HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
Terug naar zoeken

deur

Zelfstandig naamwoord vrouwelijk CEFR A1 Common
døːr

Definities

  1. een afsluiting van een toegang tot een ruimte, gemaakt van hout, metaal of kunststof
  2. een afsluiting van een toegang tot een kast

Equivalenten

Englishdoor
Españolpuertauzo
30 andere talen
Afrikaansdeur
Catalàporta
Cymraegdrws
DeutschOstiumTür
Esperantopordo
Eestiüksuks
Euskaraate
فارسیدر
Suomiovi
Magyarajtó
Bahasa Indonesiadobrakpintu
ქართულიკარი
한국어
Lëtzebuergeschdier
Portuguêsporta
Slovenčinadvere
Slovenščinavrata
Svenskadörr
Tagalogpinto
Türkçebabbapkapı
Українськадверний
Tiếng Việtcủacua
中文
繁體中文

Voorbeelden

“Ze opende de deur en stapte de kamer binnen.”

She opened the door and stepped into the room.

“De deur van het huis was blauw.”

The door of the house was blue.

Hij klopte op de deur.”

He knocked on the door.

“De deur werd met een koevoet uit zijn sponningen gelicht.”
Terwijl ik goedkeurend met mijn vinger langs de vergulde lambrisering streek, de dikte voelde van de stof van de zware, oker overgordijnen en de stoel wegschoof om de openslaande te openen naar het terras, dat uitzicht bood op de rozentuin, of wat daarvan over was, en de vijver met de defecte fontein, bedacht ik dat ik nog tijd genoeg zou hebben om deze kamer en detail te beschrijven.”
“Ze opende het deurtje en haalde er een klein potje uit.”

ERK-niveau

A1
Beginner
Dit woord behoort tot de ERK A1-woordenschat — niveau beginner.
See all A1 Nederlands words →

Zie ook

Leer dit woord in context

Bekijk deur gebruikt in echte gesprekken in onze gratis Spaanse cursus.

Gratis cursus starten

Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free