Betekenis van mankeren | Babel Free
ˌmɑŋˈkeː.rə(n)Definities
-
een gebrek hebben impersonal
-
iets ~ aan: een gebrek vertonen absolute
-
iets ~: een ziekte of gebrek hebben absolute
-
te laat zijn om mee te reizen transitive
Equivalenten
Voorbeelden
“Iets mankeerde aan de kinderen op de slaapzaal, die allemaal moesten overgeven.”
The children in the dormitory, who all had to vomit, had some illness.
“Wat mankeert er met jou, honneponnetje?”
What′s wrong with you, honeybun?
“Het mankeert hun aan een goed leerboek.”
They lack a good textbook.
“Hij mankeert veel.”
There's a lot wrong with him.
“Deze hond mankeert iets aan zijn staart.”
This dog has a condition in his tail. (not an innuendo)
“Het mankeerde hem aan doorzettingsvermogen.”
“Er mankeerde van alles aan die vertaling.”
“Hij heeft nog nooit iets gemankeerd.”
“Hij liep hard, maar mankeerde toch de trein.”
ERK-niveau
C2
Beheersing
Dit woord behoort tot de ERK C2-woordenschat — niveau beheersing.
Dit woord behoort tot de ERK C2-woordenschat — niveau beheersing.
Zie ook
Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free