HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← Terug naar zoeken

Betekenis van koord | Babel Free

Zelfstandig naamwoord vrouwelijk
/koːrt/

Voorbeelden

“Ik heb een koord nodig om dit pakket te binden.”

I need a cord to tie this package.

“Ze droeg een ketting aan een dun koordje.”

She wore a necklace on a thin cord.

“De acrobaat balanceerde op een strak koord.”

The acrobat balanced on a tight rope.

Zie ook

Leer dit woord in context

Bekijk koord gebruikt in echte gesprekken in onze gratis Spaanse cursus.

Gratis cursus starten