Betekenis van echtpaar | Babel Free
ˈɛxt.paːrEquivalenten
Azərbaycanca
ər-arvad
Dansk
ægtepar
Ελληνικά
ανδρόγυνο
English
married couple
Suomi
aviopari
Français
couple marié
Galego
matrimonio
Magyar
házaspár
Kurdî
çift
नेपाली
जोइ पोइ
Português
casal
Kiswahili
wanandoa
ไทย
คู่สมรส
Українська
подружжя
Voorbeelden
“Het echtpaar doet vrijwel alles samen.”
“Ik ken geen echtpaar dat geen problemen heeft gehad.”
“Het echtpaar loopt weg langs de mahoniehouten lambrisering, de met rode vlekken besmeurde tafelkleden, de omgegooide zilveren kannen en de voedselresten.”
ERK-niveau
C2
Beheersing
Dit woord behoort tot de ERK C2-woordenschat — niveau beheersing.
Dit woord behoort tot de ERK C2-woordenschat — niveau beheersing.
Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free