Betekenis van gezicht | Babel Free
ɣəˈzɪxtDefinities
- de voorkant van een menselijk hoofd
- als pars pro toto: een persoon
- het vermogen om te kunnen te zien
- datgene wat men ziet, bijv. een landschap
-
uiterlijk kenmerk figuratively
Voorbeelden
“De neus, de mond en de ogen zijn delen van het gezicht.”
“Marie-Claire Ik trek de badkamerdeur open en kijk in het gezicht van Giorgos, die met smalende blik en met een handdoek om zijn middel op de toiletpot zit. 'Is de kust veilig?' 'Wat was je aan het doen, joh? Lauren had het bijna door!' 'Wc doortrekken en tandenpoetsen,' is zijn eerlijke antwoord.”
“Hij leek een permanente glimlach te hebben onder zijn borstelige snor en was hier in de wildernis duidelijk in zijn element. Na het filteren van een paar liter water deed ik mijn rugzak weer om en liep met een grote grijns op mijn gezicht door; wat een figuur.”
“Er waren veel bekende gezichten en ik was vooral verheugd om Savage weer te zien, de jongen die mij had omgedoopt tot Van Go.”
“Zijn gezicht ging achteruit en daarom moest hij een bril gaan dragen.”
“Van op die bergtop zie je een mooi gezicht.”
“CDA-leider Bontenbal is verdrietig over de dood van paus Franciscus. "Deze paus gaf de Katholieke Kerk een menselijk gezicht."”
“Vanaf 1971 was hij elf jaar landelijk politicus, waarvan negen jaar als leider van D66. Als het vleesgeworden redelijk alternatief gaf hij de partij na het vertrek van de flamboyante oprichter Hans van Mierlo een nieuw gezicht.”
ERK-niveau
A2
Elementair
Dit woord behoort tot de ERK A2-woordenschat — niveau elementair.
Dit woord behoort tot de ERK A2-woordenschat — niveau elementair.
Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free