Betekenis van omer | Babel Free
/ˈomər/Definities
- garve, schoof (8×: Lev. 23:10 +, Deut. 24:19, Job 24:10, Rt. 2:7, 2:15); in het bijzonder offer van een schoof gerst dat in de tempel gebracht werd op de tweede dag van Pesach (zie Lev. 23:10-12)
-
jongensnaam masculine, name
- omertijd, de 49 dagen tussen het brengen van de omer-1 op Pesach en Sjavoeot (het zogeheten 'omer tellen', zie Lev. 23:15-16); deze tijd geldt als periode van halve rouw, omdat volgens de traditie daarin een groot aantal leerlingen van rabbi Akiva stierf aan de pest
- inhoudsmaat voor koren; een omer is een tiende efa volgens Ex. 16:36 (6×: Ex. 16:16 +)
Voorbeelden
“Mijn tolk Jelena had mij Omer aanbevolen.”
“'Twee kanten van dezelfde medaille, ' vertelde Jelena, toen ze het werk van Omer beschreef.”
ERK-niveau
C2
Beheersing
Dit woord behoort tot de ERK C2-woordenschat — niveau beheersing.
Dit woord behoort tot de ERK C2-woordenschat — niveau beheersing.