HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
Terug naar zoeken

hond

Zelfstandig naamwoord mannelijk CEFR A2 Common
ɦɔnt

Definities

  1. Canis lupus familiaris zoogdier uit de familie van de hondachtigen (Canidae), en een gedomesticeerde ondersoort van de wolf die al sinds duizenden jaren door mensen op alle continenten wordt gebruikt
  2. landmaat ter waarde van 100 roeden [3]
  3. minderwaardig persoon
    pejorative

Equivalenten

Englishdog
Españolcanperro
56 andere talen
Afrikaanshond
العربيةكلب
Беларускаясаба́ка
Българскикуче
বাংলাকুকুর
Catalàcagosgossa
Češtinapes
Cymraegci
Danskhund
Esperantohundo
Eestikoer
فارسیسگ
Suomikoira
Gàidhligmadadh
Galegocan
ગુજરાતીકૂતરો
עבריתכלב
Magyarebkutya
Bahasa Indonesiaanjing
Íslenskahundur
日本語
한국어
Kurdîkûçkûçikse
Latinacanis
LëtzebuergeschHond
Lietuviųšuo
Latviešusuns
Македонскипес
Монголнохой
Maltikelb
Portuguêscachorrocão
Românăcâine
Slovenčinapessukašuká
Slovenščinapespsica
Shqipqen
Svenskahund
Kiswahilimbwa
Tagalogaso
Türkçeitköpek
Українськапессобака
O'zbekchait
Tiếng Việtchớchochợ
繁體中文狗肉

Voorbeelden

“De hond rent achter de bal aan.”

The dog is running after the ball.

Zijn hond is zijn beste vriend.”

His dog is his best friend.

Het hondje speelt in de tuin.”

The little dog is playing in the garden.

Een hond moet regelmatig uitgelaten worden.”
Maar er zijn ook veel verleidingen en risico’s op de werkvloer te vinden of als je de hond uitlaat.”
Pas een hele tijd later klonk in de verte een politiesirene, gevolgd door het geluid van blaffende honden.”
Vuile hond!”

ERK-niveau

A2
Elementair
Dit woord behoort tot de ERK A2-woordenschat — niveau elementair.
See all A2 Nederlands words →

Zie ook

Leer dit woord in context

Bekijk hond gebruikt in echte gesprekken in onze gratis Spaanse cursus.

Gratis cursus starten

Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free