ik
Definities
nominatief (onderwerp), verwijst naar de spreker of schrijver met uitsluiting van anderen
Equivalenten
35 andere talen
Afrikaansek
Bosanskija
Catalàjo
Češtinajá
Danskjeg
Deutschich
Ελληνικάεγώ
Esperantomi
Euskarani
فارسیمن
Suomiminä
Gaeilgemé
עבריתאני
Magyarén
Íslenskaeg
Italianoio
ქართულიმე
한국어나
Latinaego
Polskija
Portuguêseu
Românăeu
Русскийя
Shqipunë
Svenskajag
Türkçeben
УкраїнськаЯ
Tiếng ViệtảnhAnhánhbábàbạbabácbạcbắcbốbổbồbọbớbocậucaucầuchảchạchachàchaucháuchichíchìchưchuchúchứcócổcôcốcodidịdướngdươngdườngemémmemẹmêmẻmìnhminhmómômờmợóngôngtatátaotạotáothímtôtớtợtotổtôitốitớitơitoi
中文我
繁體中文我
Voorbeelden
“Ik hou van jou.”
I love you.
“Ik zing dit lied voor jou.”
“Hij kreeg hierdoor te maken⟳ met onder meer doodsbedreigingen en bommeldingen op de faculteit. In 2009 blikte de criminoloog in gesprek met het Leids Universitair Weekblad Mare terug op die periode. "Ik schermde zo goed mogelijk mijn gezin af, maar dat lukte natuurlijk slecht." Zo kreeg hij ook telefonisch bedreigingen en werd er poep door de brievenbus gegooid.”
“"Dat wordt straks wel even wennen⟳", zegt machinist Jos van der Veen tegen RTV Noord. Hij had gisteravond zijn⟳ laatste rit naar het "oude hoofdstation"". "Ik vind het mooi om een stukje spoorweggeschiedenis mee te maken⟳, zowel aan het einde van iets of het begin van iets. Nu mag ik het einde meemaken, hartstikke leuk."”
ERK-niveau
A1
Beginner
Dit woord behoort tot de ERK A1-woordenschat — niveau beginner.
Dit woord behoort tot de ERK A1-woordenschat — niveau beginner.
Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free