Betekenis van ovendeur | Babel Free
Definities
de deur die een oven afsluit tijdens het bakken en waardoor de voorwerpen die gebakken moeten worden of zijn gebakken zijn de oven in- en uitgebracht kunnen worden
Voorbeelden
“Snijd de tomaten in vieren en rooster ze met een beetje olijfolie in de oven op 150 graden in 2,5 tot 3 uur tot ze rimpelig zijn. Laat de ovendeur op een kiertje staan zodat het vocht kan verdampen.”
“Exact 33 minuten later laat de oven een doordringend geluid horen. Als Van Horssen de ovendeur opent, trekt een witte waas de bakkerij in. Twee volle karren met prachtig bruin gebakken broden komen tevoorschijn. Vlug wippen de bakkers de broden iets uit het bakblik. „Dan blijft ook de onderkant knapperig en kunnen ze goed afkoelen.””
ERK-niveau
B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.