HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← dragen — definition

Conjugation of dragen

Regular CEFR A2
ˈdraːɣə(n)

als kledingstuk of sieraad aanhebben Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik draag
jij / je draagt
hij / zij / het draagt
wij / we dragen
jullie dragen
zij / ze dragen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik droeg
jij / je droeg
hij / zij / het droeg
wij / we droegen
jullie droegen
zij / ze droegen

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik drage
jij / je drage
hij / zij / het drage
wij / we dragen
jullie dragen
zij / ze dragen
Aanvoegende wijs — verleden
ik droege
jij / je droege
hij / zij / het droege
wij / we droegen
jullie droegen
zij / ze droegen

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij draag
jullie (archaïsch) draagt

Onbepaalde vormen

Infinitief
dragen
Tegenwoordig deelwoord
dragend
Voltooid deelwoord
gedragen

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary