HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← bespannen — definition

Conjugation of bespannen

Regular CEFR B2
ˌbəˈspɑ.nə(n)

overspannen met weefsel, draden, snaren enz Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik bespan
jij / je bespant
hij / zij / het bespant
wij / we bespannen
jullie bespannen
zij / ze bespannen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik bespande
jij / je bespande
hij / zij / het bespande
wij / we bespanden
jullie bespanden
zij / ze bespanden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik bespanne
jij / je bespanne
hij / zij / het bespanne
wij / we bespannen
jullie bespannen
zij / ze bespannen
Aanvoegende wijs — verleden
ik bespande
jij / je bespande
hij / zij / het bespande
wij / we bespanden
jullie bespanden
zij / ze bespanden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij bespan
jullie (archaïsch) bespant

Onbepaalde vormen

Infinitief
bespannen
Tegenwoordig deelwoord
bespannend
Voltooid deelwoord
bespannen

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary