Betekenis van zwartjan | Babel Free
/ˈzwɑrtjɑnl/Definities
-
iemand met en donkere huidskleur #:⚠️ Dit gebruik van het woord roept twijfels op over de gebruiker. pejorative
-
iemand met een zeer streng gereformeerde overtuiging pejorative
-
iemand die bij wedstrijden het toezicht houdt op de naleving van de spelregels pejorative
-
iemand die roet uit schoorstenen verwijdert obsolete, slang
-
iemand die van de omstandigheden in de Tweede Wereldoorlog gebruikt maakte om zich onwettig of onbehoorlijk te verrijken pejorative
-
benaming voor zwarte watervogels uit het geslacht Phalacrocorax figuratively
-
benaming voor een oven of kachel figuratively, informal
Voorbeelden
“De notaris spreekt steeds over „zwartjes" en die „zwartjannen" al zegt hij er een keer toch nog bij dat dat „misschien wat oneerbiedig is".”
“⧖ ‘Oeloepoe! kijk naar je eigen!’ zei hij dan, of wel: ‘Jij nooit kaffer zien? Zoo van voor en zoo van achter!’ en wanneer het boertje dan kwaad werd, omdat Paul hem zijn rug toedraaide, en begon te schelden: ‘leelijke neger!’ of ‘leelijke zwartjan!’ nam de jongste Artapappa heel beleefd zijn pet af en zei: ‘Wah, geen zwartjan, zeg! Paul!’”
“Gezien vanuit een totaal beleid van sportiviteitshandhaving op het voetbalveld neemt de scheidsrechter geen strategische maar een tactische positie, in. Hij mag de meest opzienbarende exponent zijn van de K.N.V.B., de „zwartjan", de „zondebok", of de geprezene, de vredebrenger, de conflictoplosser, hij is dat slechts als symptoom van de totale structuur die voetbal heet.”
“De gele kaart echter had bij spelers en supporters intussen een waarschijnlijk onuitroeibare slechte naam gekregen als het "terreurwapen van de zwartjannen", dat alle arbiters al hanteerden, op één na: Frans Derks.”
“Als deel van een samenstelling hebben we spekjan ‘eert. scheldnaam door zeelieden aan Portugezen en Spanjaarden gegeven’ en zwartjan ‘schoorsteenveger in de volkstaal’.”
“⧖ „Wonen er hier nu werkelijk zo veel zwarte handelaren”, vroegen we den vriendelijken kastelein, die ons een biertje schonk. (…). „Nou, meneer, u kunt het zelf ook zien. Wandel maar eens door de gemeente. Kijk vooral naar de vele nieuwe puien. Ge kunt er donder op zeggen, dat daarachter zwartjannen wonen.””
“⧖ Vroeger was hier een groote aalscholverskolonie, maar die zwarte waterraven krijgen er nu hun kans niet meer, want kooiman Van Herk zit hen achter de veeren en hij heeft aan de schollevaars een grooten hekel. Neen, de eenden zijn niet gesteld op het gezelschap van de zwartjannen en kooiker Gijs van Herk al evenmin.”
“Misschien zitten we binnenkort 's avonds — vroeg de gordijnen gesloten tegen de gure wind — binnen onze vier geïsoleerde muren wel rond het wonderkacheltje geschaard, die kleine zwartjan tegen wiens mantel het zo goed bloembollen poffen is.”
ERK-niveau
B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.