vakidioot
Definities
iemand heel goed is in zijn eigen kleine specialisme, dat vakgebied overdreven belangrijk vindt en geen belangstelling heeft in zaken die buiten zijn vak liggen
pejorative
Equivalenten
4 andere talen
Voorbeelden
“Ontwerpen⟳, desnoods ongevraagd, zoals voor het stuk bouwgrond naast hun villa. Stedenbouwkundige opdrachten superviseren. Jureren in wedstrijden. ‘Ik zal altijd die vakidioot zijn⟳. Het gedoe errond – ja, ik lees elke dag twee gazetten – heeft me nooit geïnteresseerd.”
“Dollekamp: „Je moet wel een beetje vakidioot zijn⟳ om je te storten⟳ op restauratie of herbestemming.” En Heuker of Hoek: „Het is de toekomst. En dat ze dat nu nog niet zien⟳ zitten⟳, is denk ik een stukje jeugdigheid. Dat komt nog wel.””
“Daarnaast is een leraar een vakidioot. Gepassioneerd en gedreven om het belang en de lol van zijn⟳ vak maar vooral de lol van het inzichten verkrijgen⟳ en het wijzer worden⟳ wil overbrengen. Dat alles heeft prioriteit boven actievoeren en al helemaal het laten⟳ uitvallen van lessen⟳.”
ERK-niveau
B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
Zie ook
Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free