Betekenis van uithuizig | Babel Free
/œyt'hœyzəx/Definities
- vaak van huis zijnde
- nu niet thuis zijn
Voorbeelden
“Is de huisvrouw nog wanhopig? Dat schijnt nogal mee te vallen. Ze zwaait even met de plumeau, geeft de stofzuiger een tik, doet alsof er grootse werken zijn gepland en zegt dan: ’Grapje.’ Vervolgens wandelt ze in haar mooiste kleren de deur uit. De baby mag mee, die kan niet jong genoeg leren om uithuizig te zijn.”
“De opsporingsambtenaren Henk Krejenzang en Bert Leferink halen verwaarloosde tweewielers feilloos uit de rekken. Ook al staan ze op slot. "Je ziet in één oogopslag of zo'n fiets nog een eigenaar heeft", zegt Krejenzang. "Jonge mensen die uithuizig zijn laten dikwijls hun oude fiets bij het station achter", weet Krejenzang.”
ERK-niveau
B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.