Betekenis van strijd | Babel Free
/srɛi̯t/Voorbeelden
“Er heerste een hevige strijd tussen de rivaliserende bendes.”
There was intense conflict between the rival gangs.
“De politieke partijen voerden een felle strijd om de gunst van de kiezers.”
The political parties engaged in a fierce strife for the favor of the voters.
“De soldaten waren moe van de lange dagen van strijd op het slagveld.”
The soldiers were tired from the long days of battle on the battlefield.
“De luchtmacht voerde een succesvolle strijd tegen de vijandelijke vliegtuigen.”
The air force waged a successful warfare against the enemy planes.