix Zelfstandig naamwoord /ˈmaːtrɪks/ een rechthoekig blok getallen waaraan bepaalde rekenregels toegekend worden.
770 termen Zelfstandig naamwoord /ˈtɛr.mə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord term.
771 benadering Zelfstandig naamwoord /bəˈnaː.dəˌrɪŋ/ getalswaarde die voor een bepaald praktisch doel voldoende dicht in de buurt ligt van de exacte waarde van die grootheid.
772 bange Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van bang.
773 strenge Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van streng.
774 geheimhouding Zelfstandig naamwoord het niet door vertellen van informatie aan iemand anders.
775 aanbiedt Werkwoord /ˈambit/ tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aanbieden.
776 bunny Zelfstandig naamwoord /'bʏni/ in een konijnenkostuum geklede serveerster in een nachtclub.
777 Twitter Zelfstandig naamwoord, Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van twitteren.
778 onaangenaam Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord (Zelfstandig naamwoord).
779 overschat Werkwoord /ˌoː.vərˈsxɑt/ eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van overschatten.
780 cornflakes Zelfstandig naamwoord gezoete, geroosterde maisvlokken.
781 eenden Zelfstandig naamwoord /ˈendə(n)/ algemene naam voor een aantal soorten vogels uit de familie van de eendachtigen (Anatidae). Alle soorten uit de Anatidae…
782 cocktails Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord cocktail.
783 honk Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ɦɔŋk/ elk van de vier hoekpunten op een softbal- of honkbalveld die een speler moet passeren, wil hij een punt scoren.
784 racist Zelfstandig naamwoord /rɑˈsɪst/ pleitbezorger voor ongelijke behandeling van mensen op grond van aangeboren uiterlijke kenmerken of afstamming van een e…
785 verleend Werkwoord voltooid deelwoord van verlenen.
786 ontslaat Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van ontslaan.
787 fabrieken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /fɑˈbrikə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord fabriek.
788 doodvallen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈdoːtˌfɑ.lə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
789 beugel Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈbøː.ɣəl/ een uitwendig gedragen hulpmiddel ter correctie van standsafwijkingen of abnormale beweeglijkheid van gewrichten of van…
790 neerschiet Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van neerschieten.
791 opbellen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɔˌbɛlə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
792 scans Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord scan.
793 opjagen Werkwoord /ˈɔpˌjaː.ɣə(n)/ gestresst maken, gek maken, iemand zich (nodeloos) doen haasten onder druk.
794 langere Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de vergrotende trap van lang.
795 vertaler Zelfstandig naamwoord /vərˈtaː.lər/ iemand die geschreven tekst overzet van de ene taal naar een andere.
796 uitdagen Werkwoord /ˈœy̯tˌdaːɣə(n)/ iemand met woord of daad tot actie prikkelen.
797 rijker Bijvoeglijk naamwoord onverbogen vorm van de vergrotende trap van rijk.
798 cricket Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈkrɪ.kət/ een uit Engeland afkomstig slagbalspel in de open lucht.
799 opeet Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van opeten.
800 gootsteen Zelfstandig naamwoord /ˈɣoːt.steːn/ een bak, meestal ingebouwd in een aanrecht, onder een kraan en met een afvoer.
801 overzicht Zelfstandig naamwoord /ˈoːvərˌzɪxt/ samenvatting van de inhoud; beschrijving in hoofdlijnen.
802 glippen Werkwoord /ˈɣlɪpə(n)/ uitglijden over of langs een oppervlak dat glad is door vocht of een ander smeermiddel.
803 cheerleaders Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord cheerleader.
804 milligram Zelfstandig naamwoord /ˈmi.liˌɣrɑm/ een massa (gewicht) ter grootte van een duizendste gram, 0,1 centigram, weergegeven met symbool mg.
805 wol Zelfstandig naamwoord /ʋɔl/ weefsel van wollen garens.
806 neergehaald Werkwoord voltooid deelwoord van neerhalen.
807 ontsloeg Werkwoord enkelvoud verleden tijd van ontslaan.
808 society Zelfstandig naamwoord /soˈsɑjəˌti/ aanduiding voor een gezamenlijke groep mensen uit de bovenlaag van de samenleving die zichtbaar veel met elkaar omgaan.
809 schrappen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈsxrɑ.pə(n)/ met een scherp voorwerp zoals een mes de oppervlaktelaag verwijderen.
810 gluren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɣlyː.rə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
811 smoesjes Zelfstandig naamwoord /ˈsmuʃəs/ verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord smoes.
812 overlopen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /[ˈoː.vər.loː.pə(n)]/ tot boven de rand van een vat of dijk gevuld raken.
813 mayday Tussenwerpsel /ˈmede/ internationaal in de radiotelefonie gebruikelijke signaal voor noodgevallen.
814 creatie Zelfstandig naamwoord /kreːˈjaː(t)si/ een schepping, iets totaal nieuw, ontwerp.
815 noteren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /noˈterə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
816 kauwgum Zelfstandig naamwoord een snoepgoed oorspronkelijk vervaardigd van het plantensap van de boom Manilkara chicle, nu vaak vervangn door polyisob…
817 roomservice Zelfstandig naamwoord /ˈruːmsʏːrvɪs/ dienstverlening in hotels voor het verzorgen van eten en drinken op de kamer.
818 hevige Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van hevig.
819 part Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /pɑrt/ deel, gedeelte, onderdeel, stuk.
820 incidenten Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord incident.
821 toestellen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord to provide, ready.
822 games Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord game.
823 stalken Werkwoord /ˈstɑl.kə(n)/ hinderlijk volgen, belagen, dwangmatig volgen.
824 kolen Zelfstandig naamwoord /ˈkolə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord kool.
825 betaalden Werkwoord meervoud verleden tijd van betalen.
826 corps Zelfstandig naamwoord /koːr/ # verouderde spelling of vorm van korps in de betekenis "(typografie) maat van lettertype" tot 1996.
827 vip Zelfstandig naamwoord afkorting van het Engelse very important person: zeer belangrijk personage.
828 verlinkt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verlinken.
829 knappen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈknɑ.pə(n)/ produceren van een knappend, spetterend geluid door een brandend vuur.
830 verblind Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verblinden.
831 paden Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord pad.
832 uitgaven Zelfstandig naamwoord, Werkwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord uitgave.
833 restjes Zelfstandig naamwoord verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord rest.
834 verte Zelfstandig naamwoord /ˈvɛr.tə/ het gebied dat nog net binnen zichtsafstand is.
835 flora Zelfstandig naamwoord /ˈfloː.raː/ het plantenrijk in een bepaalde streek of periode.
836 walden Werkwoord meervoud verleden tijd van wallen.
837 doneren Werkwoord /doːˈneːrə(n)/ een gift geven.
838 rationeel Bijvoeglijk naamwoord /ˌraː.(t)ʃoːˈneːl/ op redelijk overwegingen gebaseerd.
839 aanzienlijk Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌaːnˈzin.lək/ (Zelfstandig naamwoord).
840 plunderen Werkwoord /ˈplʏn.də.rə(n)/ met geweld zich roerende goederen toe-eigenen (uit de woning van) iemand anders.
841 cup Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /kʏp/ beker die dient als trofee voor de winnaar van een toernooi of concours waarbij meestal steeds de verliezers van wedstri…
842 medailles Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord medaille.
843 toegewijde Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van toegewijd, voltooid deelwoord van toewijden.
844 schending Zelfstandig naamwoord /ˈsxɛn.dɪŋ/ het schenden van iets, het inbreuk maken.
845 worstjes Zelfstandig naamwoord verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord worst.
846 objectief Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord /ˌɔpjɛkˈtif/ de lens (of het lenzenstelsel) van een optisch instrument (bijvoorbeeld een microscoop of verrekijker) die zich het dich…
847 exotische Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van exotisch.
848 zwem Werkwoord /zʋɛm/ eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zwemmen.
849 opgepast Werkwoord voltooid deelwoord van oppassen.
850 groepje Zelfstandig naamwoord /ˈɣrupjə/ verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord groep.
851 legitimatie Zelfstandig naamwoord /ˌleː.ɣi.tiˈmaː.(t)si/ documenten waarmee je kunt tonen wie je bent, legitimatiebewijs.
852 frietjes Zelfstandig naamwoord /ˈfriː.tjəs/ verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord friet.
853 gerechtelijk Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɣə'rɛxtələk/ (Zelfstandig naamwoord).
854 mattie Zelfstandig naamwoord /ˈmɑti/ vriend, kameraad.
855 tweelingen Zelfstandig naamwoord /ˈtwelɪŋə(n)/ sterrenbeeld van de dierenriem (tussen rechte klimming 5ᵘ57ᵐ en 8ᵘ06ᵐ en tussen declinatie +10° en +35°).
856 doodskist Zelfstandig naamwoord /ˈdoːtskɪst/ houten kist waarin iemand begraven of gecremeerd wordt.
857 klos Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Tussenwerpsel /klɔs/ mislukte stoot doordat de speelbal op weg naar de derde bal nog eens tegen de tweede bal botst.
858 onderkant Zelfstandig naamwoord /ˈɔndərˌkɑnt/ de naar beneden gerichte zijde, de bodem.
859 wettige Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van wettig.
860 oen Zelfstandig naamwoord /un/ gecastreerde ezelhengst, ofwel ezelruin.
861 betoverd Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /bəˈtovərt/ voltooid deelwoord van betoveren.
862 waken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈʋaːkə(n)/ ~ over: letten op, beschermen.
863 omtrek Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɔmtrɛk/ het gebied rondom een bepaalde plaats.
864 sufferd Zelfstandig naamwoord /ˈsʏ.fərt/ sukkel, knurft, duts, stumper, goeierd.
865 zuipen Werkwoord /ˈzœy̯.pə(n)/ in sterke mate olie of benzine verbruiken.
866 culturele Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van cultureel.
867 portie Zelfstandig naamwoord /ˈpɔr.si/ een deel van een voorraad toebedeeld aan een bepaald persoon.
868 panty Zelfstandig naamwoord /ˈpɛnti/ onderbroek voor dames, die lijkt op een lange, dunne kous en het gehele been bedekt.
869 nippertje Zelfstandig naamwoord /ˈnɪpərcə/ iemand die met heel kleine teugjes drinkt en klein, goed bekend of min wordt gevonden.
870 omtrent Voorzetsel /ɔmˈtrɛnt/ kort voor of na het tijdstip van.
871 schuilt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van schuilen.
872 vloeibaar Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈvlujbar/ (Zelfstandig naamwoord).
873 getwijfeld Werkwoord voltooid deelwoord van twijfelen.
874 erewoord Zelfstandig naamwoord /ˈeː.rəˌʋoːrt/ belofte waarbij men zijn eer op het spel zet.
875 veteranen Zelfstandig naamwoord /veː.təˈraː.nə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord veteraan.
876 vreest Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vrezen.
877 achten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /'ɑxtə(n)/ datief van acht na voortzetsels bij tijdsaanduidingen.
878 veiligste Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de overtreffende trap van veilig.
879 item Zelfstandig naamwoord /ˈɑjtəm/ onderwerp dat aan bod komt.
880 gala Zelfstandig naamwoord /ˈɣaː.laː/ een feestelijke gelegenheid waar de heren in rokkostuum of smoking en de dames in avondjurk verschijnen.
881 zaaien Werkwoord /ˈzaːi̯ə(n)/ veroorzaken of teweegbrengen.
882 sabotage Zelfstandig naamwoord /saːboːˈtaːʒə/ een ingreep op zaken om deze te laten mislukken of te vernielen.
883 uitgedroogd Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord (Werkwoord).
884 gevestigd Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord (Zelfstandig naamwoord).
885 gemengd Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɣəˈmɛŋt/ (Zelfstandig naamwoord).
886 levensvormen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord levensvorm.
887 magnetron Zelfstandig naamwoord /mɑxnəˈtrɔn/ toestel waarin met zeer korte en gerichte elektromagnetische golven voedsel in zeer korte tijd warm kan worden gemaakt.
888 inspirerend Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌɪnspiˈrerənt/ (Zelfstandig naamwoord).
889 hingen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɦɪ.ŋə(n)/ a hamlet in Echt-Susteren, Limburg, Netherlands.
890 parkeer Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van parkeren.
891 uitlaten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈœy̯tˌlaː.tə(n)/ iets ~: een huisdier -meest een hond- naar buiten laten.
892 genadig Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord (Zelfstandig naamwoord).
893 onredelijk Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord /ˌɔn.ˈreːdələk/ (Zelfstandig naamwoord).
894 sluier Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈslœy̯.ər/ onbedoelde zwarting van de gevoelige laag van foto's waardoor er een wit waas over de afbeelding komt.
895 hekserij Zelfstandig naamwoord iets bijzonder moeilijks.
896 brute Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van bruut.
897 mini Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈmini/ mini (tiny).
898 es Zelfstandig naamwoord, Bijwoord /əs/ de grondtoon van het “es-mineurakkoord”, de kleine drieklank op de eerste trap (tonica-akkoord) van de kleinetertstoonla…
899 kruisen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈkrœy̯sə(n)/ nautical bij het zeilen zigzag bijna tegen de wind varen louvoyer Heen moesten we kruisen, maar terug voeren we voor de…
900 knielen Werkwoord /ˈknilə(n)/ op de knieën gaan.
901 gevaarlijkste Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de overtreffende trap van gevaarlijk.
902 benijd Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van benijden.
903 verwonding Zelfstandig naamwoord lichamelijk letsel, beschadiging van het lichaam.
904 overneemt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van overnemen.
905 mep Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /mɛp/ een klap met de hand of met een mepper.
906 hagedis Zelfstandig naamwoord /ˌɦaːɣəˈdɪs/ sterrenbeeld noordelijk van de dierenriem (tussen rechte klimming 21ᵘ55ᵐ en 22ᵘ56ᵐ en tussen declinatie +35° en +57°).
907 overuren Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord overuur.
908 gezamenlijk Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord (Zelfstandig naamwoord).
909 scherpschutter Zelfstandig naamwoord /ˈsxɛrpˌsxʏtər/ iemand die op grote afstand met een geweer het object kan raak schieten.
910 aankondigen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈaːŋkɔndəɣə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
911 baseball Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈbezbɔːl/ veldsport met twee ploegen, die om de beurt de gelegenheid hebben om punten te maken door een toegeworpen bal met een kn…
912 vertraagd Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /vər.ˈtraːxt/ voltooid deelwoord van vertragen.
913 zoogdieren Zelfstandig naamwoord /ˈzoɣdirə(n)/ klasse Mammalia van warmbloedige, meestal levendbarende chordadieren die hun jongen zogen met borstvoeding.
914 amuseer Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van amuseren.
915 mankeer Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van mankeren.
916 serienummer Zelfstandig naamwoord /ˈseː.riˌnʏ.mər/ unieke code dat één exemplaar van een in serie gemaakt product heeft.
917 vermomd Werkwoord voltooid deelwoord van vermommen.
918 gevierd Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɣəˈvirt/ voltooid deelwoord van vieren.
919 geplast Werkwoord voltooid deelwoord van plassen.
920 schetsen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈsxɛtsə(n)/ met een minimum van pennenstreken een voorlopige en gewoonlijk uitwisbare afbeelding van iets maken.
921 field Werkwoord /filt/ eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van fielden.
922 opgeborgen Werkwoord voltooid deelwoord van opbergen.
923 beschrijf Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van beschrijven.
924 drol Zelfstandig naamwoord /drɔl/ fors, lelijk en vaak onvriendelijk wezen, oorspronkelijk afkomstig uit de Scandinavische mythologie.
925 teruggegaan Werkwoord voltooid deelwoord van teruggaan.
926 schelden Werkwoord /ˈsxɛl.də(n)/ krenkende of beledigende woorden uitspreken op heftige of ruwe toon.
927 koele Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van koel.
928 overgebracht Werkwoord voltooid deelwoord van overbrengen.
929 afkomen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɑfkoːmə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
930 vleermuis Zelfstandig naamwoord /ˈvleːrmœy̯s/ klein vliegend zoogdier behorend tot de orde van de Chiroptera.
931 mirakel Zelfstandig naamwoord /ˌmiˈraː.kəl/ een wonderbaarlijke of onbegrijpelijke gebeurtenis.
932 orgaan Zelfstandig naamwoord /ɔrˈɣaːn/ onderdeel van het organisme, samengesteld uit weefsels die één of meerdere specifieke functies vervullen, en een macrosc…
933 advocatenkantoor Zelfstandig naamwoord een bureau voor juridische dienstverlening met als hoofdwerkzaamheid: werkzaamheden door advocaten.
934 domkop Zelfstandig naamwoord /ˈdɔm.kɔp/ iemand die niet erg slim is.
935 nachtdienst Zelfstandig naamwoord het verrichten van nachtelijke werkzaamheden volgens een diensrooster.
936 gelet Werkwoord voltooid deelwoord van letten.
937 ravijn Zelfstandig naamwoord een diepe, steile insnijding in een terrein.
938 recepten Zelfstandig naamwoord /rəˈsɛp.tə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord recept.
939 bedankje Zelfstandig naamwoord /bə'dɑŋkjə/ dankzegging.
940 kapitaal Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord de derde productiefactor naast natuur en arbeid, bestaande in de gezamenlijke productiemiddelen.
941 gezonden Werkwoord voltooid deelwoord van zenden.
942 tref Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van treffen.
943 stakker Zelfstandig naamwoord iemand die veel pech heeft, veel tegenslagen meemaakt.
944 aankon Werkwoord /ˈaŋkɔn/ enkelvoud verleden tijd van aankunnen.
945 tezamen Bijwoord in dichte nabijheid van elkaar.
946 verwant Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /vərˈʋɑnt/ woord dat van hetzelfde oudere woord afkomstig is.
947 gelekt Werkwoord voltooid deelwoord van lekken.
948 hooi Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ɦoːi̯/ gedroogd gras.
949 shirts Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord shirt.
950 diabetes Zelfstandig naamwoord /ˌdi.aːˈbeː.təs/ Meestal gebruikt voor diabetes mellitus: een stofwisselingsziekte waarbij het lichaam geen of te weinig insuline produce…
951 hooggerechtshof Zelfstandig naamwoord /ˌhoxəˈrɛx(t)shɔf/ een gerechtshof waarboven geen ander gerechtshof is gesteld.
952 exemplaren Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord exemplaar.
953 windt Werkwoord /wɪnt/ tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van winden.
954 context Zelfstandig naamwoord /ˈkɔn.tɛkst/ de gebeurtenissen die vóór het gebeurde hebben plaatsgevonden.
955 democraten Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord democraat.
956 doodgegaan Werkwoord /ˈdoːtxəˌɣaːn/ voltooid deelwoord van doodgaan.
957 vermelden Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /vərˈmɛl.də(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
958 ginder Zelfstandig naamwoord, Bijwoord /ˈɣɪndər/
959 latino Zelfstandig naamwoord /laˈtino/ bewoner van de VS met een afkomst uit Midden- of Zuid-Amerika.
960 infiltreren Werkwoord langzaam of tersluiks binnendringen.
961 kwadrant Zelfstandig naamwoord elk van de vier gelijke delen van een cirkel, verdeeld door twee loodrecht op elkaar staande diameters.
962 keten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈkeː.tə(n)/ vergelijkbare bedrijven op verschillende plaatsen die samen naar hun klanten als een geheel functioneren.
963 adel Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈaːdəl/ bevoorrechte en vaak ook rijke groep personen aan wie een meest erfelijke titel verleend was en aan wie voorheen een bep…
964 geestig Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord /ˈɣestəx/ (Zelfstandig naamwoord).
965 overeenkomt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van overeenkomen.
966 bijstaan Werkwoord /ˈbɛi̯staːn/ een helpende hand bieden.
967 doofpot Zelfstandig naamwoord /ˈdoːf.pɔt/ pot waarin men in vroeger tijden turven of kolen doofde.
968 lijd Werkwoord /ˈlɛi̯t/ eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van lijden.
969 rondes Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord ronde.
970 geïnvesteerd Werkwoord voltooid deelwoord van investeren.
971 beschouwt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van beschouwen.
972 parels Zelfstandig naamwoord /ˈparəls/ meervoud van het zelfstandig naamwoord parel.
973 oesters Zelfstandig naamwoord /ˈustərs/ meervoud van het zelfstandig naamwoord oester.
974 wagon Zelfstandig naamwoord /ʋaːˈɣɔn/ bij uitbreiding: ieder spoorvoertuig, niet zijnde een locomotief.
975 ondergaat Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van ondergaan.
976 verpleger Zelfstandig naamwoord /vərˈpleː.ɣər/ iemand met de opleiding tot het geven van verpleegkundige zorg.
977 vooraleer Zelfstandig naamwoord, Voegwoord /ˌvorɑˈler/ (Zelfstandig naamwoord).
978 onwetendheid Zelfstandig naamwoord /ˌɔnˈʋeː.tənt.ɦɛi̯t/ afwezigheid van kennis bij iemand.
979 hapjes Zelfstandig naamwoord verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord hap.
980 plasma Zelfstandig naamwoord /ˈplɑs.maː/ de vloeistof waarin zich de rode en witte bloedcellen bevinden.
981 hole Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /hol/ hele traject van de afslag tot het bijbehorende putje, als onderdeel van een golfwedstrijd.
982 vanille Zelfstandig naamwoord /vɑˈni.jə/ benaming voor een bepaalde tropische klimplant, Vanilla planifolia.
983 verschuilen Werkwoord /vərˈsxœylə(n)/ zich ~ zich aan zijn verantwoordelijkheden onttrekken door iets of iemand anders als de verantwoordelijke aan te wijzen.
984 vervalsing Zelfstandig naamwoord /vərˈvɑl.sɪŋ/ een artefact opzettelijk nagemaakt om mensen in de waan te brengen dat het echt is.
985 precieze Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van precies.
986 propaganda Zelfstandig naamwoord activiteiten of materiaal gericht op het beïnvloeden van de mening of het gedrag van grote groepen mensen waarin niet ze…
987 western Zelfstandig naamwoord /ˈʋɛs.tərn/ een film die speelt in het Wilde Westen, de westelijke staten van de VS in de 19e eeuw.
988 inbeelden Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɪmbeldə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
989 keizerin Zelfstandig naamwoord een vrouwelijke monarch van de allerhoogste rang, oorspronkelijk die van het Romeinse rijk.
990 belast Werkwoord /bə'lɑst/ enkelvoud tegenwoordige tijd van belasten.
991 schoonvader Zelfstandig naamwoord /ˈsxoːnˌvaː.dər/ de vader van de huwelijkspartner.
992 aardbevingen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord aardbeving.
993 voorbije Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord a time gone by; the past.
994 uranium Zelfstandig naamwoord /ˌyˈraː.ni.ʏm/ scheikundig element met symbool U en atoomnummer 92. Het is een metalliekgrijs actinide.
995 aangesteld Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈaŋɣəˌstɛlt/ voltooid deelwoord van aanstellen.
996 produceert Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van produceren.
997 kerstboom Zelfstandig naamwoord /ˈkɛrstˌboːm/ namaakboom die rond Kerstmis wordt opgesteld met allerlei versieringen.
998 reuzen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord reus.
999 beleefdheid Zelfstandig naamwoord /bəˈleːftˌɦɛi̯t/ een sociale vaardigheid, die de omgang in de maatschappij vergemakkelijkt.
1000 verzorging Zelfstandig naamwoord het geven van zorg aan iets of iemand.
1001 vermoeid Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /vərˈmui̯t/ (Zelfstandig naamwoord).
1002 ingevuld Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord voltooid deelwoord van invullen.
1003 verkochten Werkwoord /vərˈkɔxtə(n)/ meervoud verleden tijd van verkopen.
1004 sterrendatum Zelfstandig naamwoord een fictieve eenheid van tijd, die wordt gebruikt in het Star Trek-universum.
1005 opvoeren Werkwoord /ˈɔpˌvu.rə(n)/ meervoud verleden tijd van opvaren.
1006 boe Zelfstandig naamwoord, Tussenwerpsel /bu/ aanspreekvorm voor oudere of zorgzame Indonesische vrouw als lid van de huishouding.
1007 vreemder Bijvoeglijk naamwoord onverbogen vorm van de vergrotende trap van vreemd.
1008 joeg Werkwoord enkelvoud verleden tijd van jagen.
1009 operatiekamer Zelfstandig naamwoord /oː.pəˈraː.(t)siˌkaː.mər/ ruimte waar heelkundige bewerkingen uitgevoerd worden.
1010 keen Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kenen.
1011 series Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord serie.
1012 nagedachtenis Zelfstandig naamwoord herinnering, vooral aan een overledene.
1013 nietes Tussenwerpsel /ˈnitəs/ een algemene ontkenning.
1014 externe Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɛksˈtɛrnə/ iemand die ingehuurd is vanuit een ander bedrijf.
1015 blanco Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈblɑŋ.koː/ To polish using Blanco.
1016 verpletteren Werkwoord vernietigend platslaan.
1017 verveeld Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /vərˈvelt/ verveling voelend of uitdrukkend.
1018 schets Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /sxɛts/ grove tekening of vertelling zonder details.
1019 prof Zelfstandig naamwoord /prɔf/ verkorte vorm van professional (bn: professioneel).
1020 kwetst Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kwetsen.
1021 stelden Werkwoord /ˈstɛldə(n)/ meervoud verleden tijd van stellen.
1022 bakboord Zelfstandig naamwoord /ˈbɑk.boːrt/ de linkerzijde als men vanop een schip naar de boeg kijkt.
1023 aardappels Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord aardappel.
1024 vergiftigde Werkwoord verbogen vorm van vergiftigd, voltooid deelwoord van vergiftigen.
1025 ruige Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van ruig.
1026 potten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈpɔtə(n)/ meervoud verleden tijd van potten.
1027 gladde Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van glad.
1028 sollen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈsɔlə(n)/ met volstrekte willekeur of respectloos behandelen.
1029 plaatsvond Werkwoord enkelvoud verleden tijd van plaatsvinden.
1030 eerbetoon Zelfstandig naamwoord /ˈeːr.bəˌtoːn/ een bijeenkomst of handeling om waardering aan iemand te tonen hommage (ɔmaʒ) mannelijk een eerbetoon aan alle slachtoff…
1031 aapje Zelfstandig naamwoord /ˈaːp.jə/ verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord aap.
1032 marketing Zelfstandig naamwoord /ˈmɑːrkəˌtɪŋ/ het opstellen van plannen voor de vergroting of de handhaving van de afzet.
1033 stokje Zelfstandig naamwoord verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord stok.
1034 sleept Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van slepen.
1035 sluw Bijvoeglijk naamwoord /slyu̯/ op een doortrapte wijze slim.
1036 hoefden Werkwoord meervoud verleden tijd van hoeven.
1037 aanrichten Werkwoord /ˈaːnˌrɪx.tə(n)/ veroorzaken, met name van schade.
1038 bruut Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /bryt/ iemand die nietsontziend en veelal gewelddadig optreedt.
1039 afsluiting Zelfstandig naamwoord /ˈɑf.slœy̯.tɪŋ/ een voorwerp dat ervoor zorgt dat iets afgesloten wordt.
1040 mietjes Zelfstandig naamwoord verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord mietje.
1041 mi Zelfstandig naamwoord /mi/ derde toon van een hexachord, tussen re en fa.
1042 zakenpartner Zelfstandig naamwoord /ˈzaː.kə(n)ˌpɑrt.nər/ iemand met wie men gezamenlijk zaken onderneemt.
1043 gebrand Werkwoord /ɣəˈbrɑnt/ voltooid deelwoord van branden.
1044 deskundige Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /dɛsˈkʏn.də.ɣə/ iemand die door beroep, studie of ervaring in het bijzonder bevoegd is tot het beoordelen van een zaak of het uitvoeren…
1045 schuil Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /sxœy̯l/ eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van schuilen.
1046 pr Zelfstandig naamwoord /pe'ɛr/ geeft aan dat de daaropvolgende reeks cijfers een betaalrekening bij het postbedrijf aanduiden.
1047 mouwen Zelfstandig naamwoord /ˈmɑu̯ə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord mouw.
1048 ingaat Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van ingaan.
1049 aardappel Zelfstandig naamwoord /ˈaːr.dɑ.pəl/ bepaald soort plant, Solanum tuberosum, uit de nachtschadefamilie.
1050 huilend Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord onvoltooid deelwoord van huilen.
1051 hechte Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord aanvoegende wijs van hechten.
1052 afvuren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɑfyːrə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1053 cara Zelfstandig naamwoord /ˈkara/ verzamelnaam voor astma, chronische bronchitis en longemfyseem.
1054 buizen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈbœy̯zə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord buis.
1055 bewogen Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /bəˈʋoːɣə(n)/ meervoud verleden tijd van bewegen.
1056 pompoen Zelfstandig naamwoord /pɔmˈpun/ een zeer oud (9000 v.Chr.) cultuurgewas uit Midden- en Zuid-Amerika, bestaande uit de grote vlezige vruchten van de plan…
1057 zebra Zelfstandig naamwoord /ˈzeː.braː/ Equus (Hippotigris) snel, paardachtig kuddedier van de Afrikaanse steppen, gekenmerkt door zijn witte of lichtgele huid…
1058 halleluja Zelfstandig naamwoord, Tussenwerpsel /ˌɦɑ.leːˈly.jaː/ oproep in een aantal psalmen om de Heer te prijzen (24×: Ps. 104:35 +; ook 4× in NT).
1059 communist Zelfstandig naamwoord /ˌkɔ.myˈnɪst/ aanhanger, voorstander van het communisme.
1060 blaffen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈblɑfə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1061 gemarkeerd Werkwoord voltooid deelwoord van markeren.
1062 communistische Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van communistisch.
1063 chauffeurs Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord chauffeur.
1064 gedaald Werkwoord voltooid deelwoord van dalen.
1065 mustang Zelfstandig naamwoord verwilderd Amerikaans paard.
1066 verdrijven Werkwoord /vərˈdrɛi̯.və(n)/ uit het land verjagen.
1067 citaat Zelfstandig naamwoord /siˈtaːt/ een letterlijke passage die door iemand anders aangehaald wordt uit een bron.
1068 waterval Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈʋaː.tərˌvɑl/ Hameau des Pays-Bas situé dans la commune de Meerssen.
1069 verbrande Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /vərˈbrɑn.də/ verbogen vorm van verbrand, voltooid deelwoord van verbranden.
1070 entertainment Zelfstandig naamwoord /ˌɛntərˈtenmənt/ activiteiten waarmee het publiek plezierig beziggehouden wordt.
1071 rodeo Zelfstandig naamwoord /roˈdejo/ evenement met wedstrijden in het omgaan met paarden en runderen van cowboys.
1072 premie Zelfstandig naamwoord /ˈpreː.mi/ de betaling aan een verzekeringsmaatschappij als tegenprestatie voor het aanhouden van een verzekering.
1073 vertoning Zelfstandig naamwoord /vərˈtonɪŋ/ dat wat vertoond, voorgesteld wordt.
1074 neuzen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈnøː.zə(n)/ snuffelen, met de neus onderzoeken.
1075 aanbetaling Zelfstandig naamwoord /ˈaːn.bəˌtaː.lɪŋ/ een eerste betaling bij het kopen van iets op afbetaling of in termijnen.
1076 overhaast Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord abruptly; in a precipitous manner.
1077 reporter Zelfstandig naamwoord /riˈpɔːrtər/ iemand die in de media verslag doet van een onderwerp.
1078 geluksvogel Zelfstandig naamwoord /ɣəˈlʏksˌfoː.ɣəl/ iemand die onwaarschijnlijk veel geluk lijkt te hebben.
1079 muffin Zelfstandig naamwoord /ˈmʏ.fɪn/ klein rond cakeje.
1080 vreedzaam Bijvoeglijk naamwoord zonder ruzie of oorlog.
1081 beschaafde Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van beschaafd.
1082 reusachtige Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van reusachtig.
1083 hok Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ɦɔk/ een bepaald dierenverblijf.
1084 atoombom Zelfstandig naamwoord /aːˈtoːm.bɔm/ een bom waarvan de vernietigingskracht berust op het vrijkomen van energie door de splitsing van atomen.
1085 impulsief Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɪm.pʏlˈsif/ (Zelfstandig naamwoord).
1086 bezielde Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van bezield, voltooid deelwoord van bezielen.
1087 molen Zelfstandig naamwoord /ˈmoː.lə(n)/ een installatie die de stroming van lucht of water als energiebron gebruikt voor het aandrijven van allerlei machines.
1088 repareer Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van repareren.
1089 exclusieve Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van exclusief.
1090 pupillen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord pupil.
1091 achtervolgde Werkwoord verbogen vorm van achtervolgd, voltooid deelwoord van achtervolgen.
1092 bijdehand Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord /ˌbɛi̯.dəˈɦɑnt/ snel en gevat van reactie.
1093 opzichten Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord opzicht.
1094 jaloerse Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van jaloers.
1095 weeën Zelfstandig naamwoord /ˈʋeːən/ meervoud van het zelfstandig naamwoord wee.
1096 tevergeefs Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord /ˌtə.vərˈɣeːfs/ (Zelfstandig naamwoord).
1097 garden Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord gard.
1098 voodoo Zelfstandig naamwoord een geloof dat inheems is in Haïti.
1099 terras Zelfstandig naamwoord /tɛ.ˈrɑs/ een horizontaal gelegen vlakte, enerzijds begrensd door een duidelijk aflopend terrein en anderzijds door een duidelijk…
1100 barkeeper Zelfstandig naamwoord /'bɑrkipər/ iemand die achter de bar staat en drankjes voor de gasten inschenkt.
1101 aquarium Zelfstandig naamwoord /aːˈkʋaː.ri.ʏm/ glazen bak met water waarin onderwaterflora en -fauna gehouden wordt met de bedoeling vissen, lagere dieren en/of plante…
1102 dronkaard Zelfstandig naamwoord /ˈdrɔŋkaːrd/ iemand die bij herhaling zwaar dronken is.
1103 maandenlang Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord /ˈmaːn.də(n).lɑŋ/ (Zelfstandig naamwoord).
1104 verstoppertje Zelfstandig naamwoord /vərˈstɔ.pər.cə/ kinderspel waar één speler de andere kinderen moet zoeken die zich verborgen hebben.
1105 trager Bijvoeglijk naamwoord onverbogen vorm van de vergrotende trap van traag.
1106 overspel Zelfstandig naamwoord /ˈoː.vərˌspɛl/ in een huwelijk of vaste relatie toch seks hebben met een ander dan de echtgenoot of vaste partner.
1107 volslagen Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord (Zelfstandig naamwoord).
1108 afwachting Zelfstandig naamwoord /ˈɑfˌʋɑx.tɪŋ/ in de veronderstelling zijnde dat bepaalde dingen gaan gebeuren.
1109 aankoop Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈaːŋkoːp/ datgene wat men aankoopt.
1110 samenstelling Zelfstandig naamwoord /ˈsaːmə(n)ˌstɛlɪŋ/ een woord dat gevormd is door twee of meer onafhankelijke woorden aan elkaar te koppelen.
1111 souvenir Zelfstandig naamwoord /su.vəˈnir/ klein voorwerp dat helpt om aan een prettige ervaring met een plaats of persoon terug te denken.
1112 shampoo Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈʃɑm.poː/ product, meestal in vloeibare vorm, dat bedoeld is om het haar te wassen.
1113 werpt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van werpen.
1114 aankunt Werkwoord /ˈaŋkʏnt/ tweede persoon enkelvoud van aankunnen.
1115 verhelpen Werkwoord /vərˈhɛlpə(n)/ een probleem uit de weg ruimen.
1116 racistisch Bijvoeglijk naamwoord /raˈsɪstis/ voortkomend uit de opvatting dat mensen door afstamming kunnen worden ingedeeld in grote groepen met verschillende uiter…
1117 real Zelfstandig naamwoord voormalige munteenheid van Spanje, Portugal.
1118 rivaal Zelfstandig naamwoord /riˈvaːl/ iemand met wie men wedijvert voor het bereiken van een bepaald doel.
1119 haaks Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord (Zelfstandig naamwoord).
1120 stomkop Zelfstandig naamwoord /ˈstɔm.kɔp/ een dom of onachtzaam persoon.
1121 wand Zelfstandig naamwoord /ʋɑnt/ een verticale afscheiding tussen twee vertrekken in een woonlaag van een gebouw.
1122 afstandelijk Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌɑfˈstɑn.də.lək/ (Zelfstandig naamwoord).
1123 methoden Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord methode.
1124 deksel Zelfstandig naamwoord /ˈdɛk.səl/ een voorwerp om een hol open lichaam mee af te dekken.
1125 onzekerheid Zelfstandig naamwoord /ɔnˈzekərˌhɛit/ de mate waarin meting en het gemetene van elkaar kunnen afwijkingen.
1126 opvrolijken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɔp.vroː.lə.kə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1127 urenlang Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord /ˈyː.rə(n).lɑŋ/ uren durend.
1128 verbied Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verbieden.
1129 getalenteerde Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van getalenteerd.
1130 technicus Zelfstandig naamwoord /ˈtɛx.niˌkʏs/ iemand die zich door middel van studie of ervaring techniek eigen heeft gemaakt en die techniek kan toepassen.
1131 toerist Zelfstandig naamwoord /tuˈrɪst/ een (mannelijk) persoon die voor zijn plezier reist (een toer maakt).
1132 geslikt Werkwoord voltooid deelwoord van slikken.
1133 bedrading Zelfstandig naamwoord /bəˈdraː.dɪŋ/ geheel van (elektrische) leidingdraden.
1134 niveaus Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord niveau.
1135 kortere Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de vergrotende trap van kort.
1136 eigenschap Zelfstandig naamwoord /ˈɛi̯.ɣə(n)ˌsxɑp/ dat wat een persoon of ding doet verschillen van iets dat er veel op lijkt.
1137 grill Zelfstandig naamwoord /ɣrɪl/ toestel om vlees door stralende warmte te roosteren voorzien van een braadrooster.
1138 anomalie Zelfstandig naamwoord /ˌaː.noː.maːˈli/ hoek tussen de voerstraal van een planeet met de grote as van haar ellipsbaan.
1139 technici Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord technicus.
1140 ontsteker Zelfstandig naamwoord een hulpmiddel om een op zichzelf stabiel explosief te laten ontploffen.
1141 vloeien Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈvlui̯ə(n)/ bloeden uit je vagina (bij menstruatie of door een aandoening).
1142 minderjarig Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌmɪn.dərˈjaː.rəx/ (Zelfstandig naamwoord).
1143 oogcontact Zelfstandig naamwoord /ˈoːx.kɔnˌtɑkt/ een verbinding met iemand hebben door elkaar aan te kijken, het is een vorm van non-verbale communicatie.
1144 kunstenaars Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord kunstenaar.
1145 teruggebeld Werkwoord voltooid deelwoord van terugbellen.
1146 thuishoort Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van thuishoren.
1147 gegraven Werkwoord voltooid deelwoord van graven.
1148 ambtenaren Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord ambtenaar.
1149 vormden Werkwoord meervoud verleden tijd van vormen.
1150 wonde Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈʋɔn.də/ een beschadiging in of aan het lichaam.
1151 borstkas Zelfstandig naamwoord /ˈbɔrst.kɑs/ geraamte van de borst dat de borstholte omhult.
1152 juryleden Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord jurylid.
1153 meldingen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord melding.
1154 kopiëren Werkwoord /ˌkoː.piˈeː.rə(n)/ een duplicaat maken van.
1155 amigo Zelfstandig naamwoord /aˈmiɡo/ vriendschappelijke aanspreekvorm voor een man.
1156 drugshandel Zelfstandig naamwoord /ˈdrʏkshɑndəl/ de min of meer georganiseerde koop en verkoop van illegale drugs (bijvoorbeeld heroïne, cocaïne, opium en hasjiesj) zond…
1157 basisschool Zelfstandig naamwoord /ˈbaː.zəˌsxoːl/ een school voor lager onderwijs.
1158 aangemeld Werkwoord /ˈaŋɣəˌmɛlt/ voltooid deelwoord van aanmelden.
1159 charleston Zelfstandig naamwoord Amerikaanse dans, die tot de swingdansen wordt gerekend.
1160 vulkanen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord vulkaan.
1161 kletst Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kletsen.
1162 vuisten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈvœy̯stə(n)/ to fist-fuck.
1163 gekleurde Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van gekleurd, voltooid deelwoord van kleuren.
1164 verwijdert Werkwoord /vɛrˈwɛidərt/ tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verwijderen.
1165 snack Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /snɛk/ een hartig hapje of tussendoortje.
1166 reizigers Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord reiziger.
1167 levensverzekering Zelfstandig naamwoord /ˈleː.və(n)s.vərˌzeː.kə.rɪŋ/ verzekering die geld uitkeerd op een bepaalde datum óf als de verzekerde overlijdt.
1168 getto Zelfstandig naamwoord benaming voor een stadswijk die voor het overgrote deel wordt bewoond door mensen die behoren tot een enkele etnische, r…
1169 gips Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ɣɪps/ pleister, gipshoudend kalkmengsel gebruikt in verschillende toepassingen, onder meer in mallen en bij het vastzetten van…
1170 15e Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈvɛiftində/ Quinzième.
1171 effe Bijwoord /ˈɛ.fə/
1172 samengesteld Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈsamə(n)ɣəˌstɛlt/ ingewikkeld, gecompliceerd.
1173 terminal Zelfstandig naamwoord /ˈtʏrmɪnəl/ distributie- of transportknooppunt, zoals een overslagterrein bij een haven of een overstapknooppunt.
1174 regende Werkwoord /ˈreɣəndə/ onpersoonlijke verleden tijd van regenen.
1175 portaal Zelfstandig naamwoord op internet een website of pagina die een overzicht tracht te scheppen over een bepaald onderwerp door middel van links.
1176 maanlicht Zelfstandig naamwoord /ˈmanlɪxt/ het zonlicht dat van de maan naar de aarde reflecteert.
1177 beheer Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /bəˈɦeːr/ het beheren van, de zorg en verantwoording voor eigendommen van derden.
1178 gastvrouw Zelfstandig naamwoord /ˈɣɑst.frɑu̯/ een vrouw die een gast ontvangt en verzorgt met eten en drinken.
1179 pion Zelfstandig naamwoord /piˈɔn/ een schaakstuk dat per zet slechts één vakje vooruit kan lopen en schuin vooruit slaat.
1180 arbeid Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɑrbɛi̯t/ werk travail (travaj) mannelijk aan de arbeid gaan se mettre au travail feestdag op 1 mei la fête du Travail werk waarvo…
1181 licentie Zelfstandig naamwoord studiejaren, besteed aan het behalen van de graad van licentiaat.
1182 spenderen Werkwoord /ˌspɛnˈdeː.rə(n)/
1183 deelnemen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈdeːlneːmə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1184 tori Zelfstandig naamwoord /ˈtori/ verslag van een beleefde of verzonnen gebeurtenis.
1185 reinigen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈrɛi̯.nə.ɣə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1186 goeiedag Zelfstandig naamwoord, Tussenwerpsel /ɣu.jə.ˈdɑx/ (Zelfstandig naamwoord).
1187 torens Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord toren.
1188 verstoort Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verstoren.
1189 opzichte Zelfstandig naamwoord datief onzijdig van opzicht.
1190 epidemie Zelfstandig naamwoord /ˌeː.pi.dəˈmi/ besmettelijke ziekte die zich snel verspreidt onder een groep van mensen.
1191 echtscheiding Zelfstandig naamwoord /ˈɛxtˌsxɛi̯.dɪŋ/ formele verbreking van een huwelijksband.
1192 editie Zelfstandig naamwoord /ˌeːˈdi.(t)si/ uitgave, druk van een boek, krant of ander informatiemedium.
1193 boor Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /boːr/ een chemisch element en een zwart metalloïde, met symbool B en atoomnummer 5.
1194 reiziger Zelfstandig naamwoord /ˈrɛi̯zəɣər/ iemand uit een familie die rondreist en zijn geld verdient op evenementen ter vermaak van mensen, bv een lid van een cir…
1195 vergiftiging Zelfstandig naamwoord /vərˈɣɪf.tə.ɣɪŋ/ de toestand die ontstaat na het in- of opnemen van een voldoende hoeveelheid van een vergif om symptomen te veroorzaken.
1196 plastische Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van plastisch.
1197 mankracht Zelfstandig naamwoord /ˈmɑn.krɑxt/ de kracht van een mens, het arbeidsvermogen van een mens.
1198 getrainde Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van getraind, voltooid deelwoord van trainen.
1199 primitief Bijvoeglijk naamwoord /ˌpri.miˈtif/ een functie F is een primitieve van de functie f als F differentieerbaar is en de afgeleide van F gelijk is aan f.
1200 instincten Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord instinct.
1201 bloedige Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van bloedig.
1202 menens Zelfstandig naamwoord genitief van menen: serieus, ernstig zonder grap.
1203 stripclub Zelfstandig naamwoord /ˈstrɪp.klʏp/ uitgaansgelegenheid met stripteaseshows.
1204 regenwoud Zelfstandig naamwoord /ˈreː.ɣə(n).ʋɑu̯t/ een bos in een klimaat met het hele jaar door neerslag.
1205 dot Zelfstandig naamwoord /dɔt/ een pluk vezelig, wollig of donzig materiaal.
1206 aftellen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɑftɛlə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1207 bespaard Werkwoord voltooid deelwoord van besparen.
1208 geschonken Werkwoord voltooid deelwoord van schenken.
1209 intimiteit Zelfstandig naamwoord /ˌɪn.ti.miˈtɛi̯t/ het intiem zijn, de vertrouwdheid.
1210 juichen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈjœy̯.xən/ (Zelfstandig naamwoord).
1211 verwachtten Werkwoord meervoud verleden tijd van verwachten.
1212 babysitten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈbeː.bi.sɪ.tə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1213 vervang Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vervangen.
1214 kano Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈkaː.noː/ rank bootje dat men door middel van een peddel voortbeweegt.
1215 zomers Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈzoː.mərs/ meervoud van het zelfstandig naamwoord zomer.
1216 mest Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /mɛst/ uitwerpselen van sommige dieren waarmee men land vruchtbaar maakt.
1217 verwisselen Werkwoord ~ met twee zaken elkaars plaats in doen nemen.
1218 langzame Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van langzaam.
1219 straatverbod Zelfstandig naamwoord een straf waarbij de veroordeelde niet in een bepaald gebied mag komen.
1220 vrachtschip Zelfstandig naamwoord /ˈvrɑxt.sxɪp/ een schip dat uitsluitend bedoeld is voor het vervoer van goederen.
1221 gesneuveld Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord voltooid deelwoord van sneuvelen.
1222 slijmen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈslɛimə(n)/ overdreven lief, positief en/of sentimenteel doen, meestal met de bijbedoeling hier zelf profijt uit te halen.
1223 netflix Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van netflixen.
1224 verpleegkundige Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /vərˌpleːxˈkʏn.də.ɣə/ iemand die beroepshalve patiënten verpleegt.
1225 speeksel Zelfstandig naamwoord /ˈspeːk.səl/ vocht dat in de mond vloeit uit de speekselklieren.
1226 buggy Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈbʏ.ɡi/ een karretje met vier wielen waarin een baby of peuter vervoerd kan worden.
1227 bespreek Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bespreken.
1228 volop Bijwoord in ruime mate.
1229 radicale Bijvoeglijk naamwoord /rɑ.diˈkaː.lə/ verbogen vorm van de stellende trap van radicaal.
1230 diarree Zelfstandig naamwoord /ˌdi.ɑˈreː/ darmstoornis die dunne ontlasting veroorzaakt.
1231 bediening Zelfstandig naamwoord /bəˈdinɪŋ/ groep van personen die eten en of drinken brengen in een horecagelegenheid.
1232 ongevoelig Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌɔŋ.ɣəˈvu.ləx/ (Zelfstandig naamwoord).
1233 doormaken Werkwoord /ˈdoːrˌmaː.kə(n)/ ondervinden, meemaken.
1234 idealen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord ideaal.
1235 onkosten Zelfstandig naamwoord /ˈɔŋˌkɔs.tən/ geld dat men moet uitgeven voor schade en verlies of bijkomende en onnodige zaken.
1236 antenne Zelfstandig naamwoord /ˌɑnˈtɛ.nə/ een vrij opgestelde elektrische geleider voor het uitzenden en/of ontvangen van elektromagnetische straling in het radio…
1237 geworpen Werkwoord voltooid deelwoord van werpen.
1238 ruzies Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord ruzie.
1239 varkensvlees Zelfstandig naamwoord /ˈvɑrkə(n)sˌfleːs/ vlees van varkens.
1240 vergaat Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vergaan.
1241 dagenlang Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord /ˈdaː.ɣə(n)ˌlɑŋ/ (Zelfstandig naamwoord).
1242 opzichter Zelfstandig naamwoord /ˈɔp.sɪx.tər/ iemand die toezicht houdt.
1243 zwervers Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord zwerver.
1244 toekomt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van toekomen.
1245 verspilde Werkwoord verbogen vorm van verspild, voltooid deelwoord van verspillen.
1246 middelste Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈmɪdəlstə/ met evenveel jongeren onder als ouderen boven zich.
1247 handleiding Zelfstandig naamwoord /ˈhɑntlɛidɪŋ/ hulpmiddel (in de vorm van b.v. een boek of software) dat tot leidraad dient bij de studie van een of ander vak.
1248 hachje Zelfstandig naamwoord verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord hach.
1249 krat Zelfstandig naamwoord /krɑt/ houten of plastic doos met openingen in de zijkanten in een standaardformaat, vaak gebruikt voor opslag en het vervoer v…
1250 meeneem Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van meenemen.
1251 heiligen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɦɛi̯.lə.ɣə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord heilige.
1252 indirect Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɪn.diˈrɛkt/ An indirect cost.
1253 huisvrouw Zelfstandig naamwoord een vrouw die thuisblijft om het huishouden te doen.
1254 freaks Zelfstandig naamwoord /friks/ meervoud van het zelfstandig naamwoord freak.
1255 gronden Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɣrɔndə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord grond.
1256 blues Zelfstandig naamwoord /bluːs/ een melancholieke muziekstijl, ongeveer tussen 1860 en 1900 ontstaan, die oorspronkelijk werd beoefend door Amerikaanse…
1257 aftrekken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɑftrɛkə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord aftrek.
1258 vervangt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vervangen.
1259 traint Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van trainen.
1260 opgaf Werkwoord enkelvoud verleden tijd van opgeven.
1261 bommenwerpers Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord bommenwerper.
1262 kramp Zelfstandig naamwoord /krɑmp/ een toestand van onwillekeurige en aanhoudende samentrekking van een spier.
1263 belangrijkere Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de vergrotende trap van belangrijk.
1264 pleeg Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van plegen.
1265 optredens Zelfstandig naamwoord /ˈɔptredə(n)s/ meervoud van het zelfstandig naamwoord optreden.
1266 slachten Werkwoord /ˈslɑxtə(n)/ een dier doden voor het vlees of als offer.
1267 individuele Bijvoeglijk naamwoord /ɪn.di.vi.dyˈeː.lə/ verbogen vorm van de stellende trap van individueel.
1268 erlangs Bijwoord /ərˈlɑŋs/ langs het genoemde of bedoelde.
1269 bruikbaar Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈbrœy̯k.baːr/ onbruikbaar dat je goed kunt gebruiken utile (ytil) een bruikbaar alternatief une solution de rechange pratique.
1270 verstond Werkwoord enkelvoud verleden tijd van verstaan.
1271 grijns Zelfstandig naamwoord, Werkwoord een vertrekking van het gelaat die vooral leedvermaak uitdrukt, naast vaak een zekere boosaardigheid of spot/sarcasme.
1272 preken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈpreː.kə(n)/ een preek houden.
1273 omelet Zelfstandig naamwoord /oː.məˈlɛt/ een gerecht dat bereid wordt door geklutste eieren (eierstruif) te bakken.
1274 baren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈbaːrə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord baar.
1275 arrogantie Zelfstandig naamwoord /ɑ.roːˈɣɑn.(t)si/ verwaande houding tegenover anderen.
1276 immigranten Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord immigrant.
1277 dijen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈdɛijə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord dij.
1278 locke Werkwoord aanvoegende wijs van locken.
1279 brandend Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈbrɑndənt/ onvoltooid deelwoord van branden.
1280 kasten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈkɑstə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord kast.
1281 stijlvol Bijvoeglijk naamwoord met veel stijl; met veel aandacht en goede smaak gemaakt.
1282 regime Zelfstandig naamwoord /rəˈʒim/ bestuur van een land, vaak onderdrukkend, dwingend, alles omvattend.
1283 legden Werkwoord meervoud verleden tijd van leggen.
1284 slijm Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /slɛi̯m/ kleverige stof die door slijmvliezen uitgescheiden wordt.
1285 platte Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van plat.
1286 industriële Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van industrieel.
1287 opstaat Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van opstaan.
1288 grendel Zelfstandig naamwoord, Werkwoord deel van een geweer waarmee men het geweer sluit zodat de patronen afgesloten zitten en het geweer klaar is om gebruikt…
1289 ondraaglijk Bijvoeglijk naamwoord /ˌɔnˈdraːɣ.lək/ niet te verdragen, niet uit te houden.
1290 ophef Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɔphɛf/ lawaai, onrust, tumult, geraas, spektakel.
1291 weerwolven Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord weerwolf.
1292 punch Zelfstandig naamwoord /pʏnʃ/ drank, gemaakt uit wijn of rum gemengd met suiker, water, vruchtensap en soms ook thee of specerijen, zowel warm als kou…
1293 bakkerij Zelfstandig naamwoord /bɑkəˈrɛi̯/ een werkplaats waar men brood, koek, banket en dergelijke, bakt in een oven, een broodbakkerij.
1294 krokodillen Zelfstandig naamwoord /ˌkrokoˈdɪlə(n)/ een geslacht Crocodylus van krokodilachtigen (Crocodilia) uit de familie echte krokodillen (Crocodylidae).
1295 instellen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɪnˌstɛ.lə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1296 verwachte Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van verwacht, voltooid deelwoord van verwachten.
1297 verscheuren Werkwoord /vərˈsxørə(n)/ aan stukken rijten.
1298 bespaart Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van besparen.
1299 roof Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /roːf/ van het Engels overgenomen woorden die betrekking hebben op dak zoals roofrack en roofrail.
1300 jeuk Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /jøːk/ an itch; an itching.
1301 fouilleren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /fuˈjeːrə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1302 jongelui Zelfstandig naamwoord /ˌjɔ.ŋəˈlœy̯/ meervoud van het zelfstandig naamwoord jongeman.
1303 tenten Zelfstandig naamwoord /ˈtɛntə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord tent.
1304 bars Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /bɑrs/ meervoud van het zelfstandig naamwoord bar.
1305 blokkade Zelfstandig naamwoord /ˌblɔˈkaː.də/ maatregel waarbij iemand na eerdere ongewenste bewerkingen geheel of gedeeltelijk wordt beperkt in zijn mogelijkheden om…
1306 planken Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈplɑŋkə(n)/ van planken vervaardigd.
1307 verkoudheid Zelfstandig naamwoord een virusinfectie aan keel of neus.
1308 opkijken Werkwoord /ˈɔpˌkɛi̯.kə(n)/ niet willen dat iets gebeurt.
1309 ontwikkelt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van ontwikkelen.
1310 ontbrak Werkwoord enkelvoud verleden tijd van ontbreken.
1311 seksleven Zelfstandig naamwoord /ˈsɛkslevə(n)/ het gedeelte van iemands leven dat betrekking heeft op seks.
1312 struikelde Werkwoord enkelvoud verleden tijd van struikelen.
1313 behoud Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /bəˈɦɑu̯t/ het behoeden voor of verhinderen van een teloorgang.
1314 kleins Bijvoeglijk naamwoord partitief van de stellende trap van klein.
1315 struiken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈstrœykə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord struik.
1316 hara Zelfstandig naamwoord /haˈra/ het kwade.
1317 huurder Zelfstandig naamwoord /ˈhyrdər/ iemand of organisatie die tegen betaling iets mag gebruiken dat niet zijn eigendom is.
1318 bil Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /bɪl/ elk van beide lichaamsdelen gevormd door de grote spieren die het bekken aan de achterkant bedekken.
1319 pleeggezin Zelfstandig naamwoord /ˈplexəˌzɪn/ gezin met één of meer pleegkinderen.
1320 bevond Werkwoord enkelvoud verleden tijd van bevinden.
1321 ongelofelijke Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van ongelofelijk.
1322 stern Zelfstandig naamwoord /stɛrn/ benaming voor slanke meeuwachtige vogels uit de familie Sternidae.
1323 antieke Bijvoeglijk naamwoord /ɑnˈti.kə/ verbogen vorm van de stellende trap van antiek.
1324 wafels Zelfstandig naamwoord /ˈʋaːfəls/ meervoud van het zelfstandig naamwoord wafel.
1325 opgelicht Werkwoord voltooid deelwoord van oplichten.
1326 hendel Zelfstandig naamwoord /ˈhɛndəl/ beweegbaar handvat waarmee een apparaat wordt bediend.
1327 schikken Werkwoord /ˈsxɪkə(n)/ zich ~ naar een bepaald bewind aanvaarden en zich ernaar aanpassen.
1328 mevr. Zelfstandig naamwoord abbreviation of mevrouw Mrs.
1329 kortste Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de overtreffende trap van kort.
1330 motorkap Zelfstandig naamwoord /ˈmoːtɔrˌkɑp/ scharnierbaar deel van de carrosserie van een auto waaronder zich de motor bevindt.
1331 afspelen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɑfspeːlə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord afspel.
1332 zenders Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord zender.
1333 verliezers Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord verliezer.
1334 beenderen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord been.
1335 rechtzaak Zelfstandig naamwoord alternative spelling of rechtszaak.
1336 lesbische Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van lesbisch.
1337 sirene Zelfstandig naamwoord /ˌsiˈreː.nə/ demonisch wezen dat voor de helft een vogel en voor de helft een vis is en voorbijvarende zeelui betoverde met gezang om…
1338 onbewust Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord /ˌɔmbəˈwʏst/ (Zelfstandig naamwoord).
1339 aangeeft Werkwoord /ˈaŋɣeft/ tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aangeven.
1340 kriebels Zelfstandig naamwoord /ˈkribəls/ meervoud van het zelfstandig naamwoord kriebel.
1341 pleister Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈplɛi̯.stər/ / dun velletje zelfklevend verband dat op de huid geplakt wordt, ter bescherming bij een kleine wond of blaar of om iets…
1342 lazarus Bijvoeglijk naamwoord /ˈlazarʏs/ zo dronken dat iemand bijna dood lijkt.
1343 hardlopen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /'ɦɑrd.lo.pə(n)/ een sport waarbij men zich bekwaamt in het zich snel voortbewegen.
1344 kostschool Zelfstandig naamwoord /ˈkɔst.sxoːl/ een school waar de leerlingen vijf dagen per week niet alleen les volgen, maar ook kost en inwoning krijgen.
1345 hiertoe Bijwoord /ɦir'tu/ aanwijzend dichtbij: *tot+dit, tot+deze:.
1346 verworpen Werkwoord voltooid deelwoord van verwerpen.
1347 black-out Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˌblɛkˈɑu̯t/ tijdelijk verlies van verstandelijke capaciteiten.
1348 19e Bijvoeglijk naamwoord /ˈneɣə(n)ˌtində/ nummer 19 in een rij.
1349 werkers Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord werker.
1350 verraste Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van verrast, voltooid deelwoord van verrassen.
1351 nuttigs Bijvoeglijk naamwoord partitief van de stellende trap van nuttig.
1352 strike Zelfstandig naamwoord /strɑjk/ bal die op een goede hoogte over de thuisplaat is geworpen; als de slagman tijdens zijn beurt driemaal zo'n worp niet go…
1353 verhinderen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord (Zelfstandig naamwoord).
1354 tolk Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /tɔlk/ een persoon die gesproken tekst (meteen) vertaalt naar gesproken tekst in een andere taal.
1355 advertenties Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord advertentie.
1356 afbeelding Zelfstandig naamwoord /ˈɑfˌbeːl.dɪŋ/ een grafisch beeld.
1357 dierbaren Zelfstandig naamwoord /ˈdirbarə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord dierbare.
1358 afgegeven Werkwoord voltooid deelwoord van afgeven.
1359 ziekenwagen Zelfstandig naamwoord /ˈzi.kə(n)ˌʋaː.ɣə(n)/ een voertuig ingericht voor het vervoer van patiënten, gewoonlijk naar een ziekenhuis toe.
1360 bloede Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /blu.də/ aanvoegende wijs van bloeden.
1361 maagdelijkheid Zelfstandig naamwoord /ˈmaɣdələkˌhɛit/ eigenschap dat je niet eerder geslachtsverkeer hebt gehad.
1362 terugdraaien Werkwoord achteruit draaien.
1363 telefoongesprek Zelfstandig naamwoord /teː.ləˈfoːn.ɣəˌsprɛk/ gesprek via de telefoon.
1364 laken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈlaːkə(n)/ rechthoekig stuk stof, bijvoorbeeld ter bedekking bij het slapen.
1365 bajes Zelfstandig naamwoord /ˈbaː.jəs/ gevangenis.
1366 beschavingen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord beschaving.
1367 leningen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord lening.
1368 foetus Zelfstandig naamwoord /ˈføːtʏs/ een nog niet voldragen menselijke of dierlijke vrucht dat in de baarmoeder verblijft.
1369 plak Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /plɑk/ spul waarmee men kan plakken bijv. behangplak, lijm.
1370 partnerschap Zelfstandig naamwoord wordt alleen gebruikt in samenstellingen.
1371 geëvacueerd Werkwoord voltooid deelwoord van evacueren.
1372 tablet Zelfstandig naamwoord /taːˈblɛt/ platrond voorwerp dat een bepaalde werkzame stof (zeep, schoonmaakmiddel e.d.) bevat.
1373 pinguïns Zelfstandig naamwoord een orde Sphenisciformes, niet-vliegende zeevogels die alleen voorkomen op het zuidelijk halfrond.
1374 opleggen Werkwoord /ˈɔplɛɣə(n)/ ~ met een laag sierhout aanbrengen op een minder edele ondergrond.
1375 dienstmeisje Zelfstandig naamwoord /ˈdinstmɛiʃə/ een jonge dienstbode.
1376 mot Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /mɔt/ benaming voor nachtvlinders (insecten uit de orde Lepidoptera die niet tot de Papilionoidea behoren).
1377 wereldkampioen Zelfstandig naamwoord /ˈʋeː.rəlt.kɑm.piˌun/ persoon die of team dat tijdens een toernooi of competitie om de wereldtitel in een bepaalde tak van sport winnaar is.
1378 etter Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɛ.tər/ meervoud g.mv. geel-wit vocht dat uit een ontstoken wond komt pus (py) mannelijk Het abces is nog niet genezen, maar er…
1379 kereltje Zelfstandig naamwoord /ˈkerəlcə/ verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord kerel.
1380 vormde Werkwoord enkelvoud verleden tijd van vormen.
1381 zodanig Bijwoord, Voornaamwoord, Lidwoord /ˈzoːˌdaː.nəx/ als antecedent: in die mate dat.
1382 geruild Werkwoord voltooid deelwoord van ruilen.
1383 paneel Zelfstandig naamwoord /paːˈneːl/ bedieningsbord, instrumentenbord, schakelbord.
1384 hazel Zelfstandig naamwoord /ˈɦaː.zəl/ bepaalde in West-Europa inheemse struik, Corylus avellana.
1385 historie Zelfstandig naamwoord /ˌɦɪsˈtoː.ri/ geschiedenis van een volk, een land enz.
1386 aanraden Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈaːnˌraːdə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1387 leder Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈleː.dər/ short for lederkarper.
1388 gehaat Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord voltooid deelwoord van haten.
1389 voorruit Zelfstandig naamwoord /ˈvorœyt/ glazen vlak aan de voorkant van een voertuig dat zorgt voor zicht op de weg en bescherming tegen weer en wind.
1390 puree Zelfstandig naamwoord /pyˈreː/ warm gerecht van fijngestampte of gezeefde aardappelen, tomaten of andere groenten, vruchten enz., waar meestal nog een…
1391 verveelde Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van verveeld, voltooid deelwoord van vervelen.
1392 telde Werkwoord enkelvoud verleden tijd van tellen.
1393 20e Bijvoeglijk naamwoord /ˈtwɪntəxstə/ nummer twintig in een rij.
1394 glorieuze Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van glorieus.
1395 loslaat Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van loslaten.
1396 sarcasme Zelfstandig naamwoord bittere, bijtende spot.
1397 kouder Bijvoeglijk naamwoord onverbogen vorm van de vergrotende trap van koud.
1398 po Zelfstandig naamwoord /poː/ een pot, meestal uit kunststof of eertijds geëmailleerd ijzer, waar men zijn behoefte in kan doen.
1399 scheurde Werkwoord enkelvoud verleden tijd van scheuren.
1400 uitkwam Werkwoord enkelvoud verleden tijd van uitkomen.
1401 elektrisch Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌeːˈlɛk.tris/ (Zelfstandig naamwoord).
1402 rolt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van rollen.
1403 scout Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /skɑu̯t/ een speltak bij scouting waarvan de leden tussen de 11 en 16 jaar oud zijn.
1404 nodigt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van nodigen.
1405 spoorweg Zelfstandig naamwoord /ˈspoːr.ʋɛx/ pad dat middels de aanleg van rails en bielzen geschikt gemaakt is voor treinvervoer.
1406 bezopen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /bəˈzoː.pə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1407 versterkingen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord versterking.
1408 meeging Werkwoord enkelvoud verleden tijd van meegaan.
1409 opgevolgd Werkwoord voltooid deelwoord van opvolgen.
1410 challenger Zelfstandig naamwoord /ˈtʃɛləndʒər/
1411 automaat Zelfstandig naamwoord /ˌɑu̯.toːˈmaːt/ een toestel dat, eenmaal in werking gezet, zonder verdere tussenkomst een aantal handelingen verricht.
1412 cynisch Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈsi.nis/ (Zelfstandig naamwoord).
1413 21e Bijvoeglijk naamwoord nummer eenentwintig in een rij.
1414 schoolbal Zelfstandig naamwoord /ˈsxolbɑl/ traditioneel schoolfeest van een middelbare school met muziek en dans, waarbij je vooraf een meisje uitnodigt om het sam…
1415 hybride Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɦiˈbri.də/ een auto met zowel een benzinemotor als een elektromotor voor de aandrijving.
1416 rituelen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord ritueel.
1417 roodharige Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌroːtˈɦaː.rə.ɣə/ a redheaded person, ginger.
1418 betuigen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /bəˈtœy̯ɣə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1419 ziekten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord ziekte.
1420 stelling Zelfstandig naamwoord /ˈstɛ.lɪŋ/ houten omloop (galerij) rond bepaalde windmolens om de wieken te bedienen.
1421 huurders Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord huurder.
1422 straft Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van straffen.
1423 overeenkomen Werkwoord ~ met iets vergelijkbaars vertegenwoordigen.
1424 kettingen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord ketting.
1425 schooltijd Zelfstandig naamwoord /ˈsxoltɛit/ De tijden van de dag dat men naar school gaat.
1426 woordenboek Zelfstandig naamwoord /ˈʋoːrdə(n)ˌbuk/ een boek waarin de woorden en uitdrukkingen van een taal zijn gerangschikt met hun grammatische eigenschappen, gebruiksm…
1427 overwonnen Werkwoord meervoud verleden tijd van overwinnen.
1428 gewezen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord (Zelfstandig naamwoord).
1429 vrolijken Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord vrolijke.
1430 loer Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /lur/ lokaas, lokmiddel; vooral gebruikt voor een namaakprooi in de valkerij.
1431 bestuurt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van besturen.
1432 column Zelfstandig naamwoord /ˈkɔ.lʏm/ een kort stukje proza waarin de auteur spits en uitdagend zijn mening ventileert, meestal afgedrukt in een kolom.
1433 verkies Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verkiezen.
1434 opvang Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɔp.fɑŋ/ het verzorgen van kinderen op de uren dat de ouders dat niet zelf kunnen doen, kinderopvang.
1435 organische Bijvoeglijk naamwoord /ɔrˈɣaː.ni.sə/ verbogen vorm van de stellende trap van organisch.
1436 cafeïne Zelfstandig naamwoord /kaː.feːˈi.nə/ een alkaloïde met structuurformule C₈H₁₀N₄O₂ die van nature wordt aangetroffen in koffiebonen en theebladeren en een sti…
1437 geïrriteerd Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɣəˌɪ.riˈteːrt/ (Zelfstandig naamwoord).
1438 sofa Zelfstandig naamwoord /ˈsoː.faː/ een gestoffeerde zitbank met een rugleuning.
1439 coyote Zelfstandig naamwoord /ˌkoːˈjoːt(ə)/ bepaald soort zoogdier, Canis latrans, een hondachtige die nauw verwant is aan de wolf (Canis lupus) en voorkomt in een…
1440 nova Zelfstandig naamwoord /ˈnoː.vaː/ verheldering van een ster in korte tijd (van Lat. stella nova; nieuwe ster).
1441 gunnen Werkwoord /ˈɣʏ.nə(n)/ voldoening hebben dat iemand anders iets heeft of verkrijgt.
1442 nageven Werkwoord /ˈnaɣɛvə(n)/ later geven, erkennen.
1443 bandiet Zelfstandig naamwoord /bɑnˈdit/ deugniet, schavuit [2], vooral gebruikt voor kinderen.
1444 gossip Zelfstandig naamwoord menselijke activiteit waarbij over iemand wordt gesproken - in ongunstige zin en vaak onwaar - zonder dat de persoon in…
1445 primaire Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van primair.
1446 smeekt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van smeken.
1447 inschenken Werkwoord een vloeistof in een beker of glas laten stromen.
1448 omarmen Werkwoord /ˌɔmˈɑr.mə(n)/ de armen op om iemand heen slaan als teken van vreugde en vriendschap.
1449 ondankbaar Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɔnˈdɑŋɡbar/ (Zelfstandig naamwoord).
1450 ingericht Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord voltooid deelwoord van inrichten.
1451 minnaars Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord minnaar.
1452 demo Zelfstandig naamwoord /'demo/ het tonen en uitleggen van iets.
1453 toni Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord tonus.
1454 verscheidene Bijvoeglijk naamwoord, Voornaamwoord, Lidwoord /vərˈsxɛi̯.də.nə/ verbogen vorm van de stellende trap van verscheiden.
1455 dubbelganger Zelfstandig naamwoord /ˈdʏ.bəlˌɣɑ.ŋər/ iemand die sprekend op een ander lijkt.
1456 argumenten Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord argument.
1457 inventaris Zelfstandig naamwoord /ɪn.vɛnˈtaː.rɪs/ boedelbeschrijving, lijst van ergens aanwezige voorwerpen en goederen.
1458 tombe Zelfstandig naamwoord /ˈtɔm.bə/ een bouwwerk dat bedoeld is een dode te huisvesten.
1459 artefact Zelfstandig naamwoord /ɑr.tə.fɑkt/ een onbedoeld resultaat ten gevolge van een bewerking, met name beeld-of geluidscompressie.
1460 ondeugend Bijvoeglijk naamwoord grappig en uitdagend.
1461 giet Werkwoord /ɣit/ onpersoonlijke tegenwoordige tijd van gieten.
1462 felle Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van fel.
1463 lappen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈlɑ.pə(n)/ : een of meer lappen in of op iets zetten (m.n. van kleding).
1464 geschud Werkwoord voltooid deelwoord van schudden.
1465 petitie Zelfstandig naamwoord /pəˈti.(t)si/ een formeel verzoek ondertekend door een groep personen met een politiek of maatschappelijk doel.
1466 apache Zelfstandig naamwoord /ˌaːˈpɑ.tʃə/ merknaam voor open source programmatuur, oorspronkelijk vooral een webserver voor UNIX (BSD, GNU/Linux Mac OS X, Solaris…
1467 psycho Zelfstandig naamwoord /ˈsɑjko/ iemand die lijdt aan een persoonlijkheidsstoornis die antisociaal gedrag veroorzaakt.
1468 speld Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /spɛlt/ klein en puntig metalen voorwerp met een kop, bedoeld om iets (bijv. weefsels) vast te zetten, veel gebruikt bij naaien.
1469 flauwgevallen Werkwoord voltooid deelwoord van flauwvallen.
1470 helling Zelfstandig naamwoord /ˈɦɛ.lɪŋ/ glooiend deel van een werf waar schepen gebouwd of gerepareerd worden.
1471 vooroordelen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord vooroordeel.
1472 sensors Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord sensor.
1473 lozen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈloː.zə(n)/ a village in Bocholt, Belgium.
1474 verwaand Bijvoeglijk naamwoord zich boven anderen verheven voelend en zich daarnaar gedragend.
1475 pact Zelfstandig naamwoord /pɑkt/ overeenkomst (tussen twee of meer soevereine staten).
1476 knock-out Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /nɔˈkɑut/ in de vechtsport het beëindiging van een wedstrijd als gevolg van vermoeidheid, een blessure, evenwichtsverlies of bewus…
1477 gevangenissen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord gevangenis.
1478 onsterfelijkheid Zelfstandig naamwoord /ɔnˈstɛr.fə.ləkˌɦɛi̯t/ de eigenschap niet te zullen sterven.
1479 zondaars Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord zondaar.
1480 ondermijnen Werkwoord /ˌɔn.dərˈmɛi̯.nə(n)/ de grond onder iets weggraven, al of niet met achterlating van explosieven.
1481 trol Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /trɔl/ groot, soms reusachtig, lelijk en onvriendelijk wezen, oorspronkelijk afkomstig uit de Scandinavische mythologie, dat me…
1482 algoritme Zelfstandig naamwoord /ˌɑl.ɣoːˈrɪt.mə/ programmatuur die bepaalt welke resultaten op een zoekmachine of bijdragen op social media eerder aan een gebruiker word…
1483 moffen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord mof.
1484 gevreeën Werkwoord voltooid deelwoord van vrijen.
1485 minimum Zelfstandig naamwoord /ˈmi.niˌmʏm/ kleinst mogelijke hoeveelheid.
1486 criminaliteit Zelfstandig naamwoord /ˌkri.mi.naː.liˈtɛi̯t/ de bevolkingsgroep die zich met [1] bezighoudt.
1487 schaak Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijwoord, Tussenwerpsel /sxaːk/ een bepaalde stand tijdens het schaakspel waarin een vijandig stuk naar de koning [3] kijkt.
1488 plezierig Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /pləˈzirəx/ (Zelfstandig naamwoord).
1489 levenslange Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van levenslang.
1490 ban Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /bɑn/ straf in de vorm van een verbod om in een bepaald gebied te zijn.
1491 kennismaking Zelfstandig naamwoord het leren kennen van iets of iemand.
1492 slagroom Zelfstandig naamwoord /ˈslɑx.roːm/ room met een vetgehalte van 30 tot 40%, die opgeklopt kan worden, onder andere gebruikt om taarten en gebak te decoreren.
1493 frustratie Zelfstandig naamwoord een gevoel van ongenoegen omdat verwachte voortgang uitblijft.
1494 daarstraks Bijwoord /daːrˈstrɑks/ een korte tijd geleden.
1495 gekte Zelfstandig naamwoord, Werkwoord het gek (maar niet totaal gestoord) zijn.
1496 reparatie Zelfstandig naamwoord /ˌreː.paːˈraː.(t)si/ schadeloosstelling.
1497 voorman Zelfstandig naamwoord /ˈvoːr.mɑn/ een leider, een ploegbaas.
1498 geloofwaardigheid Zelfstandig naamwoord /ɣəˌloːfˈʋaːr.dəx.ɦɛi̯t/ de mate waarin iets of iemand verdient geloofd te worden.
1499 afwijkingen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord afwijking.
1500 stewardess Zelfstandig naamwoord /ˌsty.ʋɑrˈdɛs/ vrouw die beroepsmatig passagiers in een vliegtuig, schip, bus of trein verzorgt, vrouwelijke vorm van steward.
1501 schenkt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van schenken.
1502 conflicten Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord conflict.
1503 moedervlek Zelfstandig naamwoord /ˈmu.dərˌvlɛk/ een zichtbare, meestal gepigmenteerde huidaandoening.
1504 niemandsland Zelfstandig naamwoord /ˈni.mɑntsˌlɑnt/ land tussen twee grenzen dat van niemand is.
1505 schoonmaakster Zelfstandig naamwoord /ˈsxoː(n)ˌmaːk.stər/ vrouwelijke vorm van schoonmaker, vrouw die schoonmaakt.
1506 grappigs Bijvoeglijk naamwoord /ˈɣrɑ.pəxs/ partitief van de stellende trap van grappig.
1507 haas Zelfstandig naamwoord /ɦaːs/ deelnemer die in het eerste deel van een race bewust een hogere snelheid aanhoudt dan hij kan volhouden, zodat het tempo…
1508 wangen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord wang.
1509 schonk Zelfstandig naamwoord, Werkwoord enkelvoud verleden tijd van schenken.
1510 bloedvergieten Zelfstandig naamwoord /ˈblut.vərˌɣi.tə(n)/ het vallen van doden en gewonden tijdens een conflict.
1511 halfjaar Zelfstandig naamwoord een periode van 6 maanden.
1512 labs Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord lab.
1513 patat Zelfstandig naamwoord /paːˈtɑt/ Noord-Nederlandse benaming voor een gerecht of snack van gefrituurde aardappelreepjes ('patat frites').
1514 krater Zelfstandig naamwoord /ˈkraː.tər/ een trechtervormige uitholling in de grond veroorzaakt door een inslag of een (vulkanische) explosie.
1515 bekwaam Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /bəˈkʋaːm/ (Zelfstandig naamwoord).
1516 staarde Werkwoord /ˈstardə/ enkelvoud verleden tijd van staren.
1517 vasthield Werkwoord enkelvoud verleden tijd van vasthouden.
1518 ontvluchten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˌɔntˈvlʏx.tə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1519 paardrijden Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈpaːrt.rɛi̯ˌdə(n)/ het rijden te paard, ter ontspanning of als sportbeoefening.
1520 veronderstelling Zelfstandig naamwoord /vərˌɔn.dərˈstɛ.lɪŋ/ wat verondersteld wordt; iets waarvan men denkt dat het zo is maar men niet door eigen aanschouwing weet.
1521 Franks Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord genitief van Frank.
1522 wasmachine Zelfstandig naamwoord /ˈʋɑs.maːˌʃi.nə/ een apparaat dat op automatische wijze goederen in het algemeen reinigt.
1523 informanten Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord informant.
1524 steekwonden Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord steekwonde.
1525 stuurman Zelfstandig naamwoord /ˈstyrmɑn/ iemand die een vaartuig bestuurt.
1526 verkeert Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verkeren.
1527 ingestemd Werkwoord voltooid deelwoord van instemmen.
1528 negentien Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈneːɣə(n).tin/ dat wat in een (rang)ordening met 19 is aangeduid.
1529 elektronica Zelfstandig naamwoord /ˌeː.lɛkˈtroː.ni.kaː/ de tak van elektrotechniek die zich bezighoudt met het gedrag van elektronen in de vrije ruimte of vaste stof hetgeen le…
1530 citeer Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van citeren.
1531 klimt Werkwoord /klɪmt/ tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van klimmen.
1532 3e Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈdɛrdə/ Nom. [B1].
1533 bodyguard Zelfstandig naamwoord /ˈbɔdiˌɡɑrt/ een beschermer en begeleider van een persoon.
1534 bestonden Werkwoord meervoud verleden tijd van bestaan.
1535 gerelateerd Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɣə.reː.laːˈteːrt/ (Zelfstandig naamwoord).
1536 gedoopt Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord voltooid deelwoord van dopen.
1537 natuurtalent Zelfstandig naamwoord /naːˈtyːr.taːˌlɛnt/ iemand met een speciale gave die hij niet door scholing maar door geboorte heeft verworven.
1538 studeerkamer Zelfstandig naamwoord /styˈdeːrˌkaː.mər/ een ruimte om te studeren.
1539 afdoen Werkwoord /ˈɑv.dun/ een gerezen vraag of tegenwerping als onbetekenend voorstellen.
1540 operationeel Bijvoeglijk naamwoord betrekking hebbend op de keuzemogelijkheden van het laagste niveau van een organisatie.
1541 zwijgt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zwijgen.
1542 glimp Zelfstandig naamwoord /ɣlɪmp/ wat je maar heel kort, in een flits, ziet.
1543 stations Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord station.
1544 naarmate Voegwoord /ˌnaːrˈmaː.tə/ in een mate die gelijk oploopt met de genoemde verandering.
1545 krot Zelfstandig naamwoord /krɔt/ snoep gemaakt van kandijsiroop, glucose, suiker en boter, streekproduct in Halle.
1546 woeste Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van woest.
1547 gewaagd Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɣəˈwaxt/ (Zelfstandig naamwoord).
1548 ingevoerd Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈɪŋɣəˌvurt/ voltooid deelwoord van invoeren.
1549 verdwalen Werkwoord /vərˈdwalə(n)/ de weg kwijtraken.
1550 impuls Zelfstandig naamwoord /ɪmˈpʏls/ kortstondige elektrische spanning of stroom (de ideale puls is oneindig kort en heeft een energieinhoud van één).
1551 liefdesleven Zelfstandig naamwoord /ˈlif.dəsˌleː.və(n)/ dat gedeelte van iemands leven dat betrekking heeft op de liefde.
1552 uitgegaan Werkwoord voltooid deelwoord van uitgaan.
1553 strippers Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord stripper.
1554 dreun Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /drøːn/ een luid laag geluid.
1555 smeergeld Zelfstandig naamwoord /ˈsmeːr.ɣɛlt/ geld waarmee een corrupte functionaris wordt omgekocht.
1556 wing Zelfstandig naamwoord eenheid van de luchtmacht bestaande uit enkele squadrons.
1557 verwennen Werkwoord /vərˈʋɛ.nə(n)/ iemand een te goede behandeling geven, waardoor deze niet goed tegen de harde werkelijkheid bestand is.
1558 dance Zelfstandig naamwoord /dɛːns/ elektronische dansmuziek die meestal niet live gespeeld kan worden.
1559 afgedaan Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /'ɑfxədan/ afgehandeld.
1560 uitverkorene Zelfstandig naamwoord /ˈœy̯t.vərˌkoː.rə.nə/ als lieveling uitgekozen zijn.
1561 wissel Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈʋɪ.səl/ handelspapier waarin een uitgever (de trekker) aan een derde (de betrokkene) onvoorwaardelijke opdracht geeft een bepaal…
1562 tijdreizen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈtɛitrɛizə(n)/ zich in de tijd verplaatsen.
1563 kwesties Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord kwestie.
1564 inbegrepen Bijvoeglijk naamwoord erbij horend, erbij geteld.
1565 toorn Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈtorᵊn/ hevige boosheid.
1566 naai Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van naaien.
1567 renden Werkwoord /ˈrɛndə(n)/ meervoud verleden tijd van rennen.
1568 alsmaar Bijwoord /ˈɑls.maːr/ bij voortduring en herhaling.
1569 scheten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈsxeː.tə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord scheet.
1570 stootte Werkwoord /ˈstotə/ enkelvoud verleden tijd van stoten.
1571 slapende Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van slapend, het onvoltooid deelwoord van slapen.
1572 kritisch Bijvoeglijk naamwoord /ˈkri.tis/ onder zulke omstandigheden dat er meer neutronen geproduceerd dan geabsorbeerd worden, waardoor een nucleaire kettingrea…
1573 veroordeelt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van veroordelen.
1574 tropische Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van tropisch.
1575 belandt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van belanden.
1576 duiden Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈdœy̯də(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1577 experimenteren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˌɛkspeːrimɛnˈteːrə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1578 groeiende Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈɣrujəndə/ verbogen vorm van groeiend, het onvoltooid deelwoord van groeien.
1579 hippie Zelfstandig naamwoord /ˈɦɪ.pi/ softe apolitieke persoon (oorspronkelijk uit de jaren zestig van de twintigste eeuw) die zich door zijn non-conformistis…
1580 verkenning Zelfstandig naamwoord /vərˈkɛ.nɪŋ/ observatie van een gebied om strategische doelen te ontdekken of informatie te verkrijgen om een algemeen beeld van de s…
1581 sterrenpoort Zelfstandig naamwoord een denkbeeldig ringvormig toestel dat reizen naar een ander dergelijk toestel op een andere planeet mogelijk maakt.
1582 groters Bijvoeglijk naamwoord partitief van de vergrotende trap van groot.
1583 verhuizing Zelfstandig naamwoord /vərˈɦœy̯.zɪŋ/ de verwisseling van één (semi-) permanente woonplaats voor een andere.
1584 onoverwinnelijk Bijvoeglijk naamwoord /ˌɔ.noː.vərˈʋɪ.nə.lək/ altijd de overwinning behalend.
1585 drop Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /drɔp/ zwart gekleurd snoepgoed gemaakt van o.a. zoethoutextract, bindmiddel, suiker. (jap: Vlaams).
1586 eindjes Zelfstandig naamwoord verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord eind.
1587 cameraman Zelfstandig naamwoord /ˈkaməraˌmɑn/ beroep waarbij het bedienen een video- en/of filmcamera centraal staat.
1588 stabiliseren Werkwoord /staː.bi.liˈzeː.rə(n)/ stabiel maken, bestendigen.
1589 klikt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van klikken.
1590 bezwaren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /bəˈzʋaːrə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord bezwaar.
1591 doorzetten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈdoːrˌzɛtə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1592 turken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈtʏrkə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord Turk.
1593 aspect Zelfstandig naamwoord /ɑˈspɛkt/ relatieve positie van hemellichamen zoals ze voor een waarnemer op aarde verschijnen; de hoekrelatie tussen punten in ee…
1594 wippen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /'ʋɪpə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord wip.
1595 volume Zelfstandig naamwoord /ˌvoːˈly.mə/ afmeting van de hoeveelheid ruimte die een driedimensionaal object of ruimtedeel omvat; het in kubieke eenheden uitgedru…
1596 kaviaar Zelfstandig naamwoord /ˌkaviˈjar/ De onbevruchte eitjes van de steur.
1597 contacteren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /kɔntɑkˈteːrə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1598 graal Zelfstandig naamwoord een verborgen of verloren gegaan heilig voorwerp, volgens sommigen de beker gebruikt bij het laatste avondmaal door Jesu…
1599 ontnemen Werkwoord /ɔntˈneːmə(n)/ zorgen dat iemand ergens niet meer over beschikt.
1600 zwakheid Zelfstandig naamwoord /ˈzʋɑk.ɦɛi̯t/ het zwak-zijn.
1601 moskee Zelfstandig naamwoord /mɔsˈkeː/ gebedshuis van moslims.
1602 tweedehands Bijvoeglijk naamwoord /ˌtwedəˈhɑnts/ reeds in iemand anders bezit geweest.
1603 spider Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈspɑjdər/ programmatuur die stelselmatig de hyperlinks op webpagina's afloopt om een bestand met informatie op te bouwen, zoals ee…
1604 stafchef Zelfstandig naamwoord /ˈstɑf.ʃɛf/ de leider van een groep chefs.
1605 aanraakte Werkwoord /ˈanraktə/ enkelvoud verleden tijd van aanraken.
1606 zakte Werkwoord enkelvoud verleden tijd van zakken.
1607 codenaam Zelfstandig naamwoord /ˈkoː.dəˌnaːm/ naam voor iemand of iets, gegeven om de werkelijke identiteit of werkzaamheden geheim te houden.
1608 bezem Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈbeː.zəm/ voorwerp om stof en vuil bij elkaar te vegen.
1609 tienen Zelfstandig naamwoord /ˈti.nə(n)/ datief van tien, na voorzetsels bij tijdsaanduidingen.
1610 visum Zelfstandig naamwoord /ˈvi.zʏm/ een officiële toestemming een land binnen te reizen en in dat land te verblijven, afgegeven door het betreffende land.
1611 bidt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bidden.
1612 virtuele Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van virtueel.
1613 oprapen Werkwoord in de hand nemen en van de grond opheffen.
1614 ontdaan Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɔnˈtaːn/ voltooid deelwoord van ontdoen.
1615 private Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van privaat.
1616 doodga Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van doodgaan.
1617 geanalyseerd Werkwoord voltooid deelwoord van analyseren.
1618 nablijven Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈnaːˌblɛi̯.və(n)/ detention.
1619 kaken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord (iets verkeerds) onder de aandacht brengen stigmatiser / dénoncer / mettre en cause het wapenmisbruik aan de kaak stelle…
1620 ongeschikt Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌɔn.ɣəˈsxɪkt/ (Zelfstandig naamwoord).
1621 hengst Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ɦɛŋst/ een al dan niet gecastreerd mannelijk paard.
1622 aanmoedigen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈaːnˌmudəɣə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1623 time-out Zelfstandig naamwoord in de geestelijke gezondheidszorg en pedagogiek een rustperiode waarin de cliënt of de leerling tijdelijk uit het dageli…
1624 opslaan Werkwoord /ˈɔpslan/ vastleggen of bewaren van gegevens.
1625 vuurkracht Zelfstandig naamwoord /ˈvyːr.krɑxt/ totale vermogen van een aantal vuurwapens.
1626 spa Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /spaː/ plaats waar men in opwellend water kan baden.
1627 aanhangers Zelfstandig naamwoord /ˈanhaŋərs/ meervoud van het zelfstandig naamwoord aanhanger.
1628 opstel Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɔp.stɛl/ een oefening in het onderwijs waarin een opgegeven of gekozen onderwerp volledig behandeld wordt.
1629 referentie Zelfstandig naamwoord /refəˈrɛn(t)si/ personen of andere bronnen die inlichtingen over iemand kunnen geven, bijv. bij een sollicitatie.
1630 besmetting Zelfstandig naamwoord /bəˈsmɛ.tɪŋ/ blootstelling aan een radioactieve isotoop, gewoonlijk door aanraking of inname.
1631 uitstapje Zelfstandig naamwoord /ˈœy̯t.stɑp.jə/ verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord uitstap.
1632 plaatsje Zelfstandig naamwoord /ˈplatʃə/ verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord plaats.
1633 slotte Zelfstandig naamwoord datief onzijdig van slot.
1634 insigne Zelfstandig naamwoord /ˌɪnˈsɪn.jə/ Onderscheidingsteken voor rang of verdienste.
1635 baat Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /baːt/ de gelegenheid te baat nemen: voordeel trekken van een bepaalde mogelijkheid.
1636 assistenten Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord assistent.
1637 hoertje Zelfstandig naamwoord verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord hoer.
1638 gezondigd Werkwoord voltooid deelwoord van zondigen.
1639 politieauto Zelfstandig naamwoord een speciale auto voor politieagenten.
1640 aangebracht Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈaŋɣəˌbrɑxt/ voltooid deelwoord van aanbrengen.
1641 kritieke Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van kritiek.
1642 ongestraft Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord (Zelfstandig naamwoord).
1643 bleken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈbleːkə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord bleek.
1644 dichtst Bijvoeglijk naamwoord onverbogen vorm van de overtreffende trap van dicht.
1645 chet Zelfstandig naamwoord /xɛt/ achtste letter van het alfabet.
1646 voorrang Zelfstandig naamwoord /ˈvoː.rɑŋ/ het recht om eerst te gaan of behandeld te worden.
1647 omega Zelfstandig naamwoord laatste letter van het Griekse alfabet.
1648 sollicitatie Zelfstandig naamwoord /sɔ.li.siˈtaː.(t)si/ een aanzoek tot het intreden van een dienstverband.
1649 specifieker Bijvoeglijk naamwoord onverbogen vorm van de vergrotende trap van specifiek.
1650 gedownload Werkwoord /ɣəˈdɑunlot/ voltooid deelwoord van downloaden.
1651 vrijmaken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord (Zelfstandig naamwoord).
1652 voltooien Werkwoord /vɔlˈtojə(n)/ ten einde brengen.
1653 tonnen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord ton.
1654 release Zelfstandig naamwoord, Werkwoord het uitkomen van een nieuwe film, cd, boek, computerprogramma.
1655 scheidsrechter Zelfstandig naamwoord /ˈsxɛi̯tsˌrɛx.tər/ iemand die bij wedstrijden het toezicht houdt op de naleving van de spelregels.
1656 wantrouwen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈwɑntrɑuwə(n)/ niet vertrouwen, argwanend zijn tegen.
1657 omgang Zelfstandig naamwoord /ˈɔm.ɣɑŋ/ de manier waarop mensen contact met elkaar hebben.
1658 dramatische Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van dramatisch.
1659 schatting Zelfstandig naamwoord /ˈsxɑ.tɪŋ/ heffing die aan onderworpenen wordt opgelegd.
1660 voorjaar Zelfstandig naamwoord /ˈvorjar/ spring (season).
1661 speet Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /spet/ onpersoonlijke verleden tijd van spijten.
1662 zinloze Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van zinloos.
1663 lezers Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord lezer.
1664 imponeren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˌɪm.poːˈneː.rə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1665 zendt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zenden.
1666 transformatie Zelfstandig naamwoord /ˌtrɑns.fɔrˈmaː.(t)si/ omvorming, verandering.
1667 meelopen Werkwoord /ˈmeːˌloː.pə(n)/ iemand vergezellen tijdens het lopen.
1668 eigenaardig Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌɛi̯.ɣəˈnaːr.dəx/ (Zelfstandig naamwoord).
1669 teller Zelfstandig naamwoord /ˈtɛlər/ een apparaat om aantallen te tellen; meter [2].
1670 snuffelen Werkwoord /ˈsnʏfələ(n)/ nieuwsgierig en vaak ook heimelijk doorzoeken.
1671 dolfijn Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈdɔl.fɛi̯n/ middelgrote, in school levende tandwalvis uit de familie Delphinidae, slank met zeer gladde huid, een spitse snuit, een…
1672 oever Zelfstandig naamwoord /ˈuvər/ een rand van kanaal, rivier of meer.
1673 overweging Zelfstandig naamwoord /ˌoː.vərˈʋeː.ɣɪŋ/ beoordeling van argumenten, ergens over nadenken om tot een beslissing te komen.
1674 beat Zelfstandig naamwoord /bit/ beatmuziek.
1675 schorsing Zelfstandig naamwoord /ˈsxɔrsɪŋ/ een voorlopig of tijdelijk verbod om een functie uit te voeren.
1676 kerken Zelfstandig naamwoord /ˈkɛrkə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord kerk.
1677 warenhuis Zelfstandig naamwoord /ˈʋaː.rə(n)ˌɦœy̯s/ een grote winkel, vaak met meerdere verdiepingen, die een uitgebreid assortiment aan goederen verkoopt.
1678 lokt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van lokken.
1679 arresteert Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van arresteren.
1680 binnenplaats Zelfstandig naamwoord /ˈbɪ.nə(n)ˌplaːts/ een open ruimte omringd door gebouwen, vaak tussen voor- en achterhuis.
1681 dove Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈdoː.və/ iemand die niet in staat is te horen.
1682 veteraan Zelfstandig naamwoord /veː.tə.ˈraːn/ een ervaren en oud persoon in een bepaald onderwerpgebied, zoals een sporter, geleerde, etc.
1683 papegaai Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /pɑpəˈɣaːi/ benaming voor vogels uit de orde Psittaciformes, vaak met een bont verenkleed en het vermogen de menselijke stem na te b…
1684 proper Bijvoeglijk naamwoord /ˈproː.pər/ goed schoongemaakt, netjes verzorgd.
1685 bevatte Werkwoord verbogen vorm van bevat, voltooid deelwoord van bevatten.
1686 ambities Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord ambitie.
1687 kogelvrij Bijvoeglijk naamwoord /ˌkoː.ɣəlˈvrɛi̯/ niet door afgeschoten kogels te bereiken of te doordringen.
1688 republikeinse Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van republikeins.
1689 macho Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈmɑ.tʃoː/ macho (pertaining to machismo).
1690 flarden Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord flard.
1691 zonneschijn Zelfstandig naamwoord /ˈzɔ.nəˌsxɛi̯n/ het licht dat van de zon afkomstig is.
1692 wrijf Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van wrijven.
1693 hangar Zelfstandig naamwoord /ɦɑŋˈɡaːr/ een opslagplaats voor een of meer vliegtuigen.
1694 hypnose Zelfstandig naamwoord /ɦipˈnoː.zə/ een kunstmatig gecreëerde staat van bewustzijn waarin men ontspannen is en geconcentreerd op een bepaald onderwerp.
1695 organisch Bijvoeglijk naamwoord /ɔrˈɣaː.nis/ niet werkend met of vervaardigd met kunstmatige stoffen.
1696 ontmoetingen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord ontmoeting.
1697 rondrijden Werkwoord rijden zonder een bepaald doel of met het doel de omgeving te verkennen.
1698 horloges Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord horloge.
1699 ondankbare Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van ondankbaar.
1700 linken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈlɪŋ.kə(n)/ alle programmamodules integreren na compilatie (gebeurt door de link-editor ook wel linker genoemd).
1701 namaak Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈnamak/ al wat nagemaakt (niet echt) is.
1702 schroevendraaier Zelfstandig naamwoord /ˈsxru.və(n).draː.jər/ een werktuig om schroeven vast of los te draaien.
1703 eminentie Zelfstandig naamwoord aanspreekvorm van een kardinaal (en de grootmeester van de orde van Malta).
1704 reservering Zelfstandig naamwoord /ˌreː.zɛrˈveː.rɪŋ/ een ring die ter reserve wordt aangehouden en bedoeld is om te gebruiken indien een andere ring kapot gaat of kwijt raak…
1705 medici Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord medicus.
1706 misbruiken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˌmɪsˈbrœy̯.kə(n)/ op laakbare wijze van iets (macht, naamgeving, positie, e.d.) gebruik maken voor een doel waarvoor het niet bedoeld is.
1707 toveren Werkwoord /ˈtoːvərə(n)/ door middel van [1] iets buitengewoons tot stand brengen of geheel vanuit het niets creëren.
1708 abnormaal Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord /ˌɑb.nɔrˈmaːl/ (Zelfstandig naamwoord).
1709 strekken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈstrɛ.kə(n)/ het zo ver mogelijk uitrekken in de lengte.
1710 hack Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ɦɛk/ het kraken van een computer.
1711 krachtiger Bijvoeglijk naamwoord onverbogen vorm van de vergrotende trap van krachtig.
1712 heft Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ɦɛft/ het handvat van een mes.
1713 stinkend Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈstɪŋkənt/ onvoltooid deelwoord van stinken.
1714 erachteraan Bijwoord /ər.ɑx.tərˈaːn/ vervangt *achter hem aan, *achter ze aan.
1715 audities Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord auditie.
1716 muzikanten Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord muzikant.
1717 bedreven Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /bəˈdreː.və(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1718 dezer Voornaamwoord, Lidwoord /ˈdezər/ genitive singular feminine of deze; of this.
1719 bloederige Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van bloederig.
1720 vechters Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord vechter.
1721 gezondheidszorg Zelfstandig naamwoord /ɣəˈzɔntˌɦɛi̯tsˌzɔrx/ alle personen en organisaties die betrokken zijn bij de bevordering van het lichamelijke en geestelijke welbevinden van…
1722 toegediend Werkwoord voltooid deelwoord van toedienen.
1723 inhuurde Werkwoord enkelvoud verleden tijd van inhuren.
1724 aarzelen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈaːrzələ(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1725 verbiedt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verbieden.
1726 rundvlees Zelfstandig naamwoord /ˈrʏntfleːs/ het vlees van een volwassen rund.
1727 zorgden Werkwoord meervoud verleden tijd van zorgen.
1728 gepromoveerd Werkwoord /ɣəˌpromoˈvert/ voltooid deelwoord van promoveren.
1729 onaardig Bijvoeglijk naamwoord /ˌɔnˈaːr.dəx/ niet aardig, onvriendelijk.
1730 vermoedens Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord vermoeden.
1731 kei Zelfstandig naamwoord /kɛi/ als linkerdeel van een samengesteld bijvoeglijk naamwoord om de betekenis van het rechterdeel te versterken.
1732 barbaren Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord barbaar.
1733 begroef Werkwoord enkelvoud verleden tijd van begraven.
1734 plattegrond Zelfstandig naamwoord schematische afbeelding van een ruimtelijk gebied op een plat vlak in een verkleinde schaal.
1735 erven Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɛrvə(n)/ erfgenamen (meervoud van erve in een sinds de 19e eeuw niet meer gangbare betekenis).
1736 slikte Werkwoord enkelvoud verleden tijd van slikken.
1737 overtredingen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord overtreding.
1738 archieven Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord archief.
1739 wis Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ʋɪs/ stellig, zeker.
1740 bedelen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈbeːdələ(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1741 ondergedoken Werkwoord voltooid deelwoord van onderduiken.
1742 kleinkind Zelfstandig naamwoord /ˈklɛi̯n.kɪnt/ kind van zoon of dochter.
1743 formele Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van formeel.
1744 verdediger Zelfstandig naamwoord /vərˈdeː.də.ɣər/ iemand die aan de achterzijde van het speelveld tracht te voorkomen dat er gescoord wordt.
1745 bevrijding Zelfstandig naamwoord /bəˈvrɛi̯.dɪŋ/ het vrij maken van mensen die gevangen gehouden of onderdrukt worden.
1746 pervers Bijvoeglijk naamwoord /pɛrˈvɛrs/ verdorven, tegennatuurlijk.
1747 vijfhonderd Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈvɛi̯fˌɦɔn.dərt/ zie ook verkleinwoord vijfhonderdje: geldbiljet met een waarde van vijfhonderd euro of andere munteenheid.
1748 meineed Zelfstandig naamwoord de verkondiging van één of meerdere leugens terwijl men heeft gezworen de waarheid te vertellen.
1749 bereikbaar Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /bəˈrɛi̯k.baːr/ (Zelfstandig naamwoord).
1750 oplossingen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord oplossing.
1751 bakt Werkwoord /bɑkt/ tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bakken.
1752 kuil Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /kœy̯l/ een uitholling in de grond, een gegraven gat.
1753 gelofte Zelfstandig naamwoord /ɣə'lɔftə/ een plechtige verklaring iets voortaan te zullen doen of na te zullen laten.
1754 ingegaan Werkwoord voltooid deelwoord van ingaan.
1755 case Zelfstandig naamwoord /kes/ afzonderlijke situatie in de werkelijkheid die nauwkeuriger wordt bekeken.
1756 dokken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈdɔ.kə(n)/ een schip voor inspectie, onderhoud of reparatie in dok brengen.
1757 imperium Zelfstandig naamwoord /ˌɪmˈpeː.ri.ʏm/ groot geheel dat onder iemands leiding staat.
1758 onderscheid Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˌɔndərˈsxɛi̯t/ differentiatie, verschil.
1759 wending Zelfstandig naamwoord verandering, ommekeer.
1760 amulet Zelfstandig naamwoord /ˌaː.myˈlɛt/ hanger, meestal om de hals gedragen, die drager bovennatuurlijke bescherming biedt.
1761 bushalte Zelfstandig naamwoord /ˈbʏsˌɦɑltə/ een plek waar een bus stopt en mensen in en uit de bus kunnen stappen.
1762 benoemen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /bəˈnumə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1763 geniale Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van geniaal.
1764 lastpak Zelfstandig naamwoord /ˈlɑst.pɑk/ een lastig persoon.
1765 gevangenschap Zelfstandig naamwoord /ɣəˈvɑ.ŋə(n)ˌsxɑp/ het gevangen zijn.
1766 wethouder Zelfstandig naamwoord /wɛtɔu(d)ər/ een lid van het dagelijkse uitvoerende bestuur van een Nederlandse gemeente.
1767 dansers Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord danser.
1768 sluwe Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van sluw.
1769 schenden Werkwoord /ˈsxɛndə(n)/ bederven, verderven, aantasten, beschadigen.
1770 kolonisten Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord kolonist.
1771 toezien Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈtu.zin/ (Zelfstandig naamwoord).
1772 doodgeslagen Werkwoord voltooid deelwoord van doodslaan.
1773 teruggegeven Werkwoord voltooid deelwoord van teruggeven.
1774 geleerden Zelfstandig naamwoord, Werkwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord geleerde.
1775 sloerie Zelfstandig naamwoord /ˈslu.ri/ ordinaire vrouw.
1776 dirk Zelfstandig naamwoord /ˈdɪrk/ spelwoord van het Nederlandse spellingalfabet voor de letter d.
1777 vloeren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈvlurə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord vloer.
1778 studiebeurs Zelfstandig naamwoord /ˈstydibøːrs/ een bedrag aan geld dat het mogelijk maakt om een studie te volgen.
1779 omweg Zelfstandig naamwoord /ˈɔmʋɛx/ de weg die langer is dan de gewone of kortste verbinding tussen twee plaatsen.
1780 bijgeloof Zelfstandig naamwoord /ˈbɛi̯.ɣəˌloːf/ een geloof in iets extra's en onnatuurlijks.
1781 parasieten Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord parasiet.
1782 cappuccino Zelfstandig naamwoord /ˌkɑ.puˈtʃi.noː/ kopje koffie dat uit gelijke delen espresso, melk en melkschuim bestaat; espresso waaraan men melkschuim toevoegt.
1783 opeisen Werkwoord /ˈɔpɛːsə(n)/ eisen dat iets of iemand waarop men recht heeft, wordt overgegeven.
1784 verdwaalde Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van verdwaald, voltooid deelwoord van verdwalen.
1785 onacceptabel Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord (Zelfstandig naamwoord).
1786 oplopen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɔplopə(n)/ een besmetting of beschadiging verkrijgen.
1787 verstandige Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van verstandig.
1788 buitenste Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van buitenst.
1789 handvol Zelfstandig naamwoord /ˈɦɑnt.fɔl/ zo veel als in een hand past.
1790 vermijd Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vermijden.
1791 string Zelfstandig naamwoord /strɪŋ/ tanga die van achter slechts uit een koordje ('string') bestaat, stringtanga.
1792 verwarren Werkwoord /vərˈʋɑ.rə(n)/ in de war brengen.
1793 vooruitzicht Zelfstandig naamwoord /voːrˈœy̯tˌsɪxt/ datgene wat men redelijkerwijs te verwachten heeft in de naaste toekomst.
1794 eigenaren Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord eigenaar.
1795 slachting Zelfstandig naamwoord /ˈslɑx.tɪŋ/ handeling waarbij dier geslacht wordt.
1796 gewoonweg Bijwoord /ɣəˈwoɱwɛx/ niets anders dan, niets minder dan.
1797 fractie Zelfstandig naamwoord /ˈfrɑksi/ de gezamenlijke vertegenwoordigers van een politieke partij in een volksvertegenwoordiging.
1798 sarcastisch Bijvoeglijk naamwoord met bittere spot.
1799 onderscheiding Zelfstandig naamwoord /ˌɔndərˈsxɛi̯dɪŋ/ toegekend eerbewijs of uitgereikte decoratie.
1800 verzwijgen Werkwoord /vərˈzwɛiɣə(n)/ iets niet vertellen.
1801 spannen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈspɑ.nə(n)/ het werkwoord behoorde tot klasse 7 en de verleden tijd was spien.
1802 meren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈmeː.rə(n)/ aan de wal vastleggen.
1803 buigt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van buigen.
1804 geroosterd Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord voltooid deelwoord van roosteren.
1805 gentleman Zelfstandig naamwoord /ˈdʒɛntəlˌmɛn/ man die zich gedraagt zoals het hoort voor iemand van aanzien.
1806 onopvallend Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌɔn.ɔpˈfɑ.lənt/ (Zelfstandig naamwoord).
1807 aanbood Werkwoord /ˈambot/ enkelvoud verleden tijd van aanbieden.
1808 mechanisme Zelfstandig naamwoord /meː.xaːˈnɪs.mə/ een extreme vorm van determinisme waarbij men elk stoffelijk en biologisch gebeuren probeert te verklaren door plaatseli…
1809 magnetisch Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /mɑxˈnetis/ (Zelfstandig naamwoord).
1810 gemotiveerd Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɣəˌmotiˈvert/ voltooid deelwoord van motiveren.
1811 schipper Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈsxɪ.pər/ iemand die de verantwoordelijkheid heeft voor de besturing van een schip.
1812 landbouw Zelfstandig naamwoord /ˈlɑnt.bɑu̯/ het cultiveren van land voor het voortbrengen van voedsel en andere nuttige producten.
1813 uitnodigingen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord uitnodiging.
1814 smalle Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van smal.
1815 trio Zelfstandig naamwoord /ˈtri.oː/ Caribsche taal die gesproken wordt door ongeveer 2000 personen in Suriname.
1816 vegetariër Zelfstandig naamwoord /ˌveɣeˈtarijər/ iemand die zich onthoudt van voedsel waar dieren voor gedood worden.
1817 indrukken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɪndrʏkə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord indruk.
1818 kruispunt Zelfstandig naamwoord /ˈkrœy̯spʏnt/ een ogenblik waarop een belangrijke beslissing moet genomen worden, cruciaal moment.
1819 geweldpleging Zelfstandig naamwoord /ɣəˈʋɛltˌpleː.ɣɪŋ/ het gebruik van geweld.
1820 kakkerlak Zelfstandig naamwoord /ˈkɑ.kərˌlɑk/ benaming voor insecten uit de orde Blattodea, oppervlakkig lijkend op een kever maar hier wel sterk van verschillend.
1821 landingsbaan Zelfstandig naamwoord /ˈlandɪŋzˌban/ vlakke, brede strook land op een vliegveld waarvan vliegtuigen gebruik kunnen maken bij het landen en het opstijgen Een…
1822 dates Zelfstandig naamwoord /deːts/ meervoud van het zelfstandig naamwoord date.
1823 bijkomen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈbɛi̯koːmə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1824 cement Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /səˈmɛnt/ een bouwmateriaal bestaande uit kalk, zand en grind.
1825 uitstraling Zelfstandig naamwoord /ˈœytstralɪŋ/ uiterlijk, hoe iets of iemand eruitziet.
1826 kortom Bijwoord /ˈkɔrtɔm/ samenvattend.
1827 crackers Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord cracker.
1828 nr. Zelfstandig naamwoord, Uitdrukking No., no. abbreviation of nummer.
1829 geplant Werkwoord voltooid deelwoord van planten.
1830 hr Zelfstandig naamwoord hoog rendement.
1831 crime Zelfstandig naamwoord /krim/ noodzakelijke handeling of ervaring die veel moeite en ergernis geeft.
1832 investeringen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord investering.
1833 dwarszit Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van dwarszitten.
1834 drijf Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van drijven.
1835 strafbaar Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈstrɑf.baːr/ (Zelfstandig naamwoord).
1836 werkplek Zelfstandig naamwoord /ˈʋɛrk.plɛk/ de plaats waar iemand zijn beroep uitoefend, werkvloer.
1837 werkdag Zelfstandig naamwoord /ˈʋɛrk.dɑx/ elk van de weekdagen waarop men arbeid behoort te verrichten.
1838 horror Zelfstandig naamwoord /ˈɦɔ.rɔr/ genre waarin angstaanjagende verhalen en effecten centraal staan.
1839 geneigd Zelfstandig naamwoord, Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɣəˈnɛi̯xt/ (Zelfstandig naamwoord).
1840 lokte Werkwoord enkelvoud verleden tijd van lokken.
1841 bewees Werkwoord enkelvoud verleden tijd van bewijzen.
1842 visueel Bijvoeglijk naamwoord /vi.zyˈeːl/ betreffende het zicht, betreffende het zienbare.
1843 wekt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van wekken.
1844 akelige Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van akelig.
1845 uitzonderlijke Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van uitzonderlijk.
1846 irrelevant Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌɪ.reː.ləˈvɑnt/ Noun. [C1].
1847 drones Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord drone.
1848 schoonmaak Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈsxomak/ activiteit waarbij iets grondig wordt gereinigd.
1849 overvallers Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord overvaller.
1850 jojo Zelfstandig naamwoord, Werkwoord speelgoed, bestaande uit twee schijfjes die langs een koord, dat ertussen gewonden is, afloopt, en door het impulsmoment…
1851 gastenlijst Zelfstandig naamwoord /ˈɣɑs.tə(n)ˌlɛi̯st/ lijst waarop de namen staan van de gasten van een feest of bijeenkomst.
1852 bezetting Zelfstandig naamwoord /bəˈzɛtɪŋ/ toestand waarbij het grondgebied van een land wordt bestuurd door een ander land.
1853 spreuken Zelfstandig naamwoord /ˈsprøː.kə(n)/ boek in de Bijbel, dat bestaat uit een verzameling wijze uitspraken.
1854 hoesten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɦus.tə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord hoest.
1855 bessen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord bes.
1856 opslagplaats Zelfstandig naamwoord /ˈɔpslɑxˌplats/ een ruimte bedoeld om er voorraden op te slaan.
1857 plande Werkwoord enkelvoud verleden tijd van plannen.
1858 wegdoen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈwɛɣ.dun/ (Zelfstandig naamwoord).
1859 tegenhoudt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van tegenhouden.
1860 verknalt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verknallen.
1861 atleet Zelfstandig naamwoord /ɑtˈleːt/ iemand die grote prestaties op sportief gebied verricht.
1862 dombo Zelfstandig naamwoord /ˈdɔmbo/ desa in Sayung, daarvoor ingedeeld in Grogol, beide onderdeel van het regentschap Demak op het eiland Java in Indonesië.
1863 ongezien Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌɔŋɣəˈzin/ (Zelfstandig naamwoord).
1864 handicap Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɦɛn.diˌkɛp/ een lichamelijke of geestelijke beperking.
1865 autorijden Werkwoord /otorɛi(d)ə(n)/ zich voortbewegen door een auto te besturen.
1866 gezochte Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van gezocht, voltooid deelwoord van zoeken.
1867 combineren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˌkɔmbiˈneːrə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1868 strikken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈstrɪ.kə(n)/ vangen van een dier in met een lus die het dier door zijn bewegingen strak aantrekt.
1869 stoornis Zelfstandig naamwoord /ˈstoːrnɪs/ afwezigheid of afwijking van een functie die tot de normale menselijke ontwikkeling behoort.
1870 tikje Zelfstandig naamwoord /ˈtɪkjə/ verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord tik.
1871 landhuis Zelfstandig naamwoord /ˈlɑnt.ɦœy̯s/ een groot huis op het platteland.
1872 psychisch Bijvoeglijk naamwoord /ˈpsixis/ geestelijk.
1873 inbreuk Zelfstandig naamwoord /ˈɪn.brøːk/ iets schenden.
1874 tikken Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈtɪkə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord tik.
1875 versnelling Zelfstandig naamwoord /vərˈsnɛ.lɪŋ/ een mechaniek ter overbrenging van de ene draaiende beweging op de andere.
1876 tin Zelfstandig naamwoord /tɪn/ scheikundig element met symbool Sn en atoomnummer 50; het is een zilvergrijs overgangsmetaal.
1877 vervalsen Werkwoord /vərˈvɑl.sə(n)/ een bedrieglijke kopie maken van een waardevol voorwerp.
1878 buskruit Zelfstandig naamwoord /ˈbʏs.krœy̯t/ een ontplofbaar mengsel van fijngepoederde kool, zwavel en salpeter.
1879 beheerder Zelfstandig naamwoord /bəˈɦeːr.dər/ een persoon die een systeem (al dan niet beroepsmatig) regelt en onderhoudt.
1880 prop Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /prɔp/ samengepakte massa weefsel of papier, vaak gebruikt om iets af te stoppen.
1881 nevel Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈneː.vəl/ wolken in de nabijheid van de grond, ontstaan door plaatselijke oorzaken zoals door afkoeling of door menging van koude…
1882 geantwoord Werkwoord voltooid deelwoord van antwoorden.
1883 schudt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van schudden.
1884 domein Zelfstandig naamwoord /doːˈmɛi̯n/ een groep computers in een netwerk met een gezamenlijk adres, bijv. een e-mailadres.
1885 financiering Zelfstandig naamwoord /ˈfi.nɑn.siː.rɪŋ/ het leveren van kapitaal om zo een bepaalde activiteit te bekostigen, het financieren.
1886 telefoneren Werkwoord /ˌteːleːfoːˈneːrə(n)/ een telefoon gebruiken.
1887 zwendel Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈzʋɛn.dəl/ bedrog, fraude, oplichting, flessentrekkerij, geknoei.
1888 kutwijf Zelfstandig naamwoord /ˈkʏtˌʋɛi̯f/ onaangename vrouw #:⚠️ Dit gebruik van het woord roept twijfels op over de gebruiker.
1889 espresso Zelfstandig naamwoord /ˌɛsˈprɛ.soː/ geconcentreerde koffie, gebrouwen door het stuwen van heet (niet-kokend) water onder hoge druk door fijngemalen koffie.
1890 bluf Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /blʏf/ poging iemand in de waan te brengen dat men iets achter de hand heeft; uiting bedoeld om het te doen overkomen alsof men…
1891 compensatie Zelfstandig naamwoord /ˌkɔm.pɛnˈzaː.(t)si/ iets wat minder is uitgevallen, weer goed (proberen te) maken (met een extra toegift), terug in balans brengen.
1892 overname Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈoː.vərˌnaː.mə/ het kopen van iets, meestal gebruikt voor het kopen van een bedrijf door een ander bedrijf.
1893 ruimtes Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord ruimte.
1894 premiejager Zelfstandig naamwoord /ˈpreː.miˌjaː.ɣər/ iemand die op mensen jaagt die door de politie gezocht worden en waarvoor een beloning is uitgeschreven.
1895 waters Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord water.
1896 barrière Zelfstandig naamwoord /ˌbɑ.riˈɛː.rə/ begrenzing, bescherming, belemmering.
1897 burrito Zelfstandig naamwoord /bu'rito/ Mexicaans gerecht dat een oorsprong heeft in het noorden van Mexico of zuidwesten van de VS bestaande uit een opgerolde…
1898 bespelen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /bəˈspeːlə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1899 democratische Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van democratisch.
1900 picasso Bijvoeglijk naamwoord /piˈkɑso/ met een kleurrijke garnituur bestaande uit verschillende soorten fruit en groente.
1901 gebreken Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord gebrek.
1902 gazon Zelfstandig naamwoord /ɣaːˈzɔn/ onderhouden, kort gemaaid grasveld bij een huis.
1903 hopper Zelfstandig naamwoord /ˈhɔpər/ vaartuig, ingericht met een trechtervormige laadruimte, om bagger te vervoeren, onderlosser.
1904 piet Zelfstandig naamwoord /pit/ knecht van Sinterklaas, traditioneel zwart geschminkt met rode lippen en gouden oorringen.
1905 startte Werkwoord enkelvoud verleden tijd van starten.
1906 fossielen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord fossiel.
1907 merci Zelfstandig naamwoord, Tussenwerpsel /mɛrˈsi/ thank you.
1908 parochie Zelfstandig naamwoord /ˌpaːˈrɔ.xi/ gemeenschap van gelovigen in de katholieke kerk die bij één kerkgebouw hoort.
1909 merkwaardig Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌmɛrᵊkˈwardəx/ (Zelfstandig naamwoord).
1910 verzeild Werkwoord voltooid deelwoord van verzeilen.
1911 gaatjes Zelfstandig naamwoord verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord gat.
1912 konijntje Zelfstandig naamwoord verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord konijn.
1913 voetsporen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord voetspoor.
1914 begeeft Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zich begeven.
1915 verzenden Werkwoord /vərˈzɛndə(n)/ een bericht via post of e-mail overbrengen.
1916 episode Zelfstandig naamwoord /ˌeː.piˈsoː.də/ aflevering van een televisieserie.
1917 meters Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord meter.
1918 soul Zelfstandig naamwoord /sɔːl/ een muziekstijl die oorspronkelijk is voortgekomen uit rhythm-and-blues en gospelmuziek bij de Afro-Amerikaanse bevolkin…
1919 mondje Zelfstandig naamwoord verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord mond.
1920 treed Werkwoord eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van treden.
1921 friet Zelfstandig naamwoord /frit/ de benaming voor een gerecht van gefrituurde aardappelreepjes ('patat frites').
1922 intense Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van intens.
1923 geruststellend Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /xərʏst'stɛlənt/ onvoltooid deelwoord van geruststellen.
1924 stuiver Zelfstandig naamwoord /ˈstœy̯.vər/ een muntstuk van vijf cent (f 0,05), een twintigste van een gulden.
1925 verwoesting Zelfstandig naamwoord /vərˈʋus.tɪŋ/ het aanbrengen van grote schade, tot een woestenij terugbrengen.
1926 getipt Werkwoord voltooid deelwoord van tippen.
1927 sovjets Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord sovjet.
1928 ongesteld Bijvoeglijk naamwoord /ˌɔn.ɣəˈstɛlt/ een beetje ziek.
1929 vlieger Zelfstandig naamwoord, Werkwoord een klein driehoekig scheepszeil, dat voor en boven de kluiver tussen de (voorste) mast en de boegspriet wordt gevaren.
1930 kloot Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /kloːt/ bolvormig mannelijke orgaan waar spermacellen worden gemaakt.
1931 organiseert Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van organiseren.
1932 pedofiel Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌpedoˈfil/ een volwassene die verlangt naar seksueel contact met kinderen.
1933 kinderkamer Zelfstandig naamwoord /ˈkɪn.dərˌkaː.mər/ een kamer die speciaal is ingericht voor kinderen.
1934 cafetaria Zelfstandig naamwoord /ˌkaː.feːˈtaː.ri.aː/ een eenvoudige eetgelegenheid, waar men vooral gefrituurde gerechten kan eten.
1935 gassen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɣɑsə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord gas.
1936 strijdkrachten Zelfstandig naamwoord /ˈstrɛitkrɑxtə(n)/ geheel van de militaire organisaties die een staat ter beschikking staan.
1937 binnenstad Zelfstandig naamwoord /ˈbɪnə(n)stɑt/ een, meestal oud, stadscentrum.
1938 verdrinkt Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verdrinken.
1939 stapelgek Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˌstaː.pəlˈɣɛk/ (Zelfstandig naamwoord).
1940 verjaardagen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord verjaardag.
1941 aangebroken Werkwoord /ˈaːŋɣəˌbroːkə(n)/ voltooid deelwoord van aanbreken.
1942 verpakt Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /vərˈpɑkt/ tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verpakken.
1943 toonbank Zelfstandig naamwoord /ˈtoːn.bɑŋk/ een winkeltafel waarop waren worden getoond en afgerekend.
1944 tap Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /tɑp/ aftak- of aansluitpunt op een kabel of leiding voor water-, gas- elektriciteit, etc.
1945 gokje Zelfstandig naamwoord /ˈɣɔkjə/ verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord gok.
1946 onkruid Zelfstandig naamwoord /ˈɔŋ.krœy̯t/ planten die voorkomen op plekken waar ze niet gewenst zijn.
1947 sneden Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈsnedən/ meervoud van het zelfstandig naamwoord snee.
1948 scheef Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /sxeːf/ niet recht, niet onder een rechte hoek.
1949 commerciële Bijvoeglijk naamwoord /ˌkɔmɛrˈʃelə/ verbogen vorm van de stellende trap van commercieel.
1950 eeuwenlang Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord, Bijwoord /ˌeːu̯.ə(n)ˈlɑŋ/ (Zelfstandig naamwoord).
1951 boffen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈbɔ.fə(n)/ meervoud van het zelfstandig naamwoord bof.
1952 shots Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord shot.
1953 servers Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord server.
1954 denkend Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ˈdɛŋkənt/ onvoltooid deelwoord van denken.
1955 mollen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈmɔ.lə(n)/ ervoor zorgen dat iets niet meer werkt.
1956 hiv Zelfstandig naamwoord /ɦaː.iˈveː/ menselijk immuundeficiëntievirus, de soort die aids kan veroorzaken.
1957 reparaties Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord reparatie.
1958 gerekend Werkwoord /ɣəˈrekənt/ voltooid deelwoord van rekenen.
1959 ietsje Bijwoord /ˈitʃə/ een (klein) beetje.
1960 vitamine Zelfstandig naamwoord /vi.taːˈmi.nə/ een stof die het lichaam in kleine hoeveelheden nodig heeft, maar niet of bijna niet door het lichaam zelf aangemaakt ka…
1961 aldoor Bijwoord /ˈɑldor/ de hele tijd.
1962 begroet Werkwoord enkelvoud tegenwoordige tijd van begroeten.
1963 tuinen Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈtœy̯.nə(n)/ to practice agriculture or horticulture.
1964 zinvol Bijvoeglijk naamwoord /ˈzɪn.vɔl/ een bepaald nuttig doel dienend.
1965 reclasseringsambtenaar Zelfstandig naamwoord /ˌreklɑˈserɪŋsˌɑmtəˌnar/ iemand die werkt bij de reclassering.
1966 zelfbeheersing Zelfstandig naamwoord /ˈzɛlf.bəˌɦeːr.sɪŋ/ het in bedwang houden van eigen gevoelens, zoals emoties of kwaadheid.
1967 voordoet Werkwoord tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van voordoen.
1968 transacties Zelfstandig naamwoord /trɑnz.ˈɑk.sis/ meervoud van het zelfstandig naamwoord transactie.
1969 hekken Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord hek.
1970 oplichten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈɔplɪxtə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1971 overvaller Zelfstandig naamwoord iemand die mensen, banken of winkels berooft.
1972 isolatie Zelfstandig naamwoord /izoːˈlaː(t)si/ het voorkomen van geleiding van energie of elektrische stroom.
1973 fitness Zelfstandig naamwoord /ˈfɪtnəs/ conditie- of krachttraining, meestal in een sportzaal.
1974 thuisbrengen Werkwoord /ˈtœy̯sˌbrɛ.ŋə(n)/ iets zodanig herinneren dat men ook weet wat het precies was.
1975 prikkeldraad Zelfstandig naamwoord /ˈprɪ.kəlˌdraːt/ materiaal bestaande uit een dubbele, in elkaar gedraaide metalen draad, op regelmatige afstand voorzien van twee korte i…
1976 verdienden Werkwoord meervoud verleden tijd van verdienen.
1977 gerealiseerd Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ɣəˈrejaliˌsert/ voltooid deelwoord van realiseren.
1978 expertise Zelfstandig naamwoord /ˌɛk.spɛrˈtiː.zə/ onderzoek door deskundigen.
1979 stiller Bijvoeglijk naamwoord onverbogen vorm van de vergrotende trap van stil.
1980 wereldje Zelfstandig naamwoord verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord wereld.
1981 capaciteit Zelfstandig naamwoord /ˌkaː.paː.siˈtɛi̯t/ mogelijkheid om iets te bevatten, hoeveelheid ruimte die voor een bepaald doel gevuld kan worden.
1982 neerstorten Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˈnerstɔrtə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1983 vissers Zelfstandig naamwoord /ˈvɪ.sərs/ meervoud van het zelfstandig naamwoord visser.
1984 bult Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /bʏlt/ een uitstulping in het landschap.
1985 correctie Zelfstandig naamwoord /ˌkɔˈrɛk.si/ verbetering.
1986 hoedje Zelfstandig naamwoord verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord hoed.
1987 seriemoordenaars Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord seriemoordenaar.
1988 ongewenste Bijvoeglijk naamwoord verbogen vorm van de stellende trap van ongewenst.
1989 bug Zelfstandig naamwoord /bʏɡ/ fout in een technisch apparaat.
1990 werkend Werkwoord, Bijvoeglijk naamwoord /ʋɛrkənt/ onvoltooid deelwoord van werken.
1991 geplukt Werkwoord voltooid deelwoord van plukken.
1992 privéleven Zelfstandig naamwoord /priˈveːˌleː.və(n)/ de tijd die besteed wordt aan persoonlijke bezigheden.
1993 opperbevelhebber Zelfstandig naamwoord /ˈɔ.pər.bəˌvɛl.ɦɛ.bər/ de persoon die aan het hoofd staat van het gehele leger.
1994 vijandelijk Zelfstandig naamwoord, Bijvoeglijk naamwoord /vɛi̯ˈɑndələk/ (Zelfstandig naamwoord).
1995 forceren Zelfstandig naamwoord, Werkwoord /ˌfɔrˈseː.rə(n)/ (Zelfstandig naamwoord).
1996 compagnon Zelfstandig naamwoord /ˌkɔm.pɑnˈjɔn/ vennoot, handelsgenoot, medefirmant, zakenpartner, associé.
1997 hoogstens Zelfstandig naamwoord, Bijwoord /ˈɦoːxstə(n)s/ (Zelfstandig naamwoord).
1998 seizoenen Zelfstandig naamwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord seizoen.
1999 metgezel Zelfstandig naamwoord /ˈmɛt.ɣəˌzɛl/ iemand die meegaat op een reis of activiteit.
2000 spektakel Zelfstandig naamwoord /spɛkˈtaː.kəl/ hijswerktuig op walvisvaarders om (delen van) de vangst aan boord te krijgen.
← C1 Level C2 of 6

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, CEFR level, and more.

Open Dictionary