HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← doen — definition

Conjugation of doen

Regular CEFR A1
dun

maakt van een ergatief werkwoord een causatieve constructie In Belgisch-Nederlands wordt deze betekenis meer gebruikt, in Nederland is buiten formele taal "laten" meer gangbaar. Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik doe
jij / je doet
hij / zij / het doet
wij / we doen
jullie doen
zij / ze doen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik deed
jij / je deed
hij / zij / het deed
wij / we deden
jullie deden
zij / ze deden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik doe
jij / je doe
hij / zij / het doe
wij / we doen
jullie doen
zij / ze doen
Aanvoegende wijs — verleden
ik dede
jij / je dede
hij / zij / het dede
wij / we deden
jullie deden
zij / ze deden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij doe
jullie (archaïsch) doet

Onbepaalde vormen

Infinitief
doen
Tegenwoordig deelwoord
doend
Voltooid deelwoord
gedaan

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary