HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ogen — definición

Conjugation of ogen

Regular CEFR A1
/ˈoːɣə(n)/

aandachtig kijken naar, staren naar Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik oog
jij / je oogt
hij / zij / het oogt
wij / we ogen
jullie ogen
zij / ze ogen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik oogde
jij / je oogde
hij / zij / het oogde
wij / we oogden
jullie oogden
zij / ze oogden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik oge
jij / je oge
hij / zij / het oge
wij / we ogen
jullie ogen
zij / ze ogen
Aanvoegende wijs — verleden
ik oogde
jij / je oogde
hij / zij / het oogde
wij / we oogden
jullie oogden
zij / ze oogden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij oog
jullie (archaïsch) oogt

Onbepaalde vormen

Infinitief
ogen
Tegenwoordig deelwoord
ogend
Voltooid deelwoord
geoogd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary