Betekenis van enkelvoud | Babel Free
/ˈɛŋ.kəl.vɑu̯t/Definities
meervoud <vorm van een woord die aangeeft dat het om één persoon of zaak gaat> singulier (sɛ~gylje) mannelijk De eerste persoon enkelvoud van het werkwoord 'zijn' is 'ik ben'. La première personne du singulier du verbe 'zijn' est 'ik ben'. Het enkelvoud van 'kinderen' is 'kind'. Le singulier de 'kinderen' est 'kind'.
mannelijk
ERK-niveau
B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.