Betekenis van tompouce | Babel Free
/tɔmˈpus/Definities
- in Nederland veel gegeten rechthoekig gebakje, bestaande uit een laagje bladerdeeg met daaroverheen een dikke laag vanillebanketbakkersroom, daaroverheen zit weer een laagje bladerdeeg bedekt met een laagje, meestal roze of oranje, glazuur
-
korte paraplu voor dames historical
-
klein rijtuig historical
Voorbeelden
“De tijd dat pa en ma alleen een tompouce bij de bakker haalden na de examenuitslag, lijkt definitief voorbij. Ouders gaan voor groot, groter, grootst wanneer hun kind geslaagd is op de middelbare school. Uit een enquête van deze krant onder 275 ouders blijkt dat vier op de vijf flink uitpakken met een cadeau.”
“In september vorig jaar ontstonden de eerste verzakkingen. Gisteren zakte opnieuw een groot stuk de diepte in. Bij het plaatsje Tribsees (zo'n 200 kilometer ten oosten van Hamburg) oogt de snelweg over een lengte van honderd meter als de verbrokkelde suikerlaag van een tompouce.”
“De wind stak op. En de grauwe lucht werd al-dreigender. Carry klemde de tompouce vaster onder de arm. Enfin, je hoed en je bont dat was 't voornaamste, als je die dan maar droog kon houën, en je roos dan... en je schoenen, nee je schoenen, dat zou niet gaan.”
“⧖ Met schrik zag ze, dat haar mooie, nieuwe parapluutje, zoo'n tompouce van blauwe zij, verdwenen was.”
“⧖ Doch André was met die bijzonderheid nog onbekend, en eerst nu merkte hij op, dat bij dat kleinere hek, aan gene zijde van het boschje, een elegante, met twee paarden bespannen tom-pouce stapvoets heen en weder gereden werd.”
“⧖ Zij lagchen een harer goede vrienden, die in een tompouce naar de beurs rijdt, reeds van verre toe.”
ERK-niveau
B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.