Betekenis van tijd | Babel Free
/tɛi̯t/Voorbeelden
“Hij heeft geen tijd om te wachten.”
He doesn't have time to wait.
“We moeten meer tijd besteden aan het leren van nieuwe vaardigheden.”
We need to spend more time learning new skills.
“In deze zin wordt de tegenwoordige tijd gebruikt.”
In this sentence, the present tense is used.
“Hij heeft de werkwoordvorm naar de verleden tijd veranderd.”
He changed the verb form to the past tense.
ERK-niveau
B1
Gemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.