Betekenis van vlegelen | Babel Free
/ˈvleɣələ(n)/Definities
-
herhaald slaan met een slaghout dat beweeglijk aan een steel is verbonden om graankorrels los te maken van de aren historical, transitive
-
een pak slaag geven figuratively, transitive
-
ondeugend zijn, zich als een kwajongen gedragen unergative
Voorbeelden
“Het graan werd gevlegeld.”
“⧖ Aan het dorschen is geen aardigheid meer aan! De harde leemvloeren van den deel hebben hun beteekenis verloren nu alles machinaal en onder controle gaat. Maar als ge het den boer vraagt, ja, dan was er aan het vlegelen wel meer aardigheid.”
“Gil was razend. Uithouden? Hij zou Kimbed afranselen als een hond. Uithouden? Over de touwen zou hij Kimbed vlegelen.”
“Vooral de jongen wordt het in huis veel te eng, zoals trouwens ook reeds gedurende de twee vorige jaren: met soortgenoten trekt hij er op uit om te zwemmen, straten en pleinen onveilig te maken, akkers en fruittuinen te plunderen en de boeren in ’t harnas te jagen, om te stoeien, te ravotten, te rukken, te trekken, te „vlegelen” in één woord, zonder iemand of iets te ontzien.”
ERK-niveau
B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.