Betekenis van bos | Babel Free
bɔsEquivalenten
Voorbeelden
“Zij ging wandelen⟳ in de bossen⟳.”
She went walking in the woods.
“Ik woon in de stad en ik kom uit het bos / Toerisme gestudeerd en ik ben tevens kok / Mensen vinden⟳ me tof, grof, onbeschoft / en respect voor mijn buurvrouw want die noemt me os”
I live in the city and I'm from the jungle / Studied tourism and I am also a cook / People think I am harsh, rude, uncouth / and respect for my neighbour because she calls me an ox
“Voor het recept hebben⟳ we een bosje radijzen nodig.”
We need a bunch of radishes for the recipe.
“Hij bracht een bosje bloemen mee.”
He brought me a bouquet of flowers.
“Hij ging wandelen⟳ in het bos.”
“Volgens de overlevering vluchtten meisjes uit Plancher-Les-Mines gedurende de Dertigjarige Oorlog (1618-1648) de bossen⟳ in om te ontkomen⟳ aan bloeddorstige huurlingen in dienst van de Zweedse bezetter.”
“De Zweedse bossen⟳ konden⟳ kant-en-klare stammen⟳ van twintig meter leveren⟳, maar voor het werk met de palen⟳ in de rivier hadden ze de dubbele lengte nodig.”
“Dienst 's Lands Bosbeheer (LBB).”
“De jongen⟳ heeft een dikke bos haar op zijn⟳ hoofd.”
“Haar vingers speelden met de stelen⟳ van het bosje bloemen dat in een glazen⟳ vaasje stond.”
“Haar aparte, jongensachtige kleren stonden haar goed; zelfs haar ontembare bos haar leek helemaal bij haar te passen⟳.”
“Om het ijs te breken⟳ had ik onderweg een enorme bos ruikers gekocht (nooit met lege handen aankomen).”
ERK-niveau
A2
Elementair
Dit woord behoort tot de ERK A2-woordenschat — niveau elementair.
Dit woord behoort tot de ERK A2-woordenschat — niveau elementair.
Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free