Betekenis van gezelschap | Babel Free
ɣəˈzɛlˌsxɑpDefinities
- een groep mensen die iets gemeen hebben
- iemand ~ houden': bij iemand blijven die anders alleen zou zijn
- aanwezigheid van een persoon, dier of zaak
- een vereniging met een bepaald doel
Equivalenten
Voorbeelden
“Het hele gezelschap was gezellig op skivakantie.”
“Zelfs als ik om drie uur 's nachts langs de Seine dwaalde, wat steeds meer een gewoonte van mij werd, deed ik dat altijd in gezelschap van tweehonderd anderen.”
“Ik kan je niet langer gezelschap houden, ik moet naar m'n werk.”
“Hij is hier omringd door een deel van de harde kern van The Circus, zoals zijn entourage wordt genoemd, vrienden die hij al dertig, veertig jaar kent, soms ex-geliefden die blijven hangen. Ze vormen een onzichtbare kring om Hockney, scharrelen rond in zijn huis, zorgen voor hem, houden hem gezelschap.”
“Maar toen dacht ik aan weer een avond in mijn lege flatje, met slechts het gekraak van de radio en mijn stukgelezen boeken als gezelschap, en ineens wilde ik niet alleen zijn.”
“Mijn vermoeden zou zijn dat u zijn gezelschap kunt waarderen. Hij is een eminent geleerde.'”
“Zo was Poulettes snedige journalistenjargon nu eenmaal en je moest niet lichtgeraakt zijn in haar gezelschap.”
“Er bestaat een gezelschap dat zich richt op de studie hiervan.”
ERK-niveau
B1
Gemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free