HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← Terug naar zoeken

Betekenis van weekend | Babel Free

Zelfstandig naamwoord CEFR A2 Frequent
ˈʋikɛnt

Definities

periode van vrijdagavond tot en met zondagnacht

Equivalenten

Afrikaans naweek
Bosanski vikend
Čeština víkend víkendový
Cymraeg penwythnos
Deutsch Wochenende
Esperanto semajnfino
Español fin de semana finde
Suomi viikonloppu
Hrvatski vikend
Bahasa Indonesia akhir pekan
Íslenska helgi
日本語 週末
Lietuvių saváitgalis
Македонски викенд
Nederlands weekeinde
Српски vikend викенд
Svenska helg veckoslut
Türkçe hafta sonu
Tiếng Việt cuối tuần
中文 周末 週末
ZH-TW 週末

Voorbeelden

“Koning Willem-Alexander en koningin Máxima waren afgelopen weekend in Terneuzen. De koning gaf het startschot voor de viering van 75 jaar vrijheid. Want dit jaar is het 75 jaar geleden dat Nederland bevrijd werd.”
“‘Ik ben op weg naar een huisje op een vakantiepark in Venlo, een weekendje weg met ons gezin, mijn ouders en mijn zus. Dat doen wij een keer per jaar, en dit was al een half jaar van tevoren gepland. We hebben ervoor gekozen om het toch door te laten gaan. Er is daar ruimte en groen, het is geen massale mensenmassa waarin we ons begeven. We zien wel wat er daar nog open is. En dit weekend is belangrijk voor ons, er worden al zo veel leuke dingen afgelast.”
“Ik heb nooit alleen gewoond, ik ben altijd met anderen op pad en ik ga met mijn gezin op vakantie of met vrienden een weekendje weg.”

ERK-niveau

A2
Elementair
Dit woord behoort tot de ERK A2-woordenschat — niveau elementair.
See all A2 Nederlands words →

Zie ook

Leer dit woord in context

Bekijk weekend gebruikt in echte gesprekken in onze gratis Spaanse cursus.

Gratis cursus starten

Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free