Betekenis van pruikentijd | Babel Free
ˈprœy̯.kə(n)ˌtɛi̯tDefinities
een periode in de achttiende eeuw waarin het mode was in de deftige kringen om een pruik te dragen
Voorbeelden
“1875 March, P., letter, in Het Nederlandsch tooneel: kroniek en critiek, vol. 4, page 192. Zulke producten uit den pruikentijd zijn we ontwassen.”
We have outgrown such products of the Augustan Era.
“Het thema van het evenement is dit jaar opnieuw ‘Goddeloos Den Ham’. „In 2004 hebben we dit thema ook al gehad, volgens mij onder een andere naam”, geeft De Ruiter toe. „Inmiddels hebben we alle grote thema’s uit de Hammer geschiedenis wel gehad. Ga maar na: de pruikentijd, de Franse tijd, de Reformatie. Vandaar dat we inmiddels aan het rouleren zijn geslagen. Al kan ik al verklappen dat we de komende jaren rond het jaar 1800 zullen blijven zitten. Dat scheelt ons investeringen, bijvoorbeeld op het gebied van de kleding.”
“Om dit te onderbouwen, wijst hij op de collectie herenkleding die het museum bezit. In het verleden liet elke Amsterdamse man die een beetje geld had dat zien aan zijn kleding. In de zestiende eeuw had je de enorme molensteenkragen. In de zeventiende eeuw pandjesjassen van exotische stoffen. Daarna de pruikentijd, daarna het dandykostuum.”
ERK-niveau
C1
Gevorderd
Dit woord behoort tot de ERK C1-woordenschat — niveau gevorderd.
Dit woord behoort tot de ERK C1-woordenschat — niveau gevorderd.
Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free