HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← reden — definition

Conjugation of reden

Regular CEFR A1
ˈreːdə(n)

ervoor zorgen dat een schip klaar is om te varen (zie ook rederij) Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik reed
jij / je reedt
hij / zij / het reedt
wij / we reden
jullie reden
zij / ze reden
Verleden tijd (o.v.t.)
ik reedde
jij / je reedde
hij / zij / het reedde
wij / we reedden
jullie reedden
zij / ze reedden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik rede
jij / je rede
hij / zij / het rede
wij / we reden
jullie reden
zij / ze reden
Aanvoegende wijs — verleden
ik reedde
jij / je reedde
hij / zij / het reedde
wij / we reedden
jullie reedden
zij / ze reedden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij reed
jullie (archaïsch) reedt

Onbepaalde vormen

Infinitief
reden
Tegenwoordig deelwoord
redend
Voltooid deelwoord
gereed

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary