HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← doortrekken — definition

Conjugation of doortrekken

Regular CEFR C2
ˌdoːrˈtrɛkə(n)

de inhoud van de stortbak van een toilet ledigen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik doortrek
jij / je doortrekt
hij / zij / het doortrekt
wij / we doortrekken
jullie doortrekken
zij / ze doortrekken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik doortrok
jij / je doortrok
hij / zij / het doortrok
wij / we doortrokken
jullie doortrokken
zij / ze doortrokken

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik doortrekke
jij / je doortrekke
hij / zij / het doortrekke
wij / we doortrekken
jullie doortrekken
zij / ze doortrekken
Aanvoegende wijs — verleden
ik doortrokke
jij / je doortrokke
hij / zij / het doortrokke
wij / we doortrokken
jullie doortrokken
zij / ze doortrokken

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij doortrek
jullie (archaïsch) doortrekt

Onbepaalde vormen

Infinitief
doortrekken
Tegenwoordig deelwoord
doortrekkend
Voltooid deelwoord
doortrokken

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary