HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← Terug naar zoeken

Betekenis van strak | Babel Free

Bijvoeglijk naamwoord CEFR B1 Frequent
strɑk

Definities

  1. nauwzittend, zonder plooien, glad
  2. onaangedaan, stoïcijns, zonder blijk te geven van emotie
  3. streng, strikt, zonder dat er veel vrijheid wordt geboden
  4. zonder franje, rechttoe rechtaan
  5. met weinig financiële ruimte, krap
  6. helemaal in orde
    informal

Equivalenten

English strict tense

Voorbeelden

“Ze draagt een wit T-shirt boven een strakke spijkerbroek.”
“Zijn T-shirt trekt strak bij zijn onderrug.”
“Met een strak gezicht houdt hij vol dat hij het niet gedaan heeft.”
“' Ze keek me strak aan en nam nog een trekje.”
“Olive keek strak naar haar bord.”
“In zijn huis gelden strakke regels.”
“De sporter werkt volgens een strak schema.”
“De strak opgemaakte kamer wist ik in no time te transformeren tot een stinkende rotzooi.”
“Die kunststroming wordt gekenmerkt door functionaliteit en strakke vormgeving.”
“Wow, wat een strak idee!”

ERK-niveau

B1
Gemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
See all B1 Nederlands words →

Zie ook

Leer dit woord in context

Bekijk strak gebruikt in echte gesprekken in onze gratis Spaanse cursus.

Gratis cursus starten

Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free