HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← Terug naar zoeken

Betekenis van bijbelboek | Babel Free

Zelfstandig naamwoord CEFR B2
/ˈbɛibəlˌbuk/

Definities

  1. elk van de werken die een zelfstandig onderdeel vormen van het heilige boek van de christenen
  2. exemplaar van de Bijbel
  3. verouderde spelling of vorm van Bijbelboek vanaf 1955 tot 2006
    form-of

Voorbeelden

“Ik heb een in leer gebonden bijbelboek gekocht.”
“O ja, het onderste plaatje heb ik wel zelf gezien in mijn bijbelboek met uitleg.”
“„Abraham!” slikt zij tot haar moeder en ziet bevend in haar bijbelboek, terwijl haar vader dankt.”
“Op de vertaling van het Bijbelgenootschap rust een embargo tot die 27ste, maar gedeelten uit die vertaling, waaronder het bijbelboek Prediker, zijn reeds gepubliceerd, en dat bijbelboek kun je bovendien van internet plukken.”
“Al vanaf de invoering van de nieuwe kaart weigerde Andrea de kaart te gebruiken. Ze zegt dat ze de badge niet kan dragen vanwege haar religieuze overtuiging. Volgens haar is de invoering van de kaart "een teken van de duivel", een verwijzing naar het Bijbelboek Openbaringen. Ook vindt ze het een eng idee dat iedereen haar altijd kan vinden.”
“De boekjes zijn voor een deel origineel op het kleine formaat gemaakt. Ook bevat de collectie miniatuurversies van onder meer het Bijbelboek Prediker en een boek met omschrijvingen en plaatjes van insecten.”

ERK-niveau

B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.

Zie ook

Leer dit woord in context

Bekijk bijbelboek gebruikt in echte gesprekken in onze gratis Spaanse cursus.

Gratis cursus starten