Betekenis van nikker | Babel Free
/ˈnɪkər/Voorbeelden
“Het volk in de nabijheid der hooge bergmeren gelooft nog aan allerlei kobolden, elfen, nikkers, water- en berggeesten.”
The people in the vicinity of the high mountain lakes still believe in all kinds of kobolds, elves, necks, water sprites and mountain spirits.
“1924, Lodewijk Opdebeek, "Peters Kind" (part 6, "Muziek"), De Vlaamsche Gids, page 289. Hij vermaande hem zoetjes, sprak van Nikker en Bloedkaros, maar Fikske liet zich niet afbangen, 't kon hem allemaal niet schelen: het manneke, daar diep beneden, trok hem te veel aan.”
He gently reprimanded him, talked about the nixie and the child-butchering carriage, but Fikske wouldn't let himself get scared of it, he couldn't care less about it all: the little man, down below there, attracted him far too much for that.