Betekenis van troubadour | Babel Free
/ˌtrubaˈdur/Definities
-
een langs kastelen en vorstenhoven in het middeleeuwse Zuid-Frankrijk, rondreizend kunstenaar, musicus, zanger van liederen en voordrager van gedichten, balladen e.d. Middle-Ages
-
een langs herbergen, jaarmarkten rondtrekkend artiest, muzikant, zanger van liedjes en komediant historical
Equivalenten
English
Troubadour
Voorbeelden
“Nog lang bleef het eigenaardige gezang van de troubadour in haar hoofd naklinken.”
“`Er was een tijd,' zei ze, 'waarin troubadours vrouwen het hof maakten met hun gedichten. Je zou bijna heimwee krijgen naar dat verleden. Want zie mij aan, omstuwd door twee heren die in hun pogingen een vrouw genegen te stemmen niets beters kunnen verzinnen dan indruk op haar te maken met haar eigen woorden.'”
“Ik weet meer over het verleden van de prinses dan welke sterveling ook, en het ware verhaal is minder sprookjesachtig dan de troubadours ons willen doen geloven.”
“Met z'n grappen en vrolijke wijsjes bracht de troubadour het publiek in een uitgelaten stemming.”
ERK-niveau
B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.