Betekenis van Angelsaksisch | Babel Free
ˌɑ.ŋəlˈsɑk.sisDefinities
West-Germaanse taal die tussen ca. tussen 400 en 1100 werd gesproken en die geldt als de rechtstreekse voorloper van het Middelengels
linguistics, no-plural
Equivalenten
Bosanski
Anglosas
Cymraeg
Eingl-Sacson
Dansk
oldengelsk
Deutsch
Altenglisch
altenglische Sprache
Angelsachse
Angelsächsin
angelsächsisch
angelsächsische Sprache
Esperanto
anglosaksa
Galego
anglosaxón
Hrvatski
Anglosas
Magyar
angolszász
Íslenska
fornenska
Қазақша
англосаксондық
Kurdî
anglosaksî
Latina
Anglosaxones
Română
engleză veche
Српски
Anglosas
Українська
англосаксонський
Voorbeelden
“Het Angelsaksisch werd een lange tijd gesproken.”
“Daar kunt u nooit aan tippen, aan mijn Creools en Congolees, aan mijn Spaans en Hindi en Frans en Ibo, aan mijn Engels en Bhojpuri, Yoruba en Mandingo "'Lawrie lachte opnieuw. '0, wat had ik dan graag zijn gezicht willen gezien,' zei ik, terwijl ik mijn glas cider leegdronk. 'Met zijn AngelsaksischZijn wat?Met zijn rijtjeshuis, met een raam waar ze nooit echt door naar buiten kijken, omdat ze denken dat ze iedere struik, iedere bloem, de bast van elke boom, de stemming van elke wolk, al kennen.”
ERK-niveau
C1
Gevorderd
Dit woord behoort tot de ERK C1-woordenschat — niveau gevorderd.
Dit woord behoort tot de ERK C1-woordenschat — niveau gevorderd.
Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free