Betekenis van tuimelde | Babel Free
Definities
enkelvoud verleden tijd van tuimelen
form-of
Voorbeelden
“Ik tuimelde.”
“Jij tuimelde.”
“Hij, zij, het tuimelde.”
“'Johanne zal de ketting toch na mij erven, ze kan hem nu al krijgen'Christa rende zachtjes snikkend naar de schuifdeuren, struikelde en stootte haar gezicht tegen de deur en tuimelde verder, nu hardop huilend. Oscar kwam bliksemsnel overeind en ging achter haar aan.”
ERK-niveau
B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.