HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← maken — definición

Conjugation of maken

Regular CEFR A1
/ˈmaːkə(n)/

voortbrengen, tot stand brengen, in een toestand brengen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik maak
jij / je maakt
hij / zij / het maakt
wij / we maken
jullie maken
zij / ze maken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik maakte
jij / je maakte
hij / zij / het maakte
wij / we maakten
jullie maakten
zij / ze maakten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik make
jij / je make
hij / zij / het make
wij / we maken
jullie maken
zij / ze maken
Aanvoegende wijs — verleden
ik maakte
jij / je maakte
hij / zij / het maakte
wij / we maakten
jullie maakten
zij / ze maakten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij maak
jullie (archaïsch) maakt

Onbepaalde vormen

Infinitief
maken
Tegenwoordig deelwoord
makend
Voltooid deelwoord
gemaakt

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary