Betekenis van rekenen | Babel Free
ˈreːkənə(n)Definities
-
getallen manipuleren unergative
-
in rekening brengen, factureren unergative
-
~ op vast vertrouwen op de uitkomst van een berekening of afspraak unergative
Conjugation
Browse the table or drill it — all tenses, moods, and persons of rekenen.
Equivalenten
Voorbeelden
“Na de taalles hebben⟳ de kinderen rekenen⟳.”
After the language lesson the children do arithmetic.
“Hij rekende zich al (tot) de groten der aarde.”
He has already counted himself as belonging (to) the greats of the word/one of the greats.
“De ruiters rekenden op bijstand van de koning onder de berg.”
The riders/horsemen counted (on) the king's assistance under the mountain.
“Voor dit buffet rekenen⟳ wij twintig euro per persoon.”
For this buffet we determine 20 euros per person.
“Hij rekent erg langzaam, maar wel foutloos.”
“Het zou ook kunnen⟳, gingen ze verder, dat ouders hun eerste 'hoger' inschatten omdat die, vergeleken met de tweede, nu eenmaal heel lang op een hoger niveau aan het werk is - al prinsessen tekent wanneer de tweede alleen nog maar vellen⟳ papier volkrast, al kan rekenen⟳ wanneer de tweede nog moet leren⟳ tellen⟳.”
“Deze garage rekent veel voor het vervangen⟳ van een uitlaat.”
“Daar was niet op gerekend.”
“De winnaars in een klein aantal prestigieuze spelen⟳ - zoals in Olympia en Delphi - kregen slechts een krans, maar bij terugkeer konden⟳ ook zij rekenen⟳ op een financiële beloning door hun stad.”
“Het is buiten de kwelzucht van de parcoursbouwers gerekend. Hier lag de afgelopen drie keer de eindstreep, maar verderop hebben⟳ ze een onverhard pad laten⟳ aanleggen. Nog wat verder omhoog, heren!”
ERK-niveau
B1
Gemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free