HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
Terug naar zoeken

fietsreis

Zelfstandig naamwoord CEFR B2

Definities

een vakantie waarbij fietsen de belangrijkste activiteit is

Voorbeelden

“Cardoen houdt zijn⟳ zitje in de raad van bestuur. ‘Ik ga me ook nog wat bezighouden met onze bedrijfsgebouwen. Heel veel minder ga ik niet werken⟳’, zegt hij. ‘Ik ga ook wel wat meer tijd maken⟳. Om te gaan⟳ reizen⟳ bijvoorbeeld. Naar Vietnam. Een fietsreis.’”
“Begin mei liet Ankone Oldenzaal achter zich om te beginnen⟳ aan een fietsreis van onbepaalde duur en met onbekende bestemming.”
“Ellen en Elmar van Drunen fietsen⟳ al tien jaar samen. Ze reden⟳ overal op de wereld. Door Alaska, Tsjechië, Shangri-La in China, en in de sneeuw op de Pamir Highway in Tadzjikistan, op een dieet van yakboterthee en geitenbotjes. Maar dat waren⟳ korte reizen⟳. In september verlieten ze huis en haard voor een fietsreis van twee jaar door Zuid- en Noord-Amerika.”

ERK-niveau

B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
See all B2 Nederlands words →

Zie ook

Leer dit woord in context

Bekijk fietsreis gebruikt in echte gesprekken in onze gratis Spaanse cursus.

Gratis cursus starten

Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free