HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← scharrelen — definition

Conjugation of scharrelen

Regular CEFR C2
ˈsxɑ.rə.lə(n)

onzekere of moeilijke wijze voortbewegend ergens heen gaan Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik scharrel
jij / je scharrelt
hij / zij / het scharrelt
wij / we scharrelen
jullie scharrelen
zij / ze scharrelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik scharrelde
jij / je scharrelde
hij / zij / het scharrelde
wij / we scharrelden
jullie scharrelden
zij / ze scharrelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik scharrele
jij / je scharrele
hij / zij / het scharrele
wij / we scharrelen
jullie scharrelen
zij / ze scharrelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik scharrelde
jij / je scharrelde
hij / zij / het scharrelde
wij / we scharrelden
jullie scharrelden
zij / ze scharrelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij scharrel
jullie (archaïsch) scharrelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
scharrelen
Tegenwoordig deelwoord
scharrelend
Voltooid deelwoord
gescharreld

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary