HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← Terug naar zoeken

Betekenis van zaal | Babel Free

Zelfstandig naamwoord vrouwelijk
/zaːl/

Voorbeelden

“1829, Carl Spindler, De jezuit; een zedekundig tafereel uit den aanvang der achttiende eeuw, Volume 2, tr. from High German, de erven François Bohn (publ.), page 179. […] hij valt, en wordt een prooi van den overwinnaar, die hem de veren uittrekt, er het zaal van zijn paard mede ver/iert, en lagchend met zijne vrienden de vlakte oprent.”

(please add an English translation of this quotation)

Zie ook

Leer dit woord in context

Bekijk zaal gebruikt in echte gesprekken in onze gratis Spaanse cursus.

Gratis cursus starten