Betekenis van zodensnijder | Babel Free
/ˈzodə(n)ˌsnɛidər/Definities
- landbouwmachine die rechthoekige stukken met gras begroeide grond afsteekt
-
landarbeider die rechthoekige stukken met gras begroeide grond afsteekt historical
Voorbeelden
“Hij heeft een nieuwe zodensnijder aangeschaft.”
“Er waren bovendien landbouwmachines op alle gebied, t.w. een maaimachine, dorsmachine met rosmolen, zaaimachine, schoffelploeg of extinpator, hooischudder, hooihark, haver- en bonenbreker, drie wortelsnijders, boekweitschoner, drie strosnijders, zaadwinden, zodensnijder, twee ronddraaiende eggen, ketting-eg, gewone eg, zes ploegen, aardappelrooier, rijenschoffel, vorenschoffel, koekmolen, zaadschoner en twee kleine zaadmachines.”
“De zodensnijders kregen maar weinig loon betaald.”
“Onder de gespecialiseerde werklieden zijn er 8 goede zodensnijders en 8 zodenleggers.”
ERK-niveau
C1
Gevorderd
Dit woord behoort tot de ERK C1-woordenschat — niveau gevorderd.
Dit woord behoort tot de ERK C1-woordenschat — niveau gevorderd.