HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← Terug naar zoeken

Betekenis van trouwen | Babel Free

Werkwoord
/ˈtrɑu̯ə(n)/

Voorbeelden

“Ze zijn gisteren getrouwd.”

They married yesterday.

“Wil je met me trouwen?”

Will you marry me?

Zie ook

Leer dit woord in context

Bekijk trouwen gebruikt in echte gesprekken in onze gratis Spaanse cursus.

Gratis cursus starten