HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← Terug naar zoeken

Betekenis van zondag | Babel Free

Zelfstandig naamwoord mannelijk CEFR B1
/ˈzɔndɑx/

Voorbeelden

“Op zondag gaan we altijd naar de kerk.”

On Sunday we always go to church.

“Zondagen zijn perfect voor familiebijeenkomsten.”

Sundays are perfect for family gatherings.

“We hadden een lui zondagje thuis.”

We had a lazy Sunday at home.

ERK-niveau

B1
Gemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.

Zie ook

Leer dit woord in context

Bekijk zondag gebruikt in echte gesprekken in onze gratis Spaanse cursus.

Gratis cursus starten