HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← gebruiken — definition

Conjugation of gebruiken

Regular CEFR A1
ɣəˈbrœy̯kə(n)

zich bedienen van, toepassen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik gebruik
jij / je gebruikt
hij / zij / het gebruikt
wij / we gebruiken
jullie gebruiken
zij / ze gebruiken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik gebruikte
jij / je gebruikte
hij / zij / het gebruikte
wij / we gebruikten
jullie gebruikten
zij / ze gebruikten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik gebruike
jij / je gebruike
hij / zij / het gebruike
wij / we gebruiken
jullie gebruiken
zij / ze gebruiken
Aanvoegende wijs — verleden
ik gebruikte
jij / je gebruikte
hij / zij / het gebruikte
wij / we gebruikten
jullie gebruikten
zij / ze gebruikten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij gebruik
jullie (archaïsch) gebruikt

Onbepaalde vormen

Infinitief
gebruiken
Tegenwoordig deelwoord
gebruikend
Voltooid deelwoord
gebruikt

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary