Betekenis van bleef | Babel Free
Definities
enkelvoud verleden tijd van blijven
form-of
Voorbeelden
“Ik bleef.”
“Jij bleef.”
“Hij, zij, het bleef.”
“Ook daarna bleef hij tot op hoge leeftijd actief: hij hield lezingen en sprak geregeld op televisie over nog altijd dezelfde thema's: milieuvervuiling, vreemdelingenhaat, hebzucht.”
“Ik schopte mijn schoenen uit en bleef stokstijf in de gang staan.”
“Haar naam, Quick, paste goed bij haar, maar het bleef gissen of het haar lome of haar haastige kant was die haar karakter het meest weerspiegelde.”
ERK-niveau
A2
Elementair
Dit woord behoort tot de ERK A2-woordenschat — niveau elementair.
Dit woord behoort tot de ERK A2-woordenschat — niveau elementair.