HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← storten — definition

Conjugation of storten

Regular CEFR B2
ˈstɔr.tə(n)

zich ~ op zich volledig aan een bepaalde bezigheid gaan wijden Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik stort
jij / je stort
hij / zij / het stort
wij / we storten
jullie storten
zij / ze storten
Verleden tijd (o.v.t.)
ik stortte
jij / je stortte
hij / zij / het stortte
wij / we stortten
jullie stortten
zij / ze stortten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik storte
jij / je storte
hij / zij / het storte
wij / we storten
jullie storten
zij / ze storten
Aanvoegende wijs — verleden
ik stortte
jij / je stortte
hij / zij / het stortte
wij / we stortten
jullie stortten
zij / ze stortten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij stort
jullie (archaïsch) stort

Onbepaalde vormen

Infinitief
storten
Tegenwoordig deelwoord
stortend
Voltooid deelwoord
gestort

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary