Betekenis van kracht | Babel Free
krɑxtDefinities
- uitwendige oorzaak die de bewegingstoestand van een lichaam verandert (voor zover er geen andere oorzaak is die dat tegengaat)
- geestelijk, zedelijk en fysiek vermogen, zie levenskracht, geestkracht, veerkracht, lichaamskracht
- omvang van het vermogen om veranderingen te veroorzaken
- factor die invloed uitoefent
- iemand die werkzaamheden verricht
Voorbeelden
“Volgens Newton is F gelijk aan het product m·a, waarbij F de kracht voorstelt, m de traagheid van het lichaam en a de versnelling van de beweging ervan.”
“Was hun koning, Willem de Veroveraar, niet tijdens een geweldige storm, dankzij de heilige Nicolaas, veilig van Normandië naar Engeland gevaren? Want Nicolaas was in staat de wind en de onstuimige kracht der golven te doen bedaren!”
“Ik vertelde hem eerlijk dat ik geen kracht meer had om de pas over te steken en dat ik het erg fijn zou vinden om het de volgende ochtend samen met hem te doen.”
“In die tijd zwommen we voornamelijk op kracht, dus je werd automatisch sneller naarmate je groeide.”
“de kracht van dit instrument om de economie bij te sturen is dus groot”
“Wij stellen vertrouwen in de kracht van de burgers om hun eigen leefomgeving in te vullen.”
“De anekdote laat zien dat Terlouws vertrouwen grensde aan naïviteit. Het was zijn kracht en zwakte. Zijn open houding bezorgde hem als D66-leider populariteit en stemmenwinst, maar toen het erop aankwam ging hij ten onder in de politieke slangenkuil.”
“Zij was door haar tact een onmisbare kracht voor het bedrijf.”
ERK-niveau
A2
Elementair
Dit woord behoort tot de ERK A2-woordenschat — niveau elementair.
Dit woord behoort tot de ERK A2-woordenschat — niveau elementair.
Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free