Betekenis van kamer | Babel Free
/ˈkaː.mər/Voorbeelden
“Hij zit al de hele dag in zijn kamer.”
He's been in his bedroom all day.
“De krant slingert ergens in de kamer.”
The newspaper is laying around somewhere in the living room.
“op kamers gaan”
to move out of one's parental home to live in a student room
“Er is een enorm tekort aan kamers in veel studentensteden.”
There's a huge shortage of student rooms in many university towns.
“Het geschil werd voorgelegd aan de geschillenkamer voor een uitspraak.”
The dispute was brought before the disputes board for a ruling.
“De tuchtkamer van de orde van advocaten behandelde de klacht tegen de advocaat.”
The disciplinary court of the bar association handled the complaint against the lawyer.
“De Tweede Kamer in Nederland heeft wetgevende bevoegdheden.”
The Second Chamber in the Netherlands has legislative powers.
“Het wetsvoorstel werd goedgekeurd door een meerderheid van de kamerleden in de assemblee.”
The bill was approved by a majority of the chamber members in the assembly.
“De kamer van het geweer moet zorgvuldig worden schoongemaakt.”
The chamber of the gun should be cleaned carefully.
“Het mechanisme is vastgelopen vanwege vuil in de kamer van de machine.”
The mechanism has jammed due to dirt in the compartment of the machine.
ERK-niveau
B1
Gemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.