Betekenis van indoorseizoen | Babel Free
/ˈɪndɔːrsɛiˌzun/Definities
deel van het jaar dat er voornamelijk overdekt atletiekwedstrijden worden gehouden; de periode van 1 oktober tot 1 april
Voorbeelden
“Van de atleten die aan de limieten hebben voldaan, maakte Nadine Visser in Apeldoorn indruk op de 100 meter horden. Visser, die tijdens het indoorseizoen een vervelende hamstringblessure opliep maar weer helemaal fit is, veroverde de titel in een tijd van 12,77. In de series had de nummer vijf van de Olympische Spelen al voor 12,84 getekend.”
“In Belgrado ontbrak Nederlands recordhoudster Nadine Visser. Het trainingsmaatje van Sedney, bij de vorige WK indoor in Birmingham goed voor brons, liep bij de NK een hamstringblessure op en beëindigde haar indoorseizoen.”
“Het 'outdoorseizoen'loopt van 1 april tot 1 oktober. Het 'indoorseizoen' loopt van 1 oktober tot 1 april. Maar het is dus niet zo dat tijdens het 'outdoorseizoen' alleen maar outdoorwedstrijden georganiseerd mogen worden en andersom. Dit is te vinden in het Algemeen Wedstrijdreglement in de begripsbepalingen.”
ERK-niveau
C1
Gevorderd
Dit woord behoort tot de ERK C1-woordenschat — niveau gevorderd.
Dit woord behoort tot de ERK C1-woordenschat — niveau gevorderd.