HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
Terug naar zoeken

Tswana

Zelfstandig naamwoord CEFR B1
ˈtswana

Definities

  1. Bantoetaal die wordt gesproken door 4,5 miljoen mensen in Botswana en Zuid-Afrika
    linguistics, no-plural
  2. iemand die behoort tot het volk van de Tswana
  3. meervoud van het zelfstandig naamwoord Tswana
    form-of, plural
  4. volk dat leeft in zuidelijk Afrika
    plural-only

Equivalenten

EnglishTswana
Françaistswana
DeutschSetswana
11 andere talen
Ελληνικάτσουάνα
Suomitswana
Italianotswana
Kurdîtswana
Portuguêstswana
Русскийтсвана
KiswahiliKitswana
SetswanaSetswana
isiZuluisiTshwana

Voorbeelden

“In Botswana wordt vooral Tswana gesproken.”
“Macht en rijkdom zijn⟳ van elkaar afhankelijk geworden, meent Good. De lokale taal Tswana gebruikt voor die twee begrippen zelfs hetzelfde woord: kgosi.”
“Volgens de interim-grondwet zijn⟳ er elf officiële talen⟳: Afrikaans, Engels, Zoeloe, Xhosa, Swazi, Noord- en Zuid-Sotho, Tswana, Ndebele, Venda en Tsonga.”
“Hier proberen⟳ ze nu ook de Tswana, de Boer en de Zoeloe in één volk te stoppen⟳.”
“„We kwijnen⟳ weg in ellende”, vertelt Martin, een jonge San in d'Kar. „Voor de Tswana, de heersers van Botswana, zijn⟳ wij veejongens.””
“Basters die deelnamen aan het verzet tegen de apartheid krijgen⟳ daar geen erkenning voor. Andere, zwarte volken – de Ovambo in Namibië en de Xhosa, Zulu en Tswana in Zuid-Afrika – krijgen⟳ voorrang.”
“Anders dan Angola, Zimbabwe of Congo kent Botswana slechts één etnische groepering: de Tswana.”

ERK-niveau

B1
Gemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
See all B1 Nederlands words →

Zie ook

Leer dit woord in context

Bekijk Tswana gebruikt in echte gesprekken in onze gratis Spaanse cursus.

Gratis cursus starten

Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free